Weldra 'acquisitienieuws' Van Leer

LONDEN, 4 SEPT. Verpakkingsproducent Van Leer deed gisteren voor het eerst na de beursgang een openbaar examen met de presentatie van de halfjaarcijfers. Bestuursvoorzitter Willem de Vlugt toonde dan ook de gretigheid van de student die na maanden blokken popelt om de verworven kennis te spuien. “U heeft een tijdje helaas niets van ons gehoord”, zei De Vlugt, “maar de radiostilte is spoedig voorbij. We hebben wat potjes op het vuur staan.”

Daarmee doelde De Vlugt op de overnames die de komende tijd gedaan zullen worden. Overnames zijn de reden dat het voormalige familiebedrijf Koninklijke Emballage Industrie Van Leer in mei van dit jaar naar de Amsterdamse effectenbeurs ging om kapitaal aan te trekken. Overnames zijn ook een belangrijk middel voor Van Leer om de bij de beursgang geformuleerde financiële doelstellingen te halen.

Traditioneel ligt de kracht van Van Leer in de industriële verpakkingen, met als oudste en meest uitgesproken produkt de steel drum voor olie. In deze sector is Van Leer met een omzet van 934 miljoen gulden in het eerste halfjaar liefst zes keer zo groot als de nummer twee. De produktgroep consumentenprodukten (tandpastatubes, ijswikkels, koekjespakken) is de industriepoot inmiddels voorbij gestreefd met een omzet van 1,13 miljard gulden. Ook de winst komt in toenemende mate uit deze groep, die wereldwijd een veel minder dominante positie heeft.

Het kapitaal dat dit voor jaar werd opgehaald is dan ook vooral bedoeld om de aankoop van andere producenten van consumentenverpakkingen te betalen. De Vlugt gaf gisteren aan op zoek te zijn naar kandidaten in de Verenigde Staten en bijvoorbeeld China, waar “ontelbare hoeveelheden noedelbakjes” te produceren zijn. Sinds de beursgang is er echter nog niets gekocht, werd een Amerikaans bedrijf als te duur beschouwd en ketste een acquisitie in Frankrijk af. De aankoop van het Britse Plastona (kuipjes en deksels) en het Australische Smorgons (vormkarton) werd al daarvoor gedaan. “U zult snel iets horen”, kondigde De Vlugt aan.

De cijfers over het eerste half jaar tonen dat Van Leer met de financiële doelen meer op schema ligt. Het eigen vermogen is toegenomen van 32,8 tot 42,5 procent van het balanstotaal, vooral dankzij de aandelenemissie die 250 miljoen gulden vers kapitaal in het laatje bracht. Het streefcijfer is 40 procent, een gebruikelijk cijfer voor een kapitaalsintensief bedrijf als Van Leer. Het kopen van bedrijven zal dat cijfer iets drukken, doordat de overnamepremie als goodwill van het eigen vermogen moet worden afgeboekt. “Het kan zo'n 38, 39 procent worden, maar zeker geen 34, 35 procent”, zei De Vlugt.

Van Leer streeft naar een volumegroei van 2 tot 3 procent per jaar. In de eerste zes maanden nam de omzet al met 1,7 procent toe tot 2,064 miljard gulden, zodat de buit voor 1996 al nagenoeg binnen is. De omzet werd met ongeveer 30 miljoen gulden gedrukt door een forse daling van de oud-papierprijs. Van Leer handelt in oud papier als uitvloeisel van de leveranties van deze grondstof aan de verpakkingsfabrieken en verdient daarmee jaarlijks zo'n 3 miljoen gulden, of de prijs nu hoog of laag is.

Moeilijker wordt het om over vijf jaar de doelstelling voor de winstgevendheid te halen. Van Leer hanteert daarvoor het bruto-bedrijfsresultaat (winst uit gewone bedrijfsuitoefening voor rentelasten, belastingen en financiële baten) als percentage van wat wordt aangeduid als bedrijfskapitaal (verkort balanstotaal). Het bruto-bedrijfsresultaat was in de eerste helft 105 miljoen gulden, een bedrag dat geëxtrapoleerd voor het hele jaar neerkomt op 210 miljoen gulden. Dat is 9,9 procent van het bedrijfskapitaal van 2,2 miljard gulden.

Om de beoogde 15 procent te halen moet het bedrijfsresultaat met zo'n 50 procent stijgen tot ruim 300 miljoen gulden in het jaar 2001, aangenomen dat het bedrijfskapitaal gelijk blijft.

De resultaatgroei bij consumentenverpakkingen stemt De Vlugt tevreden. In het eerste halfjaar nam het bruto-bedrijfsresultaat in deze produktgroep toe van 38 tot 60 miljoen gulden. Bij de produktgroep industriële verpakkingen daalde het resultaat echter van 57 tot 45 miljoen gulden. De totale stijging van het bedrijfsresultaat van 95 tot 105 miljoen gulden was daardoor niet indrukwekkend.

Het bruto-bedrijfsresultaat over 1996 kan overigens gunstiger uitvallen dan het geprojecteerde cijfer van 210 miljoen. “Vorig jaar was het hier een beetje een boerenbedrijf, waarin de prijzen en de volumes voortdurend schommelden. Hopelijk dat het dit jaar normaler verloopt”, verzuchtte De Vlugt.

De beleggers hebben er nog niet te veel vertrouwen in. De afgelopen maanden is de koers nauwelijks boven de introductieprijs van 32 gulden uitgekomen en ondanks de forse winststijging sloot het aandeel gisteren onveranderd op 32,90 gulden.

De Vlugt probeerde gisteren de kaken op elkaar te houden: “Natuurlijk heb ik mijn gedachten over de beurskoers, maar die verandert heus niet als ik daar wat over zeg.”