Oestrogeensubstitutie helpt ook tegen de ziekte van Alzheimer

Oestrogeengebruik na de menopauze kan de kans op de dementie van Alzheimer verminderen en het optreden van deze ziekte vertragen (The Lancet, 17 aug). Amerikaanse onderzoekers analyseerden de gegevens van ruim 1200 aanvankelijk niet dementerende oudere vrouwen van verschillende etnische afkomst uit New York.

Ze woonden voor een deel zelfstandig en voor een deel in bejaardenhuizen. Al deze vrouwen werden aan het begin van het onderzoek geïnterviewd over eventueel oestrogeengebruik in het verleden. Onder de 156 vrouwen die zeiden ooit oestrogeen te hebben gebruikt, werden in de daarop volgende periode van 5 jaar 9 gevallen van de ziekte van Alzheimer gesignaleerd (5,8%), terwijl deze aandoening zich ontwikkelde bij 158 van de 968 vrouwen die nooit oestrogeen hadden gebruikt (16,3%). Het risico op Alzheimer was het meest verminderd bij de 58 vrouwen die langer dan 1 jaar oestrogeen hadden gebruikt. De diagnose Alzheimer werd overigens in alle gevallen gesteld door artsen en neuropsychologen die niet op de hoogte waren van het eventuele oestrogeengebruik.

Het is intussen een bewezen feit dat oestrogeen beschermend werkt tegen botontkalking en hart- en vaatziekten. Het gunstige effect van dit hormoon op het geheugen was tot nu toe omstreden; sommige auteurs rapporteerden dit, maar anderen konden het niet bevestigen. Het lijkt echter plausibel, want uit laboratoriumonderzoek blijkt dat het vrouwelijk geslachtshormoon oestrogeen de zenuwcellen in de Hippocampus (een gebiedje in de hersenen dat een belangrijke rol speelt bij het geheugen) beschermt tegen giftige stoffen en oxidatieve stress. Oestrogeen verbetert dus de overlevingskansen van zenuwcellen en dat kan dus de manier zijn waarop dit hormoon het ontstaan van de ziekte van Alzheimer zou kunnen tegengaan.

Het gunstig effect van oestrogeen op het optreden van de ziekte van Alzheimer bleef ook aantoonbaar als er rekening gehouden werd met vooropleiding, etnische afkomst en apolipoproteïne E-genotype (apoE). Het laatste is van belang, omdat de genetische variant apoE4 in een erfelijke belasting resulteert op de ziekte van Alzheimer. In dit onderzoek bleek oestrogeen ook beschermend te werken bij vrouwen die drager waren van deze variant.

Ondanks de positieve resultaten willen de onderzoekers nog geen definitieve conclusies trekken. Zij wijzen erop dat oestrogeen veelal wordt gebruikt door hoger opgeleide vrouwen en minder door die van Afrikaans-Amerikaanse afkomst. Weliswaar hebben zij rekening gehouden met deze factoren, maar de onderzoekers zeggen toch niet te kunnen uitsluiten dat een bepaalde levensstijl verantwoordelijk was voor het geobserveerde effect, omdat het hier een retrospectieve studie betrof waarbij de vergeleken groepen zelf konden kiezen of ze wel of geen oestrogenen gingen slikken. Alvorens oestrogeen voor te schrijven ter preventie van de ziekte van Alzheimer moet er daarom eerst een betrouwbaar prospectief onderzoek worden verricht naar het effect van oestrogeen hierop bij vrouwen rond de menopauze, waarbij ook moet worden gekeken naar de veiligheid, de gewenste duur van de behandeling en de dosering waarbij een optimaal effect optreedt.