Bedrijven verbruiken steeds meer energie

ROTTERDAM, 28 AUG. Het Nederlandse CO-beleid werd vastgelegd in het Nationaal Milieubeleids Plan-plus van 1990 en had als hoofddoelstelling een reductie van de CO-uitstoot in het jaar 2000 ten opzichte van het basisjaar 1989/1990 met 3 tot 5 procent. Bovendien werd afgesproken dat de uitstoot in 1995 niet hoger zou zijn dan in het basisjaar (de tussendoelstelling).

Later is aan de doelstellingen het een en ander veranderd. Het basisjaar veranderde van '89/'90 in '90 en berekeninsgwijzen werden aangepast aan internationale afspraken. De 5 procents-reductie werd losgelaten. De referentie-emissie van CO van 1990 staat nu op 174 megaton CO.

Uit de gisteren bekend geworden evaluatie van het CO-beleid blijkt dat de tussendoelstelling niet is gehaald. De referentiewaarde is zelfs met 6,8 procent overschreden. De afgelopen vijf jaar steeg de uitstoot dus gemiddeld met 1,3 procent per jaar terwijl was becijferd dat een afname van 0,3 procent per jaar (over tien jaar) nodig is om de doelstelling voor 2000 te halen.

De recente evaluatie, die noteert dat de CO-ontwikkeling 'grote zorgen baart', spreekt zich niet uit over de haalbaarheid van de 2000-doelstelling. Zij analyseert de afgelopen vijf jaar en geeft een opsomming van bestaand en ontworpen beleid.

Van belang is dat de onverwacht hoge CO-uitstoot niet op rekening komt van de economische groei. Die ontwikkelde zich precies zoals geraamd. De tegenvallers komen grofweg uit drie richtingen. Het energie-besparingstempo blijft achter bij de raming. Het RIVM meent dat het besparingsbeleid wel effect sorteert maar dat klinkende resultaten uitblijven door de lage energieprijzen en het niet dwingende karakter van het Nederlandse beleid. De evaluatie van VROM tekent erbij aan dat nog veel beleid in de 'pijplijn' zit, zodat nog een inhaal-effect is verwachten.

Tegen de hoop en verwachting in blijkt de Nederlandse economie zich niet in een energie-extensieve richting te ontwikkelen maar juist steeds energie-intensiever te worden. Er komen steeds meet ondernemingen (zware industrie, transportbedrijven) die zijn aangewezen op een hoog energiegebruik. Ook land- en tuinbouw vallen waarschijnlijk in die trend.

Daar komt ten slotte nog bij dat de aard van de ingezette fossiele brandstoffen verandert, of op zijn minst het afgelopen jaar (1995) heel ongunstig was. Er zou door de energiesector (elektriciteitsbedrijven en raffinaderijen) meer steenkool en aardolie zijn ingezet dan verwacht mocht worden. SEP, de overkoepelende organisatie van elektriciteitsproducenten, tekent erbij aan dat de centrales in Nederland geen olie verstoken en dat de kolen-inzet van jaar tot jaar maar weinig varieert. “Maar inderdaad lag die vorig jaar een procent of 7 hoger dan het jaar daarvoor.”