Diekstra meldt zich ziek na gesprek

ROTTERDAM, 29 AUG. Het bestuur van de Rijksuniversiteit Leiden beschouwt het “omvangrijk en veelvuldig” citeren van derden zonder bronvermelding als wetenschappelijk wangedrag dat “vanzelfsprekend” niet zal worden getolereerd. Dit staat in een verklaring van het college van bestuur, uitgegeven na de onthulling in het weekblad Vrij Nederland over het plagiëren op grote schaal van Amerikaanse 'zelfhulp' boeken door de hoogleraar klinische psychologie R.F.W. Diekstra.

De Leidse universiteit wil een kleine commissie grondig laten onderzoeken of Diekstra zich hieraan schuldig heeft gemaakt. De populaire auteur-therapeut is gisteren na een gesprek met de rector-magnificus met ziekteverlof gegaan. De onderzoekscommissie was al in het leven geroepen na de eerste beschuldiging in VN, twee weken geleden. Ze bestaat uit de hoogleraren dr. W.K.B. Hofstee (psychologie in Groningen) en dr. J.Th.J. van den Berg (parlementaire geschiedenis Leiden).

Toen ging het nog om dertien zonder bronvermelding 'overgeschreven' pagina's en was het universiteitsbestuur, mede op basis van Diekstra's uitleg dat het om een misverstand ging, bereid om de kwestie als een incident te beschouwen. Hofstee vindt een onderzoek nu weinig zinvol meer. “Wat volstrekt duidelijk is, hoef je niet door een psycholoog te laten onderzoeken. Dat kan Leiden zelf wel”, aldus de hoogleraar. Zijn collega Van den Berg wil niet reageren.

Volgens de nieuwste beschuldigingen betreft het plagiaat meer dan 80 pagina's uit twee populair-wetenschappelijke boeken. Diekstra gebruikte die tekst voor zijn bestsellers 'Het onderste boven' en 'Als leven pijn doet'. Uit de vergelijkingen in het weekblad blijkt tevens dat hij fabuleert. Een aantal ziektegeschiedenissen is letterlijk overgenomen en vervolgens aangevuld met enkele alinea's die de lezer het idee geven dat Diekstra de betrokkenen zelf heeft gesproken of behandeld. Overigens gebruikt hij daar indirekte citaten voor: “Zelf drukte ze het ooit treffend zo uit: Geluk bestaat uit de perioden van slechte stemmingen die je probeert op te vangen”.

De feestelijke presentatie van Diekstra's nieuwste boek bij het 60-jarig bestaan van de Geassocieerde Persdienten (GPD) is inmiddels geschrapt. Wat de gemeentelijke geneeskundige dienst in Rotterdam bertreft kan hij aanblijven als adviseur. Diekstra is hier betrokken bij een grootschalig onderzoek naar de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van jongeren.

Deze 'jeugdmonitor' is voortgekomen uit het rapport 'Jeugd in ontwikkeling' van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, waarvan Diekstra een van de auteurs was. “Natuurlijk vinden we dit niet plezierig, maar er is geen reden om te twijfelen aan de waarde van het preventief jeugdbeleid”, zegt een woordvoerder van de GG en GD.