Mislukte basisvorming

In het interview met NRC HANDELSBLAD van 16 augustus stelt staatssecretaris Netelenbos van Onderwijs dat het einde van de basisvorming niet is ingeluid door het afschaffen van de identieke toetsen voor alle leerlingen. Deze toetsen bleken te moeilijk voor zwakke leerlingen en, zo voeg ik er aan toe, te makkelijk voor Havo- en VWO-leerlingen.

De basisvorming is naar mijn mening pas echt mislukt, wanneer meer leerlingen opleidingen gaan 'stapelen'. Van stapelen is sprake als leerlingen bijvoorbeeld na hun Mavo-diploma een Havo-diploma willen halen.

Een belangrijk argument om de basisvorming met gelijke toetsen voor alle leerlingen in te voeren, betrof de moeilijkheid leerlingen op jeugdige leeftijd te selecteren. Door de basisvorming zou de selectie later en doeltreffender plaatsvinden. Als het zo moeilijk is veel leerlingen op jeugdige leeftijd te selecteren, moet men naar mijn mening niet verbaasd zijn dat diploma's worden gestapeld. Of een leerling nu 12 jaar of 14 jaar is, de selectie wordt er in het algemeen niet makkelijker door. Dikwijls kunnen jonge volwassenen zich in betrekkelijk korte tijd verbazingwekkend ontplooien. Stapelen is, in tegenstelling tot wat mevrouw Netelenbos stelt, geen symptoom van verkeerde selectie. Een speelse leerling van 14 jaar kan een creatieve wetenschapper van 24 jaar blijken. Het komt voor dat leerlingen bij het VBO beginnen en bij het VWO eindigen.

Het is verkeerd de selectie van 14-jarigen op te vatten als de volledige determinatie van de schoolloopbaan. Dit klemt te meer voor leerlingen uit zogenaamde 'achterstandsmilieus'. In tegenstelling tot wat mevrouw Netelenbos stelt, is het meer stapelen van diploma's juist het logische gevolg van de basisvorming. Omdat in de basisvorming alle leerlingen gedurende de eerste drie leerjaren hetzelfde programma hebben gevolgd, zij het op verschillende niveaus, wordt de overstap naar een moeilijker schooltype vergemakkelijkt. Stapelen is het succes van de basisvorming.