Vieze man in ouderwets ijsparadijs

A comédia de Deus. Regie: João César Monteiro. Met: João César Monteiro, Cláudia Teixeira, Manuela de Freitas. In: Amsterdam, Rialto; Utrecht, 't Hoogt.

In 1989 verraste de Portugese regisseur en voormalig filmcriticus João César Monteiro met Recordaçoes da casa amarela (Herinneringen aan het gele huis), een wat lang uitgevallen, maar van aangenaam-droogkomische zelfspot vervuld portret van een door de regisseur vertolkte zonderling, luisterend naar de naam João de Deus (Jan van God). Dandy, donquichot en fetisjist, verzamelde João meisjesschaamhaar, daagde de gevestigde orde uit en wentelde zich in plechtstatig viezemannengedrag.

In het vorig jaar in Venetië met de Speciale Juryprijs bekroonde vervolg, A comédia de Deus, lijkt Monteiro's alter ego nog gekker geworden. Hij is inmiddels bedrijfsleider van een ouderwetse ijssalon in Lissabon ('Paraiso do gelado', het IJsparadijs), predikt daar ambachtelijke discipline en hygiëne, voegt aan jonge verkoopsters ontfutselde nieuwe trofeeën toe aan zijn schaamhaaralbum en fulmineert tegen de heel Europa veroverende Amerikaanse 'ice cream'-smurrie - een nauw verholen metafoor van het windmolengevecht van de Europese filmdignitarissen tegen Hollywood. Wanneer hij een veertienjarige slagersdochter verleidt tot een melkbad en het plaats nemen op een hoornvormig krukje vol rauwe eieren, moet hij dit vruchtbaarheidsritueel bekopen met een pak slaag van haar vader en een verlies van zijn paradijselijke ijsverkopersbestaan.

Meer dan een glimlach levert deze extreem gestileerde en tergend trage herhalingsoefening nauwelijks op, en dat is weinig voor ruim twee uur en drie kwartier. Naar het aangekondigde slot van Monteiro's trilogie kijk ik dan ook niet bepaald meer reikhalzend uit.