Miljoenen

Er komen meer bezoekers naar de clubs uit de hoogste Engelse voetbaldivisie kijken dan ooit tevoren, maar toch is het de vraag of het werkelijk goed gaat met het voetbal daar. Is dat niet een geval van zorgen en bekommernis zoeken waar ze niet zijn?

Alleen Leeds United heeft de prijs van zijn seizoenkaarten niet verhoogd; alle andere deden dat wel, sommige zelfs met vijftien procent of meer. Shirtjes, vaantjes en dergelijke vliegen als warme broodjes de deur uit en de topclubs verdienen aan die profijtelijke handel meer dan bescheiden clubs uit de lagere divisies aan entreegelden. Op dit moment blijkt al, dat de veertig miljoen gulden welke Newcastle United voor Alan Shearer neertelde, te veel geld is geweest. Shearer mag een uitstekende voetballer zijn met een fijne neus voor doelpunten, veertig miljoen gulden als koopprijs kan hij onmogelijk waarmaken. Groot nieuws is op dit moment dat hij één maal heeft gescoord in drie wedstrijden.

De situatie in Engeland is bijna identiek aan die bij ons. Toegangsprijzen gaan vrolijk omhoog - niet omdat men garandeert dat de toeschouwers meer waar voor hun geld krijgen, maar omdat bijna iedereen zich geroepen voelt mee te doen met de dans om het gouden kalf, uit angst anders te degraderen en voorgoed de weg omlaag te moeten inslaan. Brian Scovell schrijft in de Daily Mail dat een topmusical in het Londense West-End goedkoper is dan een kaartje voor een gewone voetbalwedstrijd. Chelsea vraagt al veertig pond voor een zitplaats en Scovell verwacht, dat een grote opera in Covent Garden binnenkort goedkoper zal zijn. De voorzitter van de bescheiden geklasseerde, kleinere profclub Torquay United heeft verklaard dat zijn vereniging 45 jaar alle inkomsten opzij zou moeten leggen om Shearer te betalen.

Op zichzelf is het prima dat de belangstelling voor voetbal in Engeland toeneemt. Bedrijven en rijke particulieren pompen veel geld in soccer dat in juni jongstleden thuiskwam - althans zo wilden de slogans het Europees kampioenschap vertalen. Dat daar niet bijzonder goed werd gespeeld, heeft men als massa voor lief genomen. De enkele sterren die werkelijk straalden waren - op Shearer en Gascoigne na - buitenlanders. Wat Engelse kenners steekt, is het feit dat de tijden voorbij zijn waarin Britse spelers overal ter wereld vette contracten konden veroveren. De wereld koopt momenteel weinig of geen Engelsen meer: Engeland koopt buitenlanders en die zijn vaak succesvol in Albion, Eric Cantona en Ruud Gullit voorop.

Waar zijn de tijden gebleven waarin Stanley Matthews, de grootste der groten, per week tijdens het gesloten zomerseizoen twintig pond verdiende en zijn ploeggenoten bij Stoke en Blackpool nog minder. Natuurlijk valt daaruit te concluderen dat de Britse spelers voor de Tweede Wereldoorlog danig onderbetaald werden en dat de meeste toeschouwers schamele staanplaatsen ter beschikking hadden waar het liefelijke Britse klimaat zich van zijn guurste en natste kant liet zien. Nu staan alom kuipstoeltjes ter beschikking. De stadions zijn verbeterd, de spelers worden menswaardig betaald, overdreven menswaardig zelfs in diverse gevallen. Maar wie zitten er op de mooiste plaatsen? Volgens de Daily Mail vooral mensen met zeer aantrekkelijke inkomsten, onder wie veel vrouwen. Hartelijk welkom dames! Maar de voorwaarde behoort te zijn dat het spel u dierbaar is, althans wordt. Anders kunnen u en uw man, die in voetbal zijn gestapt omdat het de grote mode was, beter uw plaatsen vrijmaken voor de ware liefhebbers.