'Pakistan of EHV, het is om het even'

DEN BOSCH, 2 SEPT. Het contrast was groot en deed bijna onwerkelijk aan. Een maand geleden vierden Floris Jan Bovelander, Marc Delissen en Taco van den Honert in Atlanta de grootste triomf uit hun sportieve loopbaan, gisteren en eergisteren schoven de drie olympische hockeykampioenen onopvallend over het Brabantse kunstgras. Ten overstaan van slechts een handvol belangstellenden en onder weersomstandigheden die hartstochtelijk deden verlangen naar boerenkool met worst.

De troosteloze ambiance op sportcomplex Oosterplas in Den Bosch kon het humeur van HGC'er Delissen niet verstoren. “Om op veld vier voor pak 'm beet nul toeschouwers in de stromende regen tegen HDM spelen is natuurlijk wel even wat anders dan de finale van de Olympische Spelen. Maar wat mij betreft geen probleem. Ik hou wel van extremen.”

De herinneringen aan de gouden triomftocht in Atlanta en de daaropvolgende reeks van huldigingen en festiviteiten zijn nog vers, maar de realiteit verdrong afgelopen weekeinde nagenoeg elke gedachte aan de glansrijke overwinning op het veld van het Morris Brown College. “Hier moet je gewoon weer je eigen kopje koffie betalen”, constateerde Van den Honert.

Het hoofdklasse-toernooi in Den Bosch, samen met de Haagse Hockeydagen de traditionele opwarmer van de nieuwe competitie, werd gisteren gewonnen door gastheer en thuisploeg Den Bosch, die in de finale het Amsterdamse Pinoké met 3-0 versloeg. Voor Bovelander (30), Delissen (31) en Van den Honert (30) betekende het tweedaagse toernooi het weerzien met het Nederlandse clubhockey. Direct na de 3-1 overwinning op Spanje in de olympische finale besloten de routiniers onafhankelijk van elkaar hun interlandcarrière te beëindigen.

Voor het clubhockey daarentegen gelden andere maatstaven. Want in de hoofdklasse willen de routiniers voorlopig nog van geen wijken weten. Delissen holt “nog minimaal één seizoen” in de voorhoede bij HGC. Bovelander bestrijkt in zijn “absoluut laatste jaar” de linkerflank bij Bloemendaal. Van den Honert verheugt zich in zijn “vermoedelijk laatste seizoen” op de nieuwe rol van linkermiddenvelder bij Amsterdam.

Het verlengde verblijf in de hoofdklasse wordt grotendeels ingegeven door enerzijds clubliefde en anderzijds de liefde voor de sport. “Zowel binnen als buiten de lijnen”, zo haastte Bovelander daar aan toe te voegen. Waarmee de strafcornerspecialist nog maar eens wilde benadrukken dat hockey in de hoogste afdeling behalve topsport vooral ook een kwestie van gezelligheid is en blijft. “Hockey is ook een sociaal gebeuren.”

Maar de toppers willen vooral presteren. Zo heeft Delissen aan de vooravond van wat zijn veertiende seizoen in de hoofdklasse wordt, zijn zinnen gezet op een passend vervolg van het clubsucces van het afgelopen seizoen. Bovendien organiseert HGC volgend jaar het Europa-Cuptoernooi voor landskampioenen op eigen terrein. “En daar wil ik absoluut bij zijn. In mijn hoofd ben ik nog fris genoeg om door te gaan.” Zelfs een maatschappelijke carrière als aanstormend advocaat kan daar weinig verandering in brengen. Delissen: “De kick van een wedstrijd winnen is voorlopig nog te groot. Dat is de uitdaging en of de tegenstander nu Pakistan heet of EHV, dat is mij om het even.”

Van den Honert beleefde afgelopen seizoen een teleurstellend jaar met Amsterdam. In Atlanta hervond de aanvaller met de soms onnavolgbare ingevingen zijn spelvreugde. “Daarom was die gouden medaille een extra stimulans om door te gaan op clubniveau. Om helemaal niets meer te doen, zag ik niet zitten. Hier kan ik die jonge kerels komend seizoen misschien nog wat bijbrengen.” Bovelander maakte in februari zijn rentree in de Nederlandse competitie. Pas in Atlanta bereikte hij zijn oude vorm. “Daar heb ik mij een half jaar suf voor getraind. Waarom zou Bloemendaal niet van al die inspanningen mogen profiteren?”

De drie zijn onderhand vergroeid met de hockeysport. Een leven zonder bal en stick valt daarom maar moeilijk voor te stellen. Delissen: “Maar het is niet zo dat ik nu doorga omdat het zo leuk is als mensen in Den Bosch je vanaf de zijlijn herkennen.”