Britse cornerkoning in de overgangsklasse

Calum Giles scoorde 41 keer in 61 interlands voor het Britse hockeyteam. Hij speelt komend seizoen voor Laren. Gisteren maakte de strafcornerspecialist kennis met de ambitieuze club uit de overgangsklasse.

LAREN, 4 SEPT. Strafcornerspecialisten en doelpunten, het is als een twee-eiige tweeling. Vraag het Calum Giles. “Scoren zit in mijn bloed. Oog in oog met de doelman kan ik mij volledig afsluiten van de rest van de wereld en mezelf geheel en al concentreren op datgene waar ik goed in ben: doelpunten maken. Dat is mijn kracht.”

Hockeyclub Laren sloot gisteren zijn nieuwe aanwinst in de armen en de nieuwe aanwinst sprak op zijn beurt woorden die zijn gastheren als muziek in de oren klonken. “Scoren zal ik en veel ook. Want dat doe ik altijd en overal. Dus waarom niet bij Laren?”

Wonderkinderen beloven wonderen. Toen Ronaldo twee jaar geleden zijn opwachting maakte bij PSV, stelde de spits zijn nieuwe werkgever doelpunten in het vooruitzicht. Veel doelpunten. Calum Giles, afgelopen zes seizoenen speler van de Engelse eersteklasser Havant, is komend seizoen de Ronaldo van de Eemnesserweg.

De 23-jarige strafcornerspecialist uit Engeland geldt als een fenomeen op de internationale hockeyvelden. Met zijn doeltreffende sleeppush vormt hij de schrik van menig doelman. In 61 interlands pushte hij 41 keer raak vanaf de cirkelrand. Tijdens de Olympische Spelen nam de topschutter met zes treffers bijna de helft van de totale produktie (dertien) voor zijn rekening.

Giles is voor Engeland de supersub. De Britse cornerkoning verschijnt alleen binnen de lijnen zodra de nationale ploeg mag aanleggen voor een korte hoekslag. De resterende speeltijd kijkt de flegmatieke linkerspits duimendraaiend toe vanaf de bank aan de rand van het kunstgras.

Wie frustratie vermoedt over zijn rol als vliegende wissel, komt bedrogen uit. Giles: “Ik gefrustreerd? Welnee. Welke hockeyer kan mij nazeggen dat hij bij de EK of bij de Spelen een van de meest spraakmakende spelers was? En ik geniet met mijn invalbeurten meer bekendheid dan wie dan ook.”

Beroemd of niet, Laren-coach Andy Wijzenbeek had aanvankelijk zijn bedenkingen. “Zijn wereldcorner was mij bekend. Maar daar hebben we hem in eerste instantie niet voor gehaald. Alleen wist ik niet wat hij verder nog in huis had.” De oud-international, deze zomer overgekomen van het Eindhovense EMHC, vreesde voor een mislukking zoals Oranje Zwart die vorig najaar beleefde met het Duitse strafcornerkanon Carsten Fischer. De vermaarde schutter van HTC Uhlenhorst speelde slechts één seizoenshelft in dienst van de hoofdklasser uit Eindhoven, maar kon de hooggespannen verwachtingen geen moment waarmaken. Zijn komst leidde bovendien tot sluimerende onvrede bij tal van spelers, onder wie twee zoons van Wijzenbeek. “En daar wil ik voor waken. Teamgeest staat bij mij hoog in het vaandel.”

De coach heeft zijn scepsis inmiddels grotendeels laten varen. “Het is nu net alsof ik plaatsneem achter een overheerlijke maaltijd en plotseling zet men een glas wijn voor mijn neus.” Na een korte pauze: “Nu alleen nog afwachten of het een goede wijn is.”

Geen nood, bezweert Giles. Hockeyen kan hij wel degelijk. Wie daar aan twijfelt moet komend seizoen maar eens plaatsnemen achter de boarding in Laren. Zelfverzekerdheid kenmerkt de spits met de onafscheidelijke haarband, gisteren voor de verandering getooid met een baseballcap. “Wie bijna negentien jaar hockeyt, kan onmogelijk een slechte hockeyer zijn.”

Zijn overgang naar de club uit 't Gooi behoeft overigens weinig verbazing, betoogt Giles. Want overgangsklasse of niet, Nederlandse competitie is Nederlandse competitie. “De beste competitie ter wereld. Bij Laren wacht mij bovendien een mooie uitdaging: promotie naar de hoogste divisie. Daar kan ik mijn steentje aan bijdragen.”

De Larensche Mixed Hockey Club loopt over van ambitie en denkt met Giles de ideale man te hebben aangetrokken om de felbegeerde promotie af te dwingen. De afgelopen jaren kwam de mannenploeg steevast een paar punten tekort om de degradatie van elf jaar geleden ongedaan te maken. Vorig seizoen miste de ploeg promotie slechts op doelsaldo.

Op voorstel van een deel van de spelersgroep werd afgelopen zomer daarom naarstig gezocht naar versterkingen. In Nederland liep de zoektocht al snel op niets uit. “Hier stelt iedereen meteen absurde eisen. Willen ze een auto en dat soort dingen. Het moet van twee kanten komen en daarom hebben we de blik op het buitenland gericht”, zegt middenvelder en initiatiefnemer Friso Jiskoot.

Tijdens de Spelen kwam Giles in beeld. De Brit wilde zijn vaderland al langer verlaten. Het vertrek uit Engeland werd bespoedigd door het erbarmelijke kunstgrasveld waarop Havant de thuiswedstrijden afwerkt. “Een regelrechte ramp”, zo typeert Giles de versleten en zandingestrooide ondergrond van de club uit de voorstad van Portsmouth. “Mijn corner komt het best tot zijn recht op een waterkunstgrasveld. Dat is bovendien de internationale norm.”

Giles verdient niet veel bij Laren, zegt een bestuurlid. “Een zakcentje voor de trainingen die hij geeft. Meer niet.”