'Accijnsverhoging leidt tot illegale sigarettenhandel'

Het aantal rokende jongeren onder achttien jaar is de laatste jaren gestegen. Het kabinet heeft maatregelen aangekondigd om het roken te ontmoedigen. De accijnzen op tabak gaan volgend jaar met vijftig cent omhoog, tabaksreclame gericht op jongeren moet volledig worden uitgebannen en het instellen van een leeftijdsgrens wordt overwogen. Donderdag debateert de Tweede Kamer over de tabaksnota. “De nota is een stap in de goede richting, maar hiermee zijn we er nog niet”, vindt de Stichting Volksgezondheid en Roken. “Het kabinet heeft het vertrouwen van de industrie geschonden”, zegt de tabaksindustrie.

De tabaksindustrie is “zeer verongelijkt” over de tabaksnota van het kabinet. Plannen om via voorlichting het roken onder jongeren te ontmoedigen verdwijnen daarom voorlopig in de ijskast. “Het kabinet heeft het verpest”, zegt W.J. Roelofs, voorzitter van de Stichting Sigaretten Industrie (SSI).

“De accijnsverhoging op tabakswaar is een uitnodiging voor de illegale handel. Banen zullen verdwijnen, miljoenen vloeien weg en ons produkt wordt gecriminaliseerd. Er lagen afspraken over het niet verhogen van de accijnzen, het vertrouwen is geschonden”, zegt Roelofs.

In het Haagse hotel Des Indes maakten de sigaretten-, de kerftabak- en de sigarenindustrie zich gisteren op voor de tegenaanval. Roelofs bladert door een map met stukken, cijfers en verhalen. Een brandende sigaret rust op een wit asbakje voor hem. De sigarettenindustrie had al vergevorderde plannen gemaakt om een nieuw in te stellen Platform Preventie Jeugdroken te financieren en te voorzien van informatie met als doel jongeren van het roken af te houden.

“Een hogere accijns en preventieve voorlichting kan volgens ons niet. Als het aantal rokende jongeren over een aantal jaren afneemt, dan is niet aan te geven of dit door de voorlichting of door hoge accijns komt. De kans bestaat dan dat het kabinet zegt: de accijnsverhoging werkt, we gooien er nog wat bovenop”, meent Roelofs.

De voorzitter van de Stichting Sigaretten Industrie heeft cijfers en tabellen paraat: In de periode 1990-1995 zijn de prijzen van sigaretten en shag verhoogd met respectievelijk anderhalve gulden en ruim twee gulden. Het aantal jeugdige rokers is sindsdien gestegen. “Dat blijkt uit de cijfers van een onderzoek gedaan in opdracht van de Stichting Volksgezondheid en Roken. Niet slim omdat in deze tijd te presenteren, maar ja, een duidelijker bewijs dat accijnsverhoging niet werkt is er niet”, zegt Roelofs.

Volgens de sigarettenindustrie heeft een verhoging van de accijns echter wel negatieve neveneffecten. Uit zijn hoofd rekent Roelofs uit dat de industrie nu al jaarlijks ruwweg 350 miljoen gulden misloopt door de illegale verkoop van sigaretten. Het weerhoudt de industrie er niet van zelf ook een prijsverhoging door te voeren. “De sector komt steeds verder onder druk te staan. Het ligt voor de hand dat de industrie de prijs zelf ook met enkele dubbeltjes zal verhogen. Dat kan niet anders, we moeten wel”, zegt Roelofs.

Een pakje van 25 sigaretten kost nu doorgaans 5,85 gulden, als de Tweede Kamer akkoord gaat met een accijnsverhoging vreest Roelofs dat de consument in de toekomst “tegen de zeven gulden” kwijt zal zijn voor een pakje.

De tabakswereld wordt volgens de Roelofs ten onrechte voortdurend in een kwaad daglicht gesteld. “We hebben als industrie in 1994 een convenant getekend waarin afspraken zijn gemaakt over tabaksreclame op jongeren. De afspraak was dat de richtlijnen iets verscherpt zouden worden, maar geen verhoging.”

Volgens Stivoro handelt de industrie niet naar de geest als het om campagnes gericht op jongeren gaat. “De geest? Ja, logisch als je vindt dat alle reclames die nu nog wel mogen verboden moeten worden. Dat is een geest die ons veel te ver gaat.” Hij pakt er een ander onderzoek bij dat aantoont dat in Finland ondanks een reclameverbod (sinds 1977) het aantal jeugdige rokers onder de zestien jaar hoger is dan in ieder ander Europees land. “Maar ja”, voegt Roelofs eraan toe, “in Nederland moeten ze zo nodig weer een daad stellen.”

    • Koen Greven