Dramatische pleidooien voor dienstbare overheid

CHICAGO, 27 AUG. De Amerikaanse acteur Christopher Reeve, die vrijwel volledig verlamd is en slechts met moeite kan spreken, stak gisteren op de openingsavond van de Democratische conventie in Chicago een toespraak af die de gedelegeerden bezielde en tegelijk ontroerde.

Een welsprekender pleidooi voor een overheid die zich het lot van burgers in nood aantrekt, is in de Amerikaanse politiek lang niet gehoord. Herhaaldelijk oogstte Reeve die in de jaren zeventig en tachtig bekend werd als Superman in de gelijknamige films, staande ovaties van de Democraten.

Gezeten in zijn rolstoel, met een plastic beademingsbuisje in zijn keel, herinnerde Reeve zijn gehoor aan president Franklin D. Roosevelt, de vader van de Amerikaanse verzorgingsstaat. “Ik geloof, net als de huidige regering, in het belangrijkste beginsel dat FDR ons heeft geleerd: Amerika laat zijn behoeftige burgers niet aan hun lot over. Amerika is sterker als we allemaal zorgen voor ons allemaal.”

Vooral die woorden werden met luid applaus ontvangen. Veel gedelegeerden zijn ongelukkig met de drastische, volgens sommigen harteloze hervorming van de bijstand waar president Clinton mee heeft ingestemd. Maar in de woorden van de acteur konden ze beluisteren dat mededogen toch nog een plaats heeft in hun partij. “De laatste paar jaar hebben we veel gehoord over iets wat 'familiewaarden' wordt genoemd. Ik denk dat dat betekent dat we allemaal familie van elkaar zijn, en dat we allemaal waarden hebben. Als dat zo is, als Amerika echt een familie is, dan moeten we erkennen dat veel familieleden pijn hebben. Zeker, we moeten de begroting in evenwicht brengen. Maar we moeten ook zorgen voor onze familie, en geen projecten afkappen die mensen nodig hebben.”

Reeve, die vorig jaar mei van zijn paard werd gegooid en daarbij een beschadiging van de ruggewervel opliep, heeft zich sinds enkele maanden tot pleitbezorger gemaakt van meer overheidsgeld voor medisch onderzoek, vooral op het gebied van deze en andere oorzaken van verlamming. Ook gisteren brak hij een lans voor royale financiering van dergelijk onderzoek, maar zijn betoog was tegelijk een veel breder appèl aan het geweten van de Amerikanen en een pleidooi voor optimisme.

Ook de twee andere hoofdsprekers op de eerste conventie-avond waren geen politicus. En ook zij leken al die Amerikanen, en vooral Republikeinen, te antwoorden die betogen dat de overheid niet veel meer is dan een geldverslindende en bemoeizuchtige bureaucratie. Bijna zo dramatisch als het optreden van Reeve was de rede van Sarah Brady, de vrouw van Jim Brady, die als woordvoerder van Ronald Reagan in 1981 ernstig gewond raakte bij de moordaanslag op de toenmalige president. De afgelopen jaren is mevrouw Brady, met haar man in een rolstoel aan haar zijde, een van de stuwende krachten geweest bij de totstandkoming van een wet, wel de Brady-wet genoemd, die beperkingen stelt aan de verkoop van vuurwapens. In navolging van president Clinton pleitte ze er gisteren voor mensen die veroordeeld zijn voor mishandeling van kind of partner, een wapenvergunning te onthouden.

Maar het was niet zozeer de inhoud van haar woorden die dramatisch was, als wel de presentatie. De Republikeinen hadden twee weken geleden met een twaalfjarig aidspatiëntje, een verkrachtingsslachtoffer en een politieman in een rolstoel al een belangrijke rol op hun conventie toegekend aan sprekers die een persoonlijke tragedie hadden doorgemaakt. Maar met Reeve en Brady staken de Democraten hen gisteren naar de kroon, vooral toen het lijdensverhaal van de laatste een wonderbaarlijke, bijna bijbelse genezing bleek te bevatten: de man die de afgelopen jaren uitsluitend in een rolstoel in de openbaarheid was verschenen, vergezelde nu lopend met een wandelstok zijn vrouw naar het spreekgestoelte. Pas daar nam hij, onder donderend aplaus van de zaal, plaats in zijn rolstoel.

Dat de Brady's Republikeinen zijn versterkte het effect van hun optreden nog. De Republikeinse president Bush had de Brady-wet met zijn veto getroffen, en daarom werd nu president Clinton, die de wet wel tekende, door Sarah Brady bedankt en geprezen, terwijl haar man zijn duim in de lucht stak. De steun van deze twee Republikeinen is voor de Democraten vooral van symbolisch belang. Maar wellicht helpt het bij het terugwinnen van sommige zogenoemde Reagan-Democraten, Democraten die door president Reagan Republikeins zijn gaan stemmen.

Zonder het woord overheid te laten vallen gaven Reeve - met zijn pleidooi voor een Amerika dat zich om zijn behoeftigen bekommert - en Brady - met haar pleidooi voor meer controle op de verkoop van vuurwapens - krachtig aan op wat voor manier de overheid zich volgens hen nuttig kan en moet maken. Dat deed ook John Henry Stanford, een zwarte ex-generaal uit het leger die sinds vorig jaar verantwoordelijk is voor het schooldistrict van de stad Seattle. Stanford nam het op voor het openbare onderwijs, en de betrokkenheid daarbij van de overheid.

En passant nam hij ook nog het boek van Hillary Clinton, It Takes a Village, in bescherming tegen een aanval van de Republikeinse presidentskandidaat Bob Dole, zonder overigens diens naam te noemen. Dole had twee weken geleden gezegd dat er niet een dorp voor nodig is om een kind op te voeden, zoals Hillary Clinton stelt, maar alleen een gezin. Stanford bracht daar tegen in dat er helaas steeds meer kinderen zijn zonder gezin, en zonder huis. “De uitspraak dat er een dorp voor nodig is om een kind op te voeden, gaat nu meer op dan ooit.”