Goldhagen

De bewering van Paul Scheffer 'De Holocaust als voorbeschikking' (19 augustus), dat Goldhagen de betekenis zou hebben gemist van de woorden die commandant Trapp sprak tot zijn bataljon voordat dit alle joodse inwoners van een Pools dorp ging vermoorden, is onjuist. Goldhagen gaat een paar keer in op de opmerking van Trapp dat zijn manschappen tijdens hun opdracht in gedachten moesten houden dat in Duitsland bij luchtaanvallen veel vrouwen en kinderen omkwamen.

Goldhagen merkt daarover mijns inziens terecht op dat je wel een zeer vreemd (=antisemitisch) beeld van joden moet hebben om het neerschieten in Polen van volkomen weerloze en ongevaarlijke joodse vrouwen, kinderen, zieken en bejaarden te kunnen beschouwen als rechtmatige reactie op het feit dat Engelse of Amerikaanse militairen Duitse steden bombarderen.

Scheffers verwijzing naar oorlog en extreme omstandigheden ter verklaring van het gedrag van 'gewone Duitsers' snijdt in elk geval niet altijd hout. Politiebataljons en Einsatzgruppen waren hun genocide werk al begonnen toen de Duitsers in het Oosten nog niet aan de verliezende hand waren en er van gevaar voor hen, die achter het front weerlozen en onschuldigen overhoop knalden, nog in het geheel geen sprake was. Het politiebataljon dat na Trapps rede Józefów uitmoordde, was net in Polen aangekomen en had in het geheel nog niets meegemaakt. Goldhagen plaatst mijns inziens ook terecht kanttekeningen bij verwijzingen naar loyaliteit aan de staat, een zogenaamd typisch Duits kenmerk, dat ook in Scheffers betoog opdoemt. Het ligt er maar aan welke staat. De regeerders van de door voortdurende onrust geteisterde Weimar-Republiek zouden verbaasd hebben opgekeken wanneer iemand hen had verteld dat Duitsers zo gezagsgetrouw en loyaal aan de staat zijn.

Waar de antisemitische overtuiging vandaan kwam, hoe zij zo verspreid en geïnternaliseerd kon raken ('vrijwillig', via 'indoctrinatie' of 'dwang'), daar valt zeker meer over te zeggen dan Goldhagen doet; dat zij wijd verbreid was en dat zonder haar de Holocaust niet kan worden begrepen, is onmiskenbaar. Scheffer zegt deze mening te delen, maar vertoont mijns inziens te zeer de neiging de specificiteit van de Holocaust en de absoluut centrale rol daarin van het antisemitisme te relativeren.