Euthanasie

Het portret van de Nederlandse Vereniging voor Vrijwillige Euthanasie (NVVE) dat Alfred van Cleef schetst (Z 27 juli) verdient enerzijds een compliment, anderzijds een onvoldoende. Het compliment voor alles waarvoor ook de NVVE een compliment verdient, de onvoldoende voor wat de NVVE nalaat. Het compliment is te vergelijken met het compliment dat Jezus aan de slechte rentmeester gaf: hij ging met grote zorgvuldigheid, menselijk inzicht en veel overleg te werk.

Maar de slechte argumenten en het morele tekortschieten van haar tegenstanders maken de argumenten van de NVVE nog niet honderd procent goed. En juist om te mogen beslissen tot het doden van jezelf of het meewerken aan de dood van anderen moeten de argumenten honderd procent zijn.

Men vergeet dat de euthanasiewetgeving in Nederland tot stand gekomen is doordat voorstemmers beducht waren voor een slechtere wet. Euthanasie en zelfdoding kan men beschouwen als de beste van twee slechte oplossingen, eventueel verreweg de beste oplossing. Maar wie stelt vast dat er geen derde weg is, die zij het met veel moeite begaanbaar is, en beter.

Niemand kiest vrijwillig voor de dood. Hoogstens toch omdat het leven ondraaglijk lijkt? De ontsnappingsclausule een 'koninklijke weg' noemen en het vraagteken weglaten, is slechts verantwoord als men de lezer tot nadenken wil uitnodigen.

Hetzelfde geldt voor de illustratie. Socrates dronk de dodelijke beker wel op een zeer speciale manier vrijwillig. De vraag wat de betere weg is, komt niet aan bod. Zij is echter te vinden in wat Socrates ons gezegd en voorgeleefd heeft. Waardigheid en het mensenleven van A tot Z als opdracht zien (humanistisch of waardiger nog: goddelijk en christelijk). Mensen helpen te communiceren tot het eind bij het onder ogen zien van waarheid, goedheid en schoonheid die steeds overal in te vinden is. Men leze Socrates, die beslist tegen suïcide was, erover na.