Babybranche groeit als kool

Baby's zijn een economische doelgroep geworden. Luxueuze babykamers en baby-artikelen dragen bij aan het prestige van de ouders. Wie speelt er nog met een rammelaar als je ook een work out kunt kopen?

'Wat wordt het nu', vraagt de verkoopster aan de zwangere vrouw. “De Old Cottage-aanbieding van 5.500 gulden of de Jordi?” Zuchtend slaat mevrouw de catalogus nog eens open. Het is moeilijk kiezen uit de 160 toonkamers van Babypark Kesteren. Babykamer De Bongerd ziet er ook zo gezellig uit met die geloogd grenen meubeltjes. “Maar de klimop en die omgevallen groentenmand leveren ze er straks niet bij hoor! Laat je niet misleiden”, waarschuwt haar man. Het wordt de Sunset Brique. Om de frisse uitstraling, zo luidt haar motivatie. “Dat zware eiken past eigenlijk niet in onze nieuwbouwwoning.”

Ook hij toont zich als calculerende burger enthousiast over de Sunset, vooral wegens de tijdelijke uitzoekkorting van 35 procent die het pasgetrouwde paar krijgt. Snel laat hij zijn blik glijden over de uitzetlijst. “Als we bezuinigen op het ledikant, de commode en de linnenkast, nemen we de luiertas, het traphek en de babybike in feite gratis mee”, berekent hij triomfantelijk. “Bovendien ligt er voor u een leuke verrassing bij de kassa”, zegt de verkoopster die op het punt staat twee nieuwe klanten-in-blijde-verwachting rond te leiden over de afdeling autostoelen.

Tevreden betaalt het paar even later een kleine achtduizend gulden voor de eerste babybenodigdheden. Inclusief de drie-in-één-combiwagen van Mutsy en het multi-gym Activity Center dat alvast boven de wieg kan worden bevestigd. De Sunset Brique wordt over drie maanden thuisbezorgd.

Was Babypark Kesteren tien jaar geleden nog een pittoresk pandje in het Gelderse dorp Opheusden, sinds 1987 huist het grootwinkelbedrijf in een loods op industrieterrein 't Panhuis. Dagelijks slenteren enkele duizenden bezoekers langs de waterput, langs de op schaal nagebouwde watermolen en door de laantjes met bomen- en bloemennamen. Het babypark is niet de enige supermarkt waar moderne ouders in spe hun noodzakelijke en minder noodzakelijke kraamaccessoires kunnen vinden. Het afgelopen decennium zijn in Nederland elf vestigingen van het Prénatal Welcome Warenhuis, zes Baby-Stunters, een Baby-Dump, een Baby Inn en een Baby Meubel Paradijs geopend. Aan elke woonboulevard vind je een of meer bescheiden (minder dan 2.000 m groothandels voor ouders van pasgeborenen, terwijl de fabrikanten van autostoeltjes, ombouwbare kinderwagens en luiers inmiddels in een hevige concurrentiestrijd zijn verwikkeld. Ondanks het stagnerende geboortecijfer is ons land een bedrijfstak baby rijker geworden.

Je zou denken dat de babybranche zich voornamelijk van pasteltinten bedient en dat je in de warenhuizen wordt bedwelmd door slaapmuziekjes, zoete luchten en miniatuurmeubilair. Maar eerder vertonen de moderne koophallen een opmerkelijke overeenkomst met de gestaalde zakelijkheid van de autohandel. Bij Baby-Dump in Eindhoven - die zich Nederlands grootste babyspeciaalzaak noemt - staan honderden buggy's, badjes en kinderstoelen met bonte bekledingen achter elkaar in toonzalen opgesteld. 'Alle topmerken zijn ruim vertegenwoordigd', belooft de folder en 'Bij teleurstellende zwangerschap geld terug'. Een doorgroeikamer - die van babystulp tot tienerkamer kan worden omgebouwd - heet 500 Classic en een duo-combiwagen draagt de naam Koelstra Sportline All purpose.

Tegen een buggy mag je tegenwoordig turbo 02 zeggen of combi automatic en het handige autokuipje Maxi-Cosi is in zeven jaar tijd wel vier keer van naam veranderd. Van de modellen 500, 2000 en Super zijn inmiddels geen onderdelen meer verkrijgbaar. Het nieuwste ergonomische lichtgewichttype Plus bezit een stoelverkleiner, een verstelbare beugel en een zonnekap. Voor de doorgewinterde merkfan is er nu ook de speciale schommel Maxi-Swing, de draagzak Maxi-Gogo, de wandelwagen Maxi-Taxi en het oefenpotje met afneembare bril Maxi-Potti.

Vorig jaar gaven de Nederlandse ouders samen naar schatting zo'n 613 miljoen gulden uit aan baby-artikelen. Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) beraamt de minimumkosten van een uitzet - inrichting kamer van drie bij vier meter, kleding, verzorging, box, kinderstoel en voertuigen - op 3.260 gulden.

De aandacht voor babykamer en kindershoppen krijgt een steeds dwangmatiger karakter. Wie niet ruim op tijd - in de zevende maand van de zwangerschap - de wieg heeft bekleed, de zestien hydrofielluiers en de zes overslaghempjes in de commode heeft opgeborgen en in het bezit is van twee naadloze kruiken, loopt het risico een reprimande te krijgen tijdens de kraamzorgintroductie.

Omdat hun baby's nog niet over de juiste trendgevoeligheid beschikken, horen pa en ma op de hoogte te zijn van de laatste mode in babyland. Niets is immers zieliger dan je onschuldige kind in een afgebladderde box te leggen, die niet over een verschuifbare bodem beschikt. En wie speelt er nog met een rammelaar sinds er zulke kleurrijke work outs verkrijgbaar zijn? 'Daar wil je kleintje in gezien worden!', zo prijst Babypark Kesteren zijn kamertjes aan in de catalogus.

In dé bladen (Kinderen, Ouders van Nu en Kindje op Komst) heerst dit seizoen een uitgesproken voorkeur voor de matgele babykamer met knusse dekenkist. De smeedijzeren wieg, liefst afkomstig van grootmoeders zolder, heeft het handige eikenhouten ledikant met sluier verdrongen. Zwitsal gaat nog steeds boven Natusan, Unicura en het hypo-allergene Babbasan met Nijntje-opdruk. De Maxi-Cosi blijft populairder dan de iets goedkopere epigoon Easybob. Zuigflessen en de orthodontisch verantwoorde fopspenen komen van Dodie, het autozitje van Storchenmühle ('Met vijf veiligheidspluspunten!') en de Tripp Trappkinderstoel van de Noorse meubelmaker Stokke.

Baby's zijn na de Oilily-kleuters en de Nintendo-freaks een krachtig marktsegment geworden. Ze beschikken volgens dokter Benjamin Spock dikwijls over ouders die hun inkomen en prestige op de arbeidsmarkt als het grootste goed beschouwen. Een gezin wordt daarbij op de koop toe genomen. In zijn laatste boek Parenting spreekt de opvoedingsgoeroe zijn zorg uit over de competitieve en consumptieve maatschappij waarin baby's tegenwoordig opgroeien. “Hun moeders hebben de kortzichtige waarden van hun echtgenoten overgenomen en laten zich volledig meeslepen in de macho-male corporate business-stijl.”

Volgens de Britse cultuurcritica Rosalind Miles hebben vooral de hoger opgeleide ouderparen zo'n egoïstische en materialistische instelling. Niet zozeer uit een diepgeworteld schuldgevoel tegenover hun verwaarloosde kroost, maar als onderdeel van een succesvolle levensinrichting. “Zij beschouwen de kids als een vanzelfsprekend bewijs van hun persoonlijke verdienste, vergelijkbaar met een dure buitenlandse vakantie of een grotere auto”, schrijft ze in haar bestseller The Children We Deserve (1994). Alsof de opvoeding gedoemd is te mislukken als de luier niet van Pampers komt of de Baby-Bag van Prémaxx.