VNO laakt het beleid van Melkert

DEN HAAG, 4 SEPT. Het kabinet-Kok “begint door te slaan” met lastenverlichting aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Het geld dat het kabinet besteedt aan lastenverlichting voor mensen met een minimumloon had beter besteed kunnen worden voor een algemene lastenverlichting.

Deze kritische kanttekening uitte voorzitter Blankert van de werkgeversvereniging VNO-NCW gisteren tijdens een persconferentie. Blankert toonde zich “gematigd tevreden” over de kabinetsplannen voor 1996. “Wij lijken zonder hakken over de sloot voor het EMU-examen te gaan slagen.” Op basis van de begroting 1997 wordt begin 1998 door de regeringsleiders van de landen van de Europese Unie een beslissing genomen of Nederland zich kwalificeert voor de Economische en Monetaire Unie.

De lasten voor burgers en bedrijfsleven worden volgend jaar met ongeveer 800 miljoen gulden verlaagd. Op instigatie van minister Melkert (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) wordt de specifieke afdrachtskorting volgend jaar verder verruimd. Voor werkgevers kan de lastenverlichting voor werknemers die niet meer dan 115 procent van het wettelijk minimumloon verdienen in totaal oplopen tot 6500 gulden per jaar. Blankert: “Ik heb het gevoel dat de dosering van de maatregelen voor de onderkant van de arbeidsmarkt te veel begint door te slaan naar Melkert-banen en specifieke, extra lastenverlichting aan de onderkant van de arbeidsmarkt.”

Blankert maakt ook de resultaten bekend van een conjunctuuronderzoek. 57 Procent van de ondernemingen verwacht dit jaar een omzetstijging terwijl 20 procent een daling verwacht. Per saldo verwacht 37 procent van de ondernemingen een omzetstijging in 1996, beduidend meer dan de 28 procent in 1995. Voor 1997 zijn de verwachtingen nog gunstiger; het saldo van stijgers en dalers bedraagt volgens het onderzoek 44 procent. Ook ten aanzien van rendement, investeringen en werkgelegenheid is het aantal ondernemingen dat in 1996 een stijging verwacht in alle sectoren groter dan het aantal ondernemingen dat verwacht te dalen.

De werkgelegenheid blijft groeien, zo blijkt uit het onderzoek. In 1995 verwachtte 9 procent van de ondernemers dat de werkgelegenheid zou toenemen; in 1996 is dat 15 procent. Het toenemende ondernemersvertrouwen in de economie is de verklaring voor het steeds groter accent op vaste banen in het afgelopen jaar. De groei van de werkgelegenheid zal ook dit jaar zijn geconcentreerd in de dienstensector, terwijl het aantal banen in de industrie nog steeds daalt.