BVD nog steeds traag en weinig scheutig met inzage

De plannen om een deel van de persoonsdossiers van de BVD te vernietigen werden slechts even aangestipt tijdens het debat in de Tweede Kamer over het jaarverslag van de BVD gisteren. Bespioneerde burgers verzetten zich tegen die vernietiging. Hun verzoek om inzage is tegelijk een strijd voor openheid over het verleden.

UTRECHT, 28 AUG. “Ik wil weten of ik gedwarsboomd ben tijdens een sollicitatie”, zegt muziekleraar Rinze Heeroma. Onderhandelingen over een baan werden jaren geleden zonder opgaaf van redenen afgebroken. Hij vermoedt dat de BVD erachter zit. Heeroma weet inmiddels zeker dat hij gevolgd is door de BVD, maar het uittreksel uit zijn dossier dat hij onder ogen kreeg, geeft geen antwoord op zijn vragen.

De mensen die door de BVD in de jaren vijftig gevolgd zijn omdat zij staatsgevaarlijk geacht werden, worden ouder. Veel van hen willen weten wat de veiligheidsdienst voor informatie over hen heeft verzameld. Ze willen hun dossier zien voor het te laat is. De slepende discussie over het vernietigen van grote aantallen persoonsdossiers zorgt voor extra haast bij de mensen die denken dat er van hen een dossier bestaat.

'Merkwaardig' is het adjectief dat Heeroma voor zijn eigen jeugd gebruikt. Zijn moeder was communiste, zijn vader NSB'er en zelf heeft hij bij de Jeugdstorm gezeten. “Er is zo veel in mijn leven wat duister gebleven is. De mensen die ik ernaar had willen vragen, zijn overleden. Daarom is het zo belangrijk dat deze 'geschiedschrijving van de gewone man' bewaard blijft”, zegt hij.

De belangstelling voor persoonsdossiers bestaat al zo lang als de BVD, maar tot voor kort was er geen denken aan dat iemand inzage kreeg in zijn dossier. Sinds de val van de Muur kan aan Nederlandse communisten en aan anderen die tijdens de Koude Oorlog politiek actief waren geen inzage meer geweigerd worden met een beroep op de staatsveiligheid, zo meende de Tweede Kamer in 1995. De BVD kondigde meer openheid aan in het begin van de jaren negentig. De dienst stuurde openbare rapporten naar de Tweede Kamer, hield persconferenties en begon met het publiceren van jaarverslagen. De persoonsdossiers, ook die van voor de val van de Muur, bleven echter gesloten.

Pas sinds een uitspraak van de Europese Commissie in Straatsburg in 1993 liet de BVD mondjesmaat informatie los over personen. De informatie is niet compleet - met tipp-ex bewerkt “om bronnen en werkwijze te beschermen” - en komt pas na langdurig procederen boven water. Deze gang van zaken is ook in strijd met afspraken die de juridisch adviseur van de BVD in 1994 maakte met de Vereniging Voorkom Vernietiging (VVV), die voor haar leden inzage vraagt in hun persoonsdossiers: “Op de verzoeken zal worden beslist in een tempo van tien tot mogelijk vijftien per week.” Sinds die afspraak zijn slechts 42 inhoudelijke beschikkingen afgegeven, waarvan 28 tot inzage leidden. De VVV is een administratief kort geding tegen minister Dijkstal begonnen. De Kamer drong gisteren nog eens aan op spoed bij de afhandeling van de verzoeken.

Veel van de ruim driehonderd verzoeken die de Vereniging Voorkom Vernietiging voor haar leden heeft ingediend, liggen al sinds 1991 op antwoord te wachten. Drie van de aanvragers zijn inmiddels overleden. De meeste van de enkele tientallen mensen die hun dossier of een samenvatting daarvan wel hebben gezien, denken dat er veel meer over hen bekend is bij de BVD. Ze gaan in beroep om hun hele dossier boven water te krijgen.

De stukken van dossiers die de BVD wél vrijgeeft bevatten vooral opsommingen van gemaakte reizen en vergaderingen die de bespioneerde persoon heeft bijgewoond. Het zijn losse opmerkingen, waar de aanvragers naar eigen zeggen weinig wijzer van worden.

Een infiltrant in de CPN noteert over een vrouw dat ze schoenmaat 42 heeft, zonder aan te geven waarom dat belangrijk is. Een man “eet vegetarisch, maar zijn huis ziet er netjes en verzorgd uit”. Voor vegetariërs had de dienst speciale belangstelling, omdat ze vaak linkse sympathieën hadden. Esperantisten werden stelselmatig geregistreerd, vermoedelijk omdat zij verdacht werden van het bespreken van gevoelige informatie in een voor buitenstaanders moeilijk te volgen taal. Kunstenaars werden gevolgd omdat ze 'labiel' zijn, journalisten reizen veel en zijn zodoende “mogelijk vatbaar voor werving door inlichtingendiensten van vijandige mogendheden”.

“De waarnemingen zijn onvolledig, soms zitten er grote fouten in”, zegt Roger Vleugels, voorzitter van de Vereniging Voorkom Vernietiging (VVV). Hij noemt het voorbeeld van een vrouw die ontslagen werd omdat ze een bos bloemen gekregen had van een medewerker van de Libische ambassade. “Het was gewoon vriendelijk bedoeld van die man”, zegt Vleugels. “Ze is nu anderhalf jaar werkloos.”

Door een gerechtelijke uitspraak in 1994 is het iets eenvoudiger geworden om een dossier van de BVD te pakken te krijgen. Er zijn sinds 1994 in totaal nog maar vijftig persoonsdossiers of samenvattingen ervan vrijgegeven, maar dat is meer dan in de halve eeuw ervoor bij elkaar. De Europese Commissie voor de rechten van de mens bepaalde in 1993 dat de oude BVD-wet in strijd is met artikel 6 en 8 van het Europees verdrag van de rechten van de mens. De BVD eerbiedigde de persoonlijke levenssfeer onvoldoende. Sindsdien geldt de Wet Openbaarheid van Bestuur. Een nieuwe lex specialis voor inlichtingendiensten gaat binnenkort voor advies naar de Raad van State. Inzages zullen daarmee waarschijnlijk weer moeilijker worden, denkt Vleugels. De inhoud van de dossiers verbaast de aanvragers ervan. Muziekleraar Rinze Heeroma, lid van de VVV, heeft in 1996 een samenvatting van zijn dossier gekregen. Daarin stond dat de BVD in de omgeving van Heeroma heeft geïnformeerd of hij bereid zou zijn om spion te worden. “Het bleek al snel dat ik daar niets voor zou voelen.”

Er staat niet in het dossier waarom hij spion zou moeten worden. “Waarschijnlijk waren ze op het idee gekomen door mijn plannen om naar Oost-Europa te emigreren. Ik had vóór de val van de Muur ook regelmatig contact met kennissen in Oost-Duitsland.” De DDR heeft Heeroma ooit gevraagd om informatie over de Nederlandse vredesbeweging. “Daar was niets geheims aan”, vertelt hij. “Het ging om pamfletten die iedere Nederlander zo kon opvragen.”

Heeroma kon niet zijn hele dossier inkijken, omdat er stukken van een buitenlandse veiligheidsdienst in zitten. Openbaarmaking zou volgens de BVD de staatsveiligheid in gevaar kunnen brengen. Heeroma denkt dat het om de Stasi gaat. Hij neemt geen genoegen met de samenvatting. Hij wil het hele dossier zien. “Omdat ik wil weten of er onwaarheden in mijn dossier staan, en omdat ik een hekel heb aan alle geheime diensten.”

Kees Kalkman (47), banenpooler bij het antimilitaristisch onderzoeksinstituut AMOK, heeft zijn dossier bij de Militaire inlichtingendienst nog niet mogen inzien. Hij verwacht niet dat de dienst zijn gegevens zonder tussenkomst van de rechter zal vrijgeven, omdat hij actief is in de antimilitaristische beweging. De BVD heeft aangegeven dat antimilitaristen zich nog in zijn belangstelling mogen verheugen.

“Ik wil mijn dossier inzien omdat ik vind dat ik daar recht op heb”, zegt Kalkman. Toen de Stasi-dossiers open gingen in 1992 is hij gaan kijken in het depot in Duitsland. Het sterkte hem in zijn streven. “De opening van de Stasi-archieven is voor mij het bewijs dat massale inzages mogelijk zijn zonder grote maatschappelijke problemen.”

    • Martine van Eck