Met een vreemd lichaam in het echtelijk bed

Roxana Robinson, Asking for Love. Uitg. Bloomsbury, 288 blz. ƒ 51,80.

Een jonge gescheiden moeder staat 's nachts voor de spiegel in de slaapkamer van haar eveneens gescheiden nieuwe vriend. Aan de overkant van de gang probeert hij zijn dochtertje, dat naar gedroomd heeft, terug in bed te sturen. Alles in de slaapkamer ademt de sfeer van de ex-vrouw van haar nieuwe vriend - het behang, het bed, de spiegel. Staand voor die spiegel gaat ze zichzelf door de ogen van de ex zien: verfomfaaid, verhit, op het punt om met háár man in háár bed te duiken, terwijl háár kind voor de deur staat te huilen.

De situatie komt voor in 'The Nightmare', een verhaal uit Asking for Love, de tweede bundel van de Amerikaanse Roxana Robinson. De verhalen, die eerder in The New Yorker en Harper's verschenen, zijn scherp en helder geschreven, zodat ze ondanks hun huiselijke onderwerp een licht verslavende thrill hebben. Robinson schrijft over het moderne Amerikaanse gezin, over ouders en kinderen en alle constellaties die er mogelijk zijn wanneer het ene gezin uit elkaar valt en het volgende onstaat. Haar boeken worden bevolkt door ex-partners, nieuwe partners, hun ex-en, hun kinderen, nieuwe kinderen van de eigen ex, enzovoort.

Hoe ga je met al die mensen om, wat zijn de nieuwe regels? De vrouw in de slaapkamer uit het bovengenoemde verhaal beseft dat haar oude normen niet meer voldoen. 'Als je eenmaal gescheiden bent zijn er geen regels meer. Je hebt je kans gehad, in je witte jurk, je sluier, toen alles ordelijk en overzichtelijk was. Nu zijn er momenten dat je achter een deur je adem staat in te houden.'

Robinson heeft een goed oog voor dit soort ongemakkelijke situaties. Ze volgt het nauwe perspectief van de hoofdpersoon, die ze het verhaal vaak zelf met onbarmhartige eerlijkheid laat vertellen. 'De eerste keer dat John bleef slapen was moeilijk: zijn vreemde lichaam in mijn echtelijke bed. Ik moest mijn ogen dicht doen om het gevoel van invasie uit te sluiten, het misselijkmakende gevoel van schuld, spijt en heimwee.'

Het zicht op een gezinsdrama kan zich ontvouwen in een enkele bijzin, bijvoorbeeld wanneer de moeder van het jongetje Nicko zegt: 'Willis en ik zijn nu zes jaar getrouwd, maar Willis en Nicko zijn nog geen vrienden.' Zulke plotse doorkijkjes zijn volmaakt gedoseerd. Robinson laat de bijzonderheden van het gezinsleven stukje bij beetje los; langzaam, zorgvuldig, geven haar personages zich bloot. Dat kan grappig zijn, zoals in 'Slipping Away', waarin een vrouw met milde verbazing vertelt hoe haar wantrouwige man haar in de gaten loopt te houden. Hij sluipt stilletjes terug als hij naar buiten gaat, en luistert de telefoon af. Pagina's lang doet ze geamuseerd verslag, tot ze zegt: 'Het lastige was, ik ging vreemd.'

In Asking for Love heeft de schrijfster het expliciete psychologiseren dat haar in 1988 verschenen roman Summer Light wat traag maakte, achterwege gelaten. Ook de setting van de nieuwe verhalen overschrijdt voorzichtig New England, waar Summer Light en de meeste verhalen in haar vorige bundel A Glimpse of Scarlet uit 1991 zich afspeelden. Toch blijft Robinsons werk doordrenkt van dit oudste stukje Amerika, waar zich in de zeventiende eeuw Engelse Puriteinse families vestigden om in een verbond met God een nieuwe maatschappij te stichten. Al Robinsons verhalen spelen zich af in 'WASPville', onder de hogere middenklasse van oude, blanke, angelsaksische protestantse families van het Noord-Oosten, met hun grote familie-vakantiehuizen aan het water, vol antiek linnen en Wedgewood-servies.

Het puriteinse New England wordt gepersonifieerd in een bijfiguur die regelmatig opduikt: een oude onbuigzame vader, idealistisch, dogmatisch, moreel superieur. Hij minacht de moderne, oppervlakkige consumptiemaatschappij, zoals in 'Leaving Home'. Met haar eerste flesje coca-cola in de hand beseft zijn dertienjarige dochter ineens dat ze gelukkig is: eindelijk voelt ze zich een tiener zoals in de reclame. Maar ze voelt zich wel schuldig. Op de achtergrond is altijd de schaduw van kille afkeuring van de vader.

Ook de gescheiden vrouwen voelen zich schuldig, ze beschouwen hun scheiding als een falen, een persoonlijk tekortschieten. Sommige verhalen lijken één lange, uit schuldgevoel geboren, nachtmerrie van de Gescheiden Moeder: onbeheersbare tieners, woedende ex-en, kinderen die niks meer tegen je zeggen.

Het verrassende is dat Robinson ondanks haar fascinatie voor Schuld en Boete niet in haar puriteinse jeugd blijft steken. Telkens komt ze met wendingen die de voor de hand liggende moraal onderuit halen. Ze volgt het nauwe perspectief van haar personages, maar brengt ze in omstandigheden waarin dat perspectief niet meer voldoet. Wat ik het meest bewonder is dat Robinson zo de grenzen van de moraal onderzoekt, zonder enig goedkoop effect.

    • Sandra Küpfer