Sigarenkist Nedlloyd is bijna leeg

ROTTERDAM, 22 AUG. Nedlloyd is sinds de samensmelting van een aantal grote scheepvaartbedrijven tot Nederlands grootste rederij - in tonnage althans - altijd een bedrijf geweest met veel verborgen vermogen. Of het nu de verkoop betrof van een aantal villa's in Singapore, of het van de hand doen van een dochterbedrijf, altijd was er wel geld te vinden om de kaspositie wat op te fleuren als de winst uit de operationele bedrijfsvoering weer eens te wensen overliet.

Maar de grootste sigaar uit eigen doos heeft het Rotterdamse transportconcern inmiddels opgerookt. De verkoop van offshore-dochter Neddrill heeft Nedlloyd een slordige 600 miljoen gulden opgeleverd. Met een gedeelte van dat bedrag is via een boekwinst van 247 miljoen gulden de winst van Nedlloyd in het eerste halfjaar van 1996 uitgekomen op 276 miljoen gulden. Een netto winst die bovendien vertekend wordt door de terugbetaling van 26 miljoen gulden uit het pensioenfonds.

Dit bedrag is onderdeel van een eenmalige restitutie van 101 miljoen gulden, waarvan vorig jaar al 75 miljoen aan Nedlloyd is terugbetaald. Deze eenmalige baten doen wonderen voor de balans en kaspositie van Nedlloyd. Bedroeg de langlopende schuld halverwege vorig jaar nog 1,638 miljard gulden, mede door de verkoop van Neddrill denkt Nedlloyd dit bedrag aan het einde van dit jaar te hebben teruggebracht tot een miljard. Dat scheelt in de rentekosten.

Maar van het 'tafelzilver' van Nedlloyd blijft op deze manier natuurlijk weinig over. Nedlloyd heeft nu nog drie min of meer grote deelnemingen die niet zijn geconsolideerd op de eigen balans. Het bergings-, offshore-, natte waterbouw- en sleepvaartbedrijf Smit Internationale, Martinair en overslagbedrijf ECT. Voor de rest moet het geld de komende jaren meer dan ooit worden verdiend met de twee kernactiviteiten van Nedlloyd: zeetransport en vervoer over de weg.

In 1987 werd onder leiding van voormalig topman Rootliep en op advies van organisatie-adviesbureau McKinsey gekozen voor de strategie van een totale logistieke dienstverlening. Nedlloyds concept is totale beheersing van de goederenstromen ('Vervoer Plus'). Klanten kunnen voor al hun vervoer, distributie en opslag terecht op één adres: bij Nedlloyd.

Maar zowel binnen het zeetransport als het wegvervoer wordt binnen zeer smalle winstmarges gewerkt. Het operationele resultaat van Nedlloyd van acht miljoen gulden op een kwartaalomzet van 751 miljoen in de zeescheepvaart is geen cijfer om over naar huis te schrijven. In het wegtransport is dit al niet veel beter. Daar werd het afgelopen kwartaal een operationeel resultaat van 10 miljoen behaald op een omzet van 904 miljoen.

In ieder geval genereren de kernactiviteiten van Nedlloyd nog steeds veel te weinig geld om de problemen van het internationale vervoer (waarin het zogeheten door-to-door-concept centraal staat) in de 21ste eeuw adequaat te lijf te gaan. De van verzekeraar Aegon afkomstige nieuwe bestuursvoorzitter Leo Berndsen wist de neergaande lijn in het eerste jaar van 'Nedlloyd nieuwe stijl' weliswaar om te buigen van een verlies in 1993 van 112 miljoen gulden in een winst van 92 miljoen gulden in 1994, maar de financiële kunstgrepen bleven bestaan. Was het winstherstel de eerste jaren mede toe te schrijven aan een rigide bezuinigingsprogramma, vorig jaar werd de winst van 106 miljoen gulden opnieuw opgekalefaterd door een boekwinst van 57 miljoen, zodat het werkelijke resultaat over 1995 op 49 miljoen uitkwam.

Nu het voor Nedlloyd in de toekomst steeds moeilijker wordt bijzondere eenmalige baten à la Neddrill uit de hoge hoed te toveren, wordt door Berndsen c.s. de stormbal gehesen binnen het concern. Meer dan ooit wordt duidelijk dat bij de kernactiviteiten op de kleintjes dient te worden gelet wil Nedlloyd op de zich razendsnel veranderende vechtmarkt van het internationale transport in de toekomst niet definitief ten onder gaan.

In de scheepvaart (Nedlloyd Lijnen) wordt gedacht aan “het creatief financieren van schepen” en “het kritisch accepteren van lading.” Er wordt beter op de kwaliteit van de lading gelet, op de prijzen en er is een reshuffling onder de 2.000 verkopers van Nedlloyd die wereldwijd containers verkopen. Er wordt naar gestreeefd de beladingsgraad van de schepen op te voeren van 79 naar 85 procent.

Zelfs een fusie voor Nedlloyd Lijnen wordt voor de toekomst niet uitgesloten om de rentabiliteit te verbeteren. Nedlloyd werkt momenteel met nog drie containerrederijen samen in de zogeheten The Global Alliance (TGA). Nedlloyd slaat binnen die combinatie een miljoen containers per jaar over. Het bedrijf is daarmee een middelgrote speler op de markt waar qua schaalgrootte Maersk, Sealand en Evergreen de dienst uitmaken. Binnen de schaalgrootte van TGA-samenwerking streeft Nedlloyd naar een kostenbesparing van 100 dollar per container. Maar of die uitdaging, zoals Berndsen dat formuleert, ook daadwerkelijk kan worden waargemaakt is nog maar de vraag.

    • Marc Serné