Russische douane dwarsboomt herdenking

MOSKOU, 31 AUG. Manifestaties ter gelegenheid van het 'Peter de Grote jaar' moeten de komende maanden de betrekkingen tussen Nederland en Rusland verbeteren. Maar de betrekkingen tussen Nederland en de Russische douane zijn er voornamelijk door verslechterd. Nadat eerder de blaasinstrumenten van de Koninklijke Marinierskapel voor problemen zorgden, worden nu 33 schilderijen in St. Petersburg vastgehouden wegens een dispuut over invoerheffingen.

In het 'Peter de Grote jaar' wordt herdacht dat de Russische tsaar driehonderd jaar geleden een langdurig bezoek aan Nederland bracht. De eerste grote manifestatie heeft vanaf volgende week zaterdag plaats in St. Petersburg, waar in aanwezigheid van kroonprins Willem-Alexander en premier Kok concerten worden gegeven, films worden getoond en bedrijven gepresenteerd.

Het onderdeel 'Hommage aan de stad van Tsaar Peter' - een tentoonstelling die op 8 september door de Russische onderminister van cultuur Michail Svydkoj moet worden geopend - komt echter in gevaar nu de schilderijen het land niet in komen. De douane eist over de bijbehorende catalogi en affiches 1.400 dollar aan invoerheffingen. De Nederlandse organisator, die wijst op het bijzondere en culturele aspect van de zending, wil niet betalen.

Luitenant kolonel C. Ros, een defensieambtenaar die op de ambassade in Moskou heeft gewerkt en als particulier de 'Hommage' mede organiseert, onderstreepte gisteren dat de 80.000 gulden kostende tentoonstelling geheel uit sponsorgelden wordt betaald. “Wij bieden dit gratis aan de bevolking van St. Petersburg aan. Dit moet een feestje zijn voor iedereen”, zei Ros. Hij toonde zich uiterst teleurgesteld. “Ik kan mij niet aan de indruk ontrekken dat iemand probeert hier een slaatje uit te slaan ten koste van de Nederlanders.”

Nu de impasse inmiddels een week duurt begint Ros zich niet alleen zorgen te maken over de tentoonstelling, maar ook over de mogelijk schadelijke gevolgen van de opslag in douaneloodsen voor de werken van Willem Brauckmann. De olieverfschilderijen en zeefdrukken van de Harderwijkse kunstenaar, die volgens de catalogus zijn 'gebaseerd' op de muziek van de Russische componist Sjostakovitsj, zitten in dezelfde vrachtwagen als het drukwerk dat de douane wil belasten. Het Russische transportbedrijf dat de schilderijen naar het Staatsmemoriaal Museum voor de Verdediging en Blokkade van Leningrad moet brengen, betwijfelt of er extra aandacht aan de kunstvoorwerpen wordt besteed. “De wagen staat gewoon bij de andere wagens in de loods”, zei medewerker Pavel Soesojev gisteren.

Soesojev voegde overigens toe dat hij niet begrijpt hoe zijn Nederlandse klanten dit hebben kunnen laten gebeuren. “Zij hadden natuurlijk alles per diplomatieke post moeten sturen, dan waren er geen problemen geweest”, legde hij uit. Dat de schilderijen en catalogi strikt genomen geen diplomatiek karakter zijn toe te dichten, maakte geen indruk. “Nou en? Nu moeten de Nederlanders behalve de 35 procent invoerheffingen ook nog 1 dollar per kilo per dag aan opslagkosten betalen.”

Juist om dit soort problemen tot een minimum te beperken heeft het Nederlandse consulaat in Petersburg al in juni met de douane-autoriteiten afgesproken dat voor de Peter de Grote manifestaties een importtarief geldt van niet meer dan 0,15 procent 'afhandelingskosten'. De douane erkent het bestaan van de afspraak maar betoogt dat die alleen kunstvoorwerpen betreft.

Oleg Gerasimov, het hoofd van de afdeling tentoonstellingen van de Petersburgse douane met wie de afspraak is gemaakt, was gisteren onbereikbaar voor commentaar. “Hij is de hele dag op het stadhuis om over de Brauckmann-kwestie te spreken”, meldde zijn secretaresse. Volgens haar valt drukwerk altijd onder de commerciële tarieven. “Wij worden een beetje moe van al die mensen die altijd maar voordeeltjes willen.”

Inmiddels is het Nederlandse consulaat ingeschakeld en consul J.P van Straten heeft een pragmatische benadering gekozen. “De douane is hier oppermachtig”, zo weet hij namelijk. “De instrumenten en uniformen van de Marinierskapel bijvoorbeeld vielen volgens hun codex ook al niet onder kunstvoorwerpen of onder goederen die met consulair werk te maken hebben. Zij willen dat er wordt betaald.”

Van Straten onderstreepte dat hij geen enkel bewijs heeft dat de douane uit is op steekpenningen of andere illegale verrijking. “Alles wordt keurig op nota aangeboden.” De douaniers leven “stipt, zeer stipt” hun boekje na.

In het geval van het drukwerk voor de 'Hommage' tentoonstelling is de heffing van 1.400 dollar (2.350 gulden) gebaseerd op de waarde die de douane zelf aan de 1.750 catalogi, 790 affiches en 600 programmaboekjes heeft toegekend. De Nederlandse verzender had namelijk, ervan uitgaande dat het grensoverschrijdende transport geen probleem zou zijn, de waarde zelf niet aangegeven. Op verzoek van de consul is dat nu wel gedaan.

“Ik heb net van Ros een fax ontvangen waarin de waarde op 1.043 gulden wordt bepaald”, zei Van Straten gisteren. 35 procent van 1.043 is slechts 365 gulden en een stuiver. “Het consulaat is bereid dit bedrag op zich te nemen om de kwestie uit de wereld te helpen. En als de douane 1.043 gulden aan de lage kant vindt voor zo'n pakket drukwerk, dan zullen we ze erop wijzen dat het een gesponsorde activiteit betreft, een soort liefdadigheid, en dat de drukker dus ook een vriendenprijsje heeft berekend.” Mocht dat evenmin helpen, zei de consul, “dan wordt het misschien een beetje loven en bieden.”