Waar blijft het reveil van de politieke ambitie

De 'alles moest anders'-generatie heeft op grote schaal spijt betuigd, maar van haar grootste kwaal is ze nog altijd niet genezen: zelfingenomenheid. De babyboomers hebben met dezelfde hoogmoed als waarmee ze ooit de hemel bestormden afscheid genomen van hun idealen van weleer. Maar ze zien zich nog steeds als het middelpunt van het universum: 'Als wij de wereld niet kunnen verbeteren dan kan niemand het'.

Ook politici die nooit hebben geflirt met het maoïsme hebben een klap gekregen van de desillusie van de jaren zestig en zeventig. Gematigdheid is troef. Zo bekende Wim Kok in de Rode Hoed dat hij voor alles geen politicus wil worden die meer belooft dan hij kan waarmaken. Hij probeert zo alsnog de vorige oorlog te winnen en oude verwijten over de onbetrouwbaarheid van links ongedaan te maken. Voor de uitdagingen van vandaag is dat niet genoeg.

Het is tijd voor een reveil van de politieke ambitie, omdat zonder idealen ook alledaagse oordelen hun referentiepunt verliezen. Bij de verbouwing van de verzorgingsstaat heeft het ontbreken van politieke waarden desastreuze gevolgen gehad. Technocratische taakstellingen werden verward met maatschappelijke doelen. Maar een vermindering van het aantal WAO'ers levert in sociale termen niets op als de voormalige en de gedeeltelijke arbeidsongeschikten niet aan de bak komen. Wie maatschappelijk kwetsbare groepen optimale kansen wil bieden, kan niet accepteren dat bijna een miljoen mensen arbeidsongeschikt zijn. Een ingreep was dus nodig. Maar de verkorting van de duur van de WAO-uitkering en de afschaffing van de Ziektewet hebben er alleen maar toe geleid dat werkgevers nog strenger zijn gaan selecteren op gezondheid. De kansen op de arbeidsmarkt van wie ziek, zwak of misselijk is, zijn daarom alleen maar kleiner geworden.

Het is tijd voor een reveil van de politieke ambitie, omdat er veel meer mogelijk is dan de zittende klasse denkt. Alle kritiek op het 'naïeve geloof in de maakbaarheid van de samenleving' ten spijt, bepaalt de overheid nog steeds ontzettend veel. Maar vaak stuurt ze in de verkeerde richting. Aan diverse partnerregelingen in de bijstand en de belasting wordt meer dan twintig keer zoveel uitgegeven als het totale budget voor emancipatie beloopt. Terwijl de overheid de huurders flinke huurstijgingen presenteert en de individuele huursubsidie niet laat meestijgen, blijft de hypotheekrenteaftrek onaangetast. Terwijl flexwerkers door de strengere eisen bij ontslag slechts bij uitzondering recht hebben op een WW-uitkering, krijgen de werknemers met een vaste baan nog een extra douceurtje in de vorm van het bedrijfssparen.

Het minste dat de overheid kan doen is stapsgewijs deze achterhaalde privileges afschaffen. Het is toch absurd dat de regering enerzijds met spijt constateert dat de richtlijnen voor de uitstoot van CO2 niet worden gehaald, terwijl ze anderzijds impliciete subsidies voor vervuiling (geen BTW op kerosine, goedkoop aardgas voor de tuinders etcetera handhaaft.

Het is tijd voor een reveil van de politieke ambitie, omdat alleen het behoud van het goede uit het verleden niet genoeg is. Mensen moeten meer greep krijgen op hun eigen leven. De huidige trend naar het verminderen van bureaucratie en centrale sturing is daarom op zich niet slecht. Decentralisering van macht is echter alleen legitiem als de overheid ook tegenmachten organiseert. De grotere eigen verantwoordelijkheid van woningcorporaties moet gepaard gaan met een versterking van huurdersorganisaties. De grotere beleidsvrijheid van scholen moet gepaard gaan met een versterking van de positie van ouders. In ieder geval zouden de prestaties van elke school openbaar moeten worden gemaakt. Ook zouden scholen met veel achterstandskinderen zich moeten verantwoorden voor de aanwending van de extra middelen die ze daarvoor krijgen.

Er zijn nog allerlei middelen die de overheid kan inzetten zonder te vervallen in het ontwerpen van blauwdrukken. Zo zou er een keurmerk kunnen komen voor 'maatschappelijk verantwoorde' ondernemers. Overheden en burgers zouden bij voorkeur van deze ondernemers produkten en diensten kunnen afnemen. Deze macht als consument mag de overheid niet laten schieten. Wat is er op tegen om bij grote aanbestedingen, zoals straks bij de Betuwelijn en de hoge-snelheidslijn te eisen dat de bouwbedrijven een bepaald percentage langdurig werklozen als leerling in dienst nemen?

Het is tijd voor een reveil van de politieke ambitie, omdat de teleurstelling van de jaren zestig en zeventig niet generaties lang mag doorwerken. Politici die alleen maar bang zijn te veel te beloven, krijgen ook nooit iets voor elkaar.