Probleem-olifanten en verleidelijke neushoorns

Ook de olifant-jeugd is stuurloos. Zij ontbeert bakens en ouderlijk toezicht in een verknipte maatschappij - in het Zuidafrikaanse wildreservaat Pilanesberg tenminste. Het resultaat: vandalisme, moordzuchtig gedrag en seksuele aberratie die de soortgrenzen overschrijdt. Witte neushoornkoeien zijn het slachtoffer van bestialiteit van olifant-oorsprong.

Het begon er vorige maand mee dat een stier in het drukbezochte natuurpark ten noordwesten van Johannesburg een clubje toeristen op foto-safari met een aanval aan het schrikken bracht. Het leverde zeer gewenste plaatjes op, maar niettemin werd de volgende dag een professionele jager op het dier afgestuurd. Die werd ook aangevallen, en gedood. Internationaal sprongen kranten er bovenop: wangedrag van een olifant. Agressie en moord, zo luidde het oordeel. Terwijl wat het tweede betrof toch ook zelfverdediging bepleit kon worden.

Inmiddels blijkt er meer aan de hand. Twee jaar geleden werd ook al een toerist aangevallen. Maar de meeste slachtoffers vielen de laatste drie jaar onder witte neushoorns - welgeteld negentien doden, omgebracht door olifant-slagtanden. En er waren waarnemingen van olifantstieren die, onmiskenbaar in opgewonden staat, witte neushoornkoeien bestegen - en daarmee opeens erg klein en weerloos lieten lijken. Het heeft er alle schijn van dat zij frustratie over tegenvallende paringen gewelddadig op de toch al ontvangende partij afreageren.

De Zuidafrikaanse 'Rhino and Elephant Society' zat er ondertussen mooi mee. Een schisma onder haar leden dreigde. Hoe te verkopen dat je bedreigde beschermelingen, slachtoffers van de mens, elkaar ook weleens slachtofferen? Met een combinatie aan handelingen die zelfs Pistolen Paultje, die zich vol overgave inzet voor het seksueel en anderszins mishandelde dier, met de oren zou doen klapperen? Ja, toch weer door het aanhalen van wangedrag van de mens.

Het verhaal is plausibel. Alle zich misdragende olifantstieren van zeer volwassen afmetingen blijken uit één groep te stammen, een groep van jonge stiertjes die zo'n vijftien jaar geleden werden overgebracht uit het roemruchte Kruger Nationaal Park. De rest van de kudde was afgeschoten bij, zoals dat heet, het beheer van dat natuurpark. Als enige overlevenden, zonder opvoedende moeder en tantes in hun kudde, en zonder de corrigerende rol van dominante stieren die adolescente paarlustigen afremmen in hun ambities, kwamen de olifanten op vreemd terrein. Uit armoe zochten zij toen al het gezelschap van witte neushoorns.

Voor een deel is het dus een kwestie van vroege indrukken, in die zin vergelijkbaar met de ervaring van hen die zich als redder en opvoeder van een jong vogeltje hebben opgeworpen, en als dank daarvoor een jaar later in het voortplantingsseizoen liederlijk bejegend worden. De proporties zijn hier alleen wat anders. Maar er zijn meer verzachtende omstandigheden. Het reservaat is wel erg klein, erg volgezet met wilde dieren maar vooral ook: erg vol met bezoekers, dankzij het naburige casino. Een olifant zou er gek van worden. De normale olifant-neushoorn relaties staan ook daardoor onder druk.