Chinezen maken Vancouver tot 'Hongcouver'

Vancouver is een van de populairste toevluchtsoorden voor Chinezen uit Hongkong. Het vooruitzicht van de Chinese overname van de Britse kroonkolonie heeft velen doen besluiten de Stille Oceaan over te steken. Ook veel Taiwanezen kiezen voor de Noordamerikaanse westkust. Canada is bij Chinezen het meest in trek. Vancouver spant de kroon met een kwart miljoen Chinese Canadezen, van wie de helft de afgelopen vijf jaar arriveerde. Een op de vier inwoners in de regio 'Hongcouver' is van Aziatische afkomst. Canada is blij met deze goed geschoolde en rijke modelimmigranten. “Het is allemaal prima, als je maar bakken met geld meebrengt.”

Aan de buitenkant wijst weinig erop dat het Aberdeen Centre, een overdekte winkelpromenade aan de rand van Vancouver, geen normale, typisch Noordamerikaanse mall is: een uitgestrekt, laag en vormloos centrum van winkels en vermaak, omzoomd met ruime parkeergelegenheid. Alleen een tempeltje met een Boeddha-beeld bij een van de ingangen doet wat ongebruikelijk aan.

Binnen blijkt echter het grote verschil: er zijn geen grote Amerikaanse warenhuizen, mode- of supermarktketens te vinden. In plaats daarvan is er een enorm aantal onafhankelijke, relatief kleine winkels gevestigd met Chinese tekens op de etalageruiten, waar vooral Chinese goederen en diensten worden verkocht: boeken en kranten in Mandarijns en Kantonees, muziek, mode, Chinees antiek en fastfood-rijstmaaltijden. Ook de klanten zijn voornamelijk Zuidoost-Aziatisch.

Aberdeen Centre is een Chinees winkelcomplex in Richmond, een voorstad van Vancouver aan de Canadese westkust, waar een derde van de 140.000 inwoners van Chinese afkomst is. Het is een van vijf dergelijke winkelcomplexen in Richmond die in nauwelijks vijf jaar zijn verrezen. Een zesde is in aanbouw.

De winkelcentra tonen een merkwaardige mengeling van Amerikaans en Chinees cultuurgoed. In plaats van de overvolle winkelstraten die de klanten in hun vaderland gewend zijn, vormen neon-verlichte ruimtes met kunststof meubilair het decor van de Zuidoost-Aziatische lunch. En de rechtlijnige, glimmende promenades zijn een ongewone achtergrond voor wimpels met afbeeldingen van draken en Chinese karakters.

Het lijkt de plaatselijke Chinese gemeenschap echter niet te deren. Een voordeel van de overdekte winkelpromenades is immers, zo observeert Tony Ouyang, een immigrant uit Hongkong die als verkoper werkt in de Tung Fong Hung-drogisterij, “dat ze veel rustiger zijn dan de hectische straten van Hongkong.”

Ouyang is niet de enige die de rust en de stabiliteit van Vancouver heeft verkozen boven een onzekere toekomst in de Britse kroonkolonie. Sinds China en Groot-Brittannië in 1984 overeenstemming bereikten over de teruggave van Hongkong aan China in 1997, heeft Vancouver zich ontpopt als een van de populairste toevluchtsoorden voor inwoners van Hongkong die de machtsoverdracht niet willen afwachten. Ook tienduizenden Taiwanezen, geïntimideerd door Beijings verhulde dreigementen van een militaire inval in Taiwan, alsmede Chinezen uit de Volksrepubliek, maken sinds enkele jaren deel uit van een aanzwellende stroom emigranten die een veilig heenkomen zoekt aan de Noordamerikaanse westkust.

Hoewel ook Los Angeles, San Francisco en Seattle, aan de westkust van de Verenigde Staten, grote aantallen Chinese immigranten aantrekken, is “Canada veelal eerste keus voor mensen uit Hongkong en Taiwan die willen emigreren,” zegt Francis Chan van de Chinese belangenorganisatie Success in Vancouver. “En Vancouver is de populairste bestemming binnen Canada.”

De stad is nu de thuisbasis van een kwart miljoen Chinese Canadezen, van wie de helft in de afgelopen vijf jaar arriveerde. Per jaar komen er ongeveer 30.000 immigranten bij. Inmiddels is een op de vier inwoners van de regio Vancouver van Aziatische afkomst, een ongeëvenaard cijfer in Noord-Amerika, dat de stad de bijnaam 'Hongcouver' heeft opgeleverd.

Een belangrijke factor in de populariteit van Vancouver als emigratiebestemming onder Chinezen is het feit dat de Canadese regering ze graag ziet komen en ze zelfs bewust aantrekt. Canada is weliswaar grotendeels door immigranten opgebouwd, maar nooit eerder zag het land een dergelijke toevloed van wat wel worden genoemd “modelimmigranten”: ze zijn relatief jong, gezond, goed geschoold, vol zelfvertrouwen en kunnen zichzelf veelal goed onderhouden. Bovendien zijn ze voor Canadese begrippen rijk. Dankzij uitzonderlijk hoge inkomens, maar bescheiden uitgaven in Hongkong en Taiwan, kunnen de Chinese immigranten zich in het relatief goedkope Canada plotseling een hoop consumentengoederen veroorloven.

“De meeste mensen uit Hongkong en Taiwan die hier naar toe komen, hebben een behoorlijke koopkracht en stimuleren de plaatselijke economie,” zegt James Ho,een Taiwanese zakenman en vice-voorzitter van de Chinese ondernemersorganisatie in Vancouver. Vele bedrijven in de regio sprongen snel af op het nieuwe, welgestelde deel van de consumentenmarkt door hun diensten behalve in het Engels ook in Chinees aan te bieden. Volgens Tung Chan, vice-president van de Toronto Dominion Bank (TD) verantwoordelijk voor Aziatische diensten, “kost die extra service wat meer, maar is het uiteindelijk ook lucratiever, omdat de Aziatische klanten gemiddeld hogere saldo's op hun bankrekening hebben dan de Canadese.”

Om het kapitaal, alsmede de geschoolde arbeid uit Zuidoost-Azie naar Canada te trekken, voert Ottawa sinds tien jaar een zeer soepel toelatingsbeleid. Komen in de Verenigde Staten emigranten uit Hongkong, Taiwan en China alleen in aanmerking voor toelating als ze er al familie hebben wonen, in Canada doet een goed diploma op het cv, of de bereidheid geld in de Canadese economie te steken, al wonderen bij het toelatingsgesprek.

“Het is slim beleid van Canada,” oordeelt Ho. “De regering kijkt zowel naar de kwalificaties als naar het kapitaal van de mensen uit Hongkong en Taiwan.” De toestroom van Aziatische immigranten naar Vancouver is dan ook te verdelen in drie ongeveer even grote groepen, zo voegt Francis Chan eraan toe: goed geschoolde vaklieden, gezinsleden van eerder toegelaten immigranten en investeerders.

Die laatste groep komt binnen via het meest omstreden onderdeel van het aantrekkingsbeleid: het Immigranten Investeringen Fonds, een programma dat Ottawa tien jaar geleden instelde om rijke buitenlanders te lokken en hun geld enigszins vast te leggen. Het komt erop neer dat zakenlieden die beloven tenminste 250.000 dollar (ruim 300.000 gulden) in Canada te investeren, een onderneming te beginnen of twee arbeidsplaatsen te garanderen voor vijf jaar, zo goed als zeker zijn van een verblijfsvergunning.

Sinds 1986 'kochten' ongeveer 45.000 Chinese immigranten op die manier hun Canadees staatsburgerschap voor in totaal meer dan drie miljard dollar. Een groot deel van dat kapitaal werd rechtstreeks in de economie van Vancouver gepompt. Zo hebben de nieuwkomers onder meer de produktie van computeronderdelen, textiel en kunststoffen in Vancouver opgeschroefd en schieten de woon- en kantoortorens er als paddestoelen uit de grond.

“Investeringen vanuit Hongkong hebben de economie van Vancouver beslist een enorme impuls gegeven,” concludeert Robert Mason Lee, een plaatselijk publicist. “Er wordt overal gebouwd, banen worden geschapen en de stad ziet er beter uit.” Vooral dankzij deze Aziatische impuls, betoogt hij, ontkwam Vancouver zelfs goeddeels aan de recessie die andere Canadese steden als Montreal en Toronto in het begin van de jaren negentig trof.

Werd Vancouver in het verleden wel 'een mooie stad aan de verkeerde kant van Canada' genoemd, nu bereikt de stad juist dankzij haar geografische locatie economische groeicijfers waar men in Montreal en Toronto slechts van kan dromen.

Ook op het gebied van de internationale handel heeft British Columbia, de Canadese deelstaat waar Vancouver in ligt, meer profijt van de connectie met Hongkong, Taiwan en China dan de rest van Canada. Als geheel stuurde Canada, dat traditioneel sterk op de Verenigde Staten is gericht, vorig jaar driekwart van zijn exporten naar de VS. Voor British Columbia was dat Amerikaanse aandeel echter maar 54 procent; een derde van de uitvoer van de deelstaat ging naar Zuidoost-Azië.

Tenslotte zal de aanwezigheid van investeerders en zakenlieden uit Hongkong en Taiwan volgens Tung Chan ook minder direct tastbare gevolgen hebben voor de economie van Vancouver. Hij voorspelt dat de stad op wat langere termijn iets van de ondernemersgeest zal overnemen die Hongkong en Taiwan economisch groot maakte. “De kruisbestuiving van beide handelsculturen zal de concurrentiepositie van de stad beslist ten goede komen,” zegt hij. Als voorbeeld noemt Chan, een immigrant uit Hongkong, het in zijn opvatting nu nog wat lage handelstempo in Vancouver. De stad kan volgens hem nog wat leren van de ondernemers uit Hongkong, “waar zakendoen een 24-uursaangelegenheid is.”

Ondanks de indrukwekkende cijfers en gunstige voorspellingen waarschuwt Robert Mason Lee echter voor al te veel optimisme. “Ik moet nog zien of het positieve effect van de Aziatische impuls blijvend is”, zegt hij, wijzend op het feit dat tot nog toe het leeuwendeel van het Chinese geld is gestoken in onroerend goed. “Mijn zorg is dat slechts een klein deel is geïnvesteerd in belangrijke sectoren als infrastructuur, industrie en technologie.”

Begrijpelijk vindt Mason Lee de voorkeur van Chinese investeerders voor onroerend goed overigens wel. “Je kunt hier appartementen exploiteren terwijl je in Hongkong verblijft”, zegt hij. “Ze leveren je inkomen op en ze zijn beschikbaar om in te wonen zodra dat nodig is.” Die flexibiliteit van onroerend goed als investering, gekoppeld aan het veiligheidsgevoel dat een Canadees paspoort biedt, is inderdaad een populaire combinatie gebleken onder tienduizenden immigranten uit Hongkong. Met het Canadese paspoort op zak gaan zij terug naar de kroonkolonie om voor 1 juli 1997, de dag waarop het bewind in Hongkong wordt overgedragen aan Peking, nog zo veel mogelijk geld te verdienen en om eventueel daarna toe te kijken hoe de situatie zich verder ontwikkelt. Deze zakenlieden ('astronautvaders' genoemd) hebben veelal hun gezin naar Canada overgebracht.

“Veel mensen in Hongkong willen pas op het laatste moment vertrekken”, verklaart Samuel Wu, eigenaar van een Chinese antiekzaak in het Aberdeen Centre. “Ze willen op de valreep daar nog zoveel mogelijk geld verdienen, want ze weten dat dat in Noord-Amerika moeilijker zal zijn.” Ondanks dat financiële voordeel zegt Wu, een veertiger die drie jaar geleden met zijn gezin van Hongkong naar Vancouver emigreerde, Canada te prefereren boven Hongkong: “In Hongkong kun je weliswaar sneller veel geld verdienen, maar het leven is er zeer gespannen”, aldus Wu. “Canada is een betere plaats voor kinderen om op te groeien.”

Betere levensomstandigheden in Canada worden vaker door Chinese immigranten genoemd als reden voor hun stap. “Zeker, de komst van grote aantallen immigranten in de laatste tien jaar heeft veel te maken met de politieke instabiliteit in Hongkong en Taiwan,” zegt Francis Chan. “Maar ze komen ook af op wat Canada te bieden heeft.” Als voorbeelden noemt hij het gunstige sociale klimaat, het minder prestatiegerichte onderwijssysteem en de meer ontspannen levensstijl aan de westkust.

De Aziaten voelen zich bovendien welkom in Canada. Volgens Mason Lee heeft niet alleen de regering in Ottawa, maar ook de bevolking van Vancouver de Chinese gemeenschap omarmd. “Je ziet weinig intolerantie,” zegt hij. Er was wat gemopper toen rijke Chinezen bescheiden bungalows in Vancouver begonnen op te kopen en ze vervingen door 'monsterwoningen' met roze buitenmuren, waarbij geen centimeter van de grond onbenut werd gelaten. En sommige blanke inwoners van Richmond, die zich vreemdeling voelden geworden in hun eigen buurt, verhuisden naar andere delen van de stad.

Daar tegenover staat echter dat een groot aantal inwoners van Vancouver direct beter is geworden van de 'Aziatische invasie', zoals de immigratiegolf wel wordt genoemd. De prijzen van woningen in de stad zijn als gevolg van de toenemende vraag in korte tijd omhoog geschoten tot veruit de hoogste in Canada. Huizenbezitters werden slapend miljonairs.

Volgens Mason Lee is over het algemeen dan ook de houding: 'we mogen blij zijn dat ze uitgerekend hier naartoe komen'. De uitgave van Canadese paspoorten aan immigranten uit Hongkong en Taiwan is eigenlijk “bijna een zakelijke transactie,” merkt hij schertsend op. “Je kunt hier naartoe komen zonder een woord Engels te spreken, je kunt je eigen gemeenschap opbouwen, en je kunt winkelen in je eigen mall met het vertrouwde eten. Het is allemaal prima, als je maar bakken met geld meebrengt.”

    • Frank Kuin