Schilders maken fresco in het openbaar

Take Two, Centraal Museum Utrecht, 31/8 t/m 27/10. di-za 10-17u, zo 12-17u.; Brabant 200, Stichting De Pont, Tilburg, 14/9 t/m 24/11, di-zo 11-17u; Galerie De Praktijk, Amsterdam, 9/10 t/m 6/11, inl. 020-6391316.

UTRECHT, 30 AUG. In de middeleeuwse kapel in het Centraal Museum Utrecht ligt, vers van de poelier, een onthoofde ree op een stuk zwart plastic. Tegen een pilaar staat een Christusbeeldje geleund, naast een wanordelijke stapel uit kunstboeken gescheurde afbeeldingen van tekeningen, schilderijen en glas-in-lood-ramen. Al deze attributen dienen als inspiratiebron voor drie kunstenaars die in de kapel aan het werk zijn. De komende dagen komen er nog inktvis, krab, kreeft, fazant, haas, en een levend vrouwenmodel bij.

Paul van Dongen, Marc Mulders (beiden 1958) en Reinoud van Vught (1960), verenigd in het driemanscollectief 'Themes in Painting', zullen de hele maand september de witte wanden van de kapel van een fresco voorzien. Hun vorderingen worden verfilmd en zijn voor het publiek te volgen, behalve in de weekeinden, want dan blijven ze thuis, in Tilburg. Vandaag wordt de 'schildersperformance' geopend als onderdeel van de tentoonstelling Take Two met recent werk van hedendaagse kunstenaars onder wie Marlene Dumas, Floor van Keulen en Thomas Huber.

In de kapel met hoge gotische ramen hangt alleen een houten Mariabeeld met kind. Rechts van het beeld hebben de schilders naakte mannenfiguren geschilderd die naar beneden lijken te tuimelen. Beneden is een tafereel in wording met een nog bijna onzichtbare Christusfiguur en reeën, naar het voorbeeld van het dode dier op het plastic. Op een van de zijwanden verschijnt in vage pasteltinten een aquarel van een Maria met kind, omgeven door konijnen en paddestoelen.

De komende weken zal het fresco dagelijks worden uitgebreid. Boven het madonnabeeld zullen 'vragende en oordelende' handen met stigmata worden geschilderd en worden meer elementen uit de natuur toegevoegd. Het geheel moet straks een beweging naar beneden suggereren, van goed naar kwaad, van het licht boven naar de realiteit beneden.

“We zijn een paar dagen voor de opening begonnen met schilderen, zodat het publiek meteen al een indruk krijgt,” zegt Marc Mulders. “De bedoeling is dat we ook met het publiek in discussie gaan.” Even tevoren is dat al geïllustreerd door een museummedewerkster die zich stoort aan de religieuze thematiek van de fresco's. De drie schilders zijn van huis uit katholiek en steken hun fascinatie met het katholieke cultuurgoed niet onder stoelen of banken. Mulders: “Veel mensen vallen daarover. Dat vinden we vreemd, want de vroege beeldende kunst is immers vol bijbelse taferelen. De Pietà van Michelangelo is nog steeds het ultieme beeld van een moeder die een kind verliest. Bijbelse taferelen over goed en kwaad hebben we van kinds af meegekregen, ze maken deel uit van onze geestelijke bagage. Maar onder hedendaagse jonge kunstenaars, vooral in de hoek van het neo-neo-conceptualisme, is het absoluut 'not done'. Er heerst een enorm trauma onder jonge kunstenaars wat betreft originaliteit. Je mag geen konijn meer schilderen, omdat iemand anders dat al heeft gedaan. Ze kopen liever een kant-en-klare glijbaan en exposeren hem als kunst in het Stedelijk Museum. Wij willen ongegeneerd voor de miljoenste keer konijnen schilderen om op onze manier het ons omringende leven in kaart te brengen.”

Van Dongen, Mulders en Van Vught zijn al bevriend sinds ze aan de kunstacademie St.Joost in Breda studeerden. Ze hebben elk een eigenstijl ontwikkeld, maar delen hun voorkeur voor het ambachtelijk werken met verf volgens traditionele technieken. Van Dongen concentreert zich vooral op het menselijk naakt, Mulders op dood wild en geplukte bloemen, en Van Vught maakt veel abstracte schilderijen met figuratieve elementen.

De drie vrienden werkten ongeveer anderhalf jaar samen in het gastatelier van het De Pont museum voor hedendaagse kunst in Tilburg. Hun thema's ontlenen ze behalve aan de natuur aan kunstenaars als Dürer, Pisanello en Matisse. Zij schilderen tegelijkertijd op vellen papier van maximaal 1,5 bij 4,5 meter. Soms worden beelden van de een door de ander aangevuld, veranderd of verplaatst. Soms leggen Van Vught en Van Dongen de basis en brengt Mulders, de meest impulsieve schilder van de drie, de laatste ordening aan. Uit ieders specifieke inbreng ontstaat zo één nieuw beeld, dat zij wel betitelen als van 'de vierde persoon'. Van Vught: “De directeur van De Pont zag soms niet wie wat had gedaan.”

Werk van Themes in Painting is ook in Tilburg (De Pont) en Amsterdam (galerie De Praktijk) te zien. Het fresco in het Centraal Museum is tijdelijk: te zijner tijd gaat de witte kwast er weer overheen.