Hollands Dagboek: Jannie Hommes

Jannie Hommes (41) is advocaat en coördinator van de Projectgroep Juridische Hulpverlening aan slachtoffers van seksueel geweld. Over enige maanden begint in het arrondissement Rotterdam een nieuwe juridische hulpdienst. Slachtoffers van zedenzaken kunnen daar advies krijgen over het claimen van schade- vergoeding en het via een kort geding vorderen van een veilige of rustige plek. Jannie Hommes woont samen met Leo van Die, die net als zij deel uitmaakt van het advocatencollectief Vreewijk.

Woensdag 21 augustus

Vandaag geen auto nodig. Wanneer ik mijn fiets uit de schuur pak, valt er een zacht zomerregentje. Tijdens het fietstochtje naar mijn kantoor (ik woon en werk 'op Zuid', een keuze die nog altijd met grote hilariteit wordt rondverteld door mijn vriendinnen die in Rotterdam-Noord wonen) overpeins ik wat het betekent dit dagboek te gaan schrijven. Een confrontatie met mezelf: wat laat ik zien, wat houd ik voor me.

De laatste dagen veel telefoontjes gehad van advocaten en hulpverleners (uit het héle land): iedereen wilde meer weten over de juridische hulpdienst voor slachtoffers van zedenzaken die in ons arrondissement over enige maanden van start gaat. Men was onverdeeld enthousiast over dit initiatief. Dat verwarmt de ziel. Ik houd ervan om naast mijn gewone advocatenwerk bezig te zijn met een structurele benadering. Je signaleert zo vaak situaties waarin niet die ene cliënt maar een groep mensen de dupe is van een onjuiste uitvoeringspraktijk of een onrechtvaardige situatie. Een oplossing kunnen zoeken voor één individu is mijn drijfveer, maar bevredigt niet steeds. Samen met deskundigen uit andere disciplines werken aan een verbetering van de rechtspositie van een doelgroep geeft mij extra inspiratie.

In mijn praktijk signaleer ik dat slachtoffers van seksueel misbruik lang wachten met het zoeken van rechtshulp. Toch blijken zij juist veel behoefte te hebben aan adequate rechtsbijstand. Zoals advies over de verschillende juridische mogelijkheden in het strafrecht en het civiele recht, het claimen van schadevergoeding voor gemaakte kosten en ondergaan leed en het via een kort geding vorderen van een veilige/rustige plek. Justitie had dit signaal ook opgevangen. Hier in Rotterdam rollen we dan de mouwen op en gaan aan de slag. Binnen enkele maanden staat een groep advocaten klaar om slachtoffers van zedenzaken meteen bij het doen van de aangifte bij de politie ter zijde te staan.

Na de turbulente persstorm is vandaag de rust op mijn kantoor teruggekeerd en kan ik mij weer wijden aan het gewone advocatenwerk. Bijna de hele dag besteed aan het verwerken van post en kleine klusjes. Nog geen rust voor grote, ingewikkelde stukken.

's Avonds een avondje vrij. Dat wil zeggen: thuis op de pc een kleine notitie voor de advocatenvergadering gemaakt en wat vaktijdschriften gelezen. En ten slotte samen met mijn lief op de bank met een borrel naar een mooi operamuziekje geluisterd voor het slapen gaan.

Donderdag

Vanochtend eerst zwemmen om 7.30 uur. Tineke was er niet, maar toch trouw mijn 30 baantjes gedaan. De hele dag gewerkt aan een memorie van antwoord in een letselschadezaak. Mijn cliënte, als meisje seksueel misbruikt door haar stiefvader, vordert vergoeding van therapiekosten en smartegeld van hem. In het hoger beroep voert de stiefvader voor het eerst aan dat haar vordering eigenlijk verjaard is. Klinkt eenvoudig. Maar de regels omtrent verjaring van deze gebeurtenissen zijn de afgelopen jaren minstens vier tot vijf keer ingrijpend gewijzigd. Welke regels zijn van toepassing en hoe moeten we die nieuwe regels uitleggen? De wetgevende overheid bezorgt ons heel wat werk. Sinds mensenheugenis waren we onder het oude Burgerlijk Wetboek in het rustig genot van een verjaringstermijn van dertig jaar. Bij invoering van het nieuwe BW moest dat opeens naar vijf jaar. Al snel bleek die termijn voor bepaalde vorderingen, waaronder milieuschade en schade na seksueel misbruik veel te kort te zijn, zodat de wetgeving 'gerepareerd' moest worden.

De vordering tot vergoeding van schade verjaart vijf jaar nadat je met de veroorzaker of met de schade bekend bent geworden. Wanneer word je als slachtoffer van seksueel misbruik met de schade bekend? Het kan heel goed zijn dat je in elke nieuwe levensfase opnieuw wordt geconfronteerd met tot dan toe bedekt gebleven beschadigingen van je psyche.

Kortom, een hele dag werk, met als enige onderbreking de lunch met alle secretaressen en advocaten gezamenlijk aan de grote tafel in de bieb. Een traditie die we graag in stand houden (ja, met kroketten op vrijdag, net als in Pleidooi).

Om halfvijf in de tuin van kantoor in het zonnetje sectievergadering met Kees en Lisette, die net als ik sociaal-zekerheidsrechtszaken doen. We bespreken enkele opvallende uitspraken uit de vaktijdschriften en onze zaken.

's Avonds bezoek van vrienden uit Tsjechië die een week in Nederland zijn, met, gelet op het mooie weer, een onvermijdelijke barbecue in de tuin.

Vrijdag

Een zitting vanmiddag bij de president van de rechtbank voor een mevrouw die opeens een korting op haar bijstandsuitkering kreeg. De gemeente Middelharnis heeft aangekondigd dat de afhandeling van het bezwaar dat ik heb ingediend ongeveer vijf maanden (!) zal duren. Zolang kan ze niet wachten: de korting op de uitkering is mijns inziens onjuist. Ze heeft nu al twee maanden huurachterstand, financieel gaat het nijpen. Hoe kan je vijf maanden leven van 1.300 gulden, met een kind en man in huis? Daarom de president maar ingeschakeld.

Het is nog een heel juridisch getrouwtrek. Allereerst om te onderzoeken of nu de nieuwe (alweer een nieuwe wet, per 1 januari 1996 ingevoerd) of de oude Bijstandswet van toepassing is, hoe de overgangsregels moeten worden begrepen, enz.

Graag zou ik u deelgenoot maken van het genot dat ik beleef bij het uitpluizen van dit soort diepgaande wetgevingszielenroerselen. Zoals bijvoorbeeld art. 4 lid 2 sub b (dit soort combinaties van cijfers en letters klinken mij als een aria van Callas in de oren) van de Invoeringswet Abw: de oude Bijstandswet blijft nog in 1996 van toepassing, maar zodra zich een wijziging van omstandigheden in de situatie van de uitkeringsgerechtigde voordoet, als gevolg waarvan de hoogte van de uitkering onder de oude Bijstandswet zou moeten worden aangepast, zijn de regels van de nieuwe Bijstandswet van toepassing.

Wel zult u zeggen: hier lusten de honden geen brood van, maar wij sociaal advocaten en bestuursrechters vullen er gerust met groot plezier een vrijdagmiddag mee.

's Avonds moeders op bezoek. Zij is 76 jaar, haar hele leven was zij strijkster en werkster. Nu strijkt zij voor mij, dankbaar dat ze nog iets kan betekenen. In ruil mag ik voor haar wassen, een beetje zorgen, een beetje dingen regelen. Een fijne, knusse avond. Leo en ik brengen haar om tien uur naar huis. Onderweg even een binnenwegje pikken: borrel en de week afschudden.

Zaterdag

Vandaag vroeg op en om 7.30 uur met de trein naar Assen. Leo en ik gaan weer een weekendje Pieterpad lopen: van Rolde naar Sleen, 42 kilometer in totaal. Als je eenmaal lange afstanden loopt, ben je zo verslaafd. Je verlangt steeds weer naar het urenlange ritme van het stappen dat je hele lichaam en al je organen in dezelfde cadans tot rust brengt. En ook het voldane gevoel van lopend, zonder enig technisch hulpmiddel, je bestemming kunnen bereiken. Als beloning die koude pils. Met twee vriendinnen gedineerd. Zij zijn toevallig in Drenthe op vakantie. In Rotterdam altijd volle agenda's en nu onverwacht deze ontmoeting in Schoonloo! Veel gelachen over 'het ei' waarin zij overnachten en alle sterke verhalen over lange fietstochten, vaginale infecties en hunebedden.

Zondag

Een fantastisch mooie wandeltocht van 21 kilometer. Op weg naar huis alle openbaar-vervoeraansluitingen gemist, zodat de terugreis met bus en trein vijf uur duurt. Tijd genoeg dus om het boek van Pat Barker uit te lezen.

Thuis nog even kijken of ik e-mail heb. Behalve alle privéberichtjes die ik met een kort mailtje beantwoord, is er een bericht via de nieuwsgroep Soc 2000 voor sociale rechtshulpverleners (SOC2000..cir.frg.eur.nl) van een sociaal raadsman uit Breda met een signaal over een knelpunt in de nieuwe Algemene bijstandswet. Dat bewaar ik maar voor morgen. Nu lekker in bad en naar...

Maandag

Mijn vakantie nadert: nog negen werkdagen en acht ingewikkelde processtukken te schrijven, talloze kleinere juridische problemen op te lossen, drie vergaderingen bij te wonen en een dagje uit met ons hele kantoor te gaan. (Het collectief bestaat 1 september aanstaande vijftien jaar, binnenkort wordt u nader geïnformeerd over een passende publieke viering).

Hoe krijg ik dat werk er in hemelsnaam ingepropt. Schema's maken, prioriteiten stellen en wat vrije tijd opofferen dus. En de hele dag stug doorwerken.

Ik klaag niet: niets liever dan dit vak, de vrijheid om je eigen keuzes te maken. Niet je ideeën te zien verpulveren in organisatiemolens. Met een kleine gemotiveerde groep collega's samen doen waar je voor staat.

Maar soms is het gewoon ploeteren, te veel werk voor een mens. Te veel cliënten met ontslag, zonder uitkering, met een lekkend dak, met grote schulden, traumatische ervaringen enz. Allemaal verwachten zij dat wij hun situatie een beetje kunnen verbeteren. “Zonder u heb ik geen stem”, zei een cliënte laatst tegen mij. Terwijl de hele samenleving roept over meer eigen verantwoordelijkheid, strengere regels, bezuinigingen op uitkeringen, zien wij de keerzijde daarvan. De armoede, de uitzichtloosheid en vooral de onmacht van mensen die het niet bij kunnen benen. Het contrast met de welvaart, degenen die geluk hebben, is soms erg groot. En vooral mis ik het gevoel van de jaren zeventig, dat de hele samenleving ergens verantwoordelijk voor was. Dat je met elkaar deelt wat er is of protesteert tegen wat niet mag zijn.

Ach ja, niet te veel nostalgie, je laat zo merken dat je een echte veertiger bent. Gewoon gestaag doorwerken vandaag. Te beginnen met een processtuk van de lijst van acht die nog moeten.

Oh ja, dat kort geding van vrijdag is gewonnen, maandagochtend lag de uitspraak er al. De rechter heeft flink doorgewerkt. Mevrouw krijgt haar volledige uitkering. En dat doet weer goed.

Dinsdag

Om 10.30 uur een belangrijke zitting in Den Haag bij de rechtbank. Mijn cliënte, een vrouw die op zeer gewelddadige wijze was verkracht, heeft aangifte gedaan bij de politie. Cliënte belde talloze keren naar de politie, maar helaas, operatie Victor had prioriteit, haar aangifte bleef een jaartje liggen. Ondertussen verkrachtte meneer blijkbaar een andere vrouw, die ook aangifte deed. Op een dag las mijn cliënte in de krant dat hij veroordeeld was voor de verkrachting van die ander. Haar zaak was niet aan de orde gekomen. Toen was de maat vol en zocht zij een advocaat. De Raad voor Rechtsbijstand besliste dat zij in deze strafrechtelijke procedure geen advocaat nodig had. Dit soort procedures moeten mensen zelf kunnen doen.

De beroepszaak vandaag gaat dus over het afwijzen van haar verzoek om advocatenhulp. Het moeten voeren van deze procedures hebben we ook te danken aan een nieuwe wet met beoogde bezuinigingen op de rechtshulp: de Wet op de rechtsbijstand.

De afgenomen rechtshulpverstrekking is gepaard gegaan met een evenredige toename van bureaucratisering. Voor de aanvraagprocedure van de rechtshulp heb ik tegenwoordig een apart dossiertje per cliënt aangelegd. Er is sinds kort een jurisprudentietijdschrift en zelfs een cursus over de Wet op de rechtsbijstand! (Moeten artsen ook zoveel formulieren invullen, cursussen volgen en wetten bestuderen alvorens zij bij een ziekenfondspatiënt een spatader mogen behandelen, zo vraag ik mij wel eens af).

De met het afknijpen van de rechtshulp bespaarde gelden, worden nu besteed aan een glossy overheidstijdschrift en personele lasten voor rechters en ambtenaren. Volgens mij is er zo niets bezuinigd.

De vergoeding voor de advocatenhulp in dit geval bedraagt ongeveer 450 gulden. Gelet op het grote belang van mijn cliënte meent zij toch wel een dergelijk beroep op de openbare kas te mogen doen. Dat de rechtshulp noodzakelijk was, bleek ook wel. Het was deze cliënte die zei tegen de uit drie rechters bestaande rechtbank: “Zonder mijn advocaat heb ik geen stem.” Ik hoop dat deze rechters haar horen. Drie weken wachten op de uitspraak.

Woensdag 28 augustus

De dag begint met maatschapsvergadering om 9.00 uur. Hoe ontwikkelt zich de omzet: we lijken de verhuizing naar het nieuwe pand en de uitbreiding van vijf naar zeven advocaten een beetje te boven te komen.

De rest van de ochtend besteed ik aan de argumentatie in een WAO-procedure. Deze cliënte (een voormalig schoonmaakster met een hernia) is een van de 21.015 WAO-gerechtigden in de leeftijdsategroei 31 tot 37 jaar, die dit jaar opnieuw beoordeeld worden aan de hand van het per 1-8-1993 aangescherpte arbeidsongeschiktheidscriterium.

Van een groot deel van deze mensen zal de uitkering worden verlaagd of beëindigd. Een aantal zal in beroep willen gaan bij de rechtbank. Het belang is immers groot. Van een aan het laatst verdiende inkomen gerelateerde uitkering zonder vermogenstoets naar een bijstandsuitkering. Wanneer je partner inkomen heeft, zoals bij deze mevrouw, kom je niet voor een zelfstandige bijstandsuitkering in aanmerking. Het gezinsinkomen is in dit geval in twee maanden tijd gedaald van ruim 3.000 gulden netto naar 1.800 gulden. Alle reden om het onderzoek en de besluitvorming van de verzekeringsarts en de arbeidskundige eens kritisch te bekijken.

's Middags drie afspraken met cliënten. Een nieuwe zaak aangenomen. Een vrouw die het niet meer uithoudt op haar werk omdat haar baas zich vergaande seksuele intimidaties permitteert.

's Avonds schrijf ik mijn dagboek af en mijmer door over hoe het was. Heeft het dagboek invloed gehad op mijn werk en leven? Wie leest het dagboek?

Met het geruststellende geluid van een fikse regenbui tegen de ramen val ik in slaap.