Van Ommeren is Pakhoed stap vooruit

ROTTERDAM, 21 AUG. Pakhoed bevindt zich momenteel in een ingrijpend reorganisatieproces dat bij bestuursvoorzitter Carel van den Driest van concurrent Van Ommeren een “hoog déjà vu gevoel oproept.” In de jaren tachtig vonden beide bedrijven tankopslag en tankvaart een te wankele basis voor de toekomst om succesvol te kunnen expanderen.

In allerijl stortten zowel Van Ommeren als Pakhoed zich op andere activiteiten die ver van de kernbezigheden (voornamelijk tankopslag) afstonden. Vooral Van Ommeren kwam van een koude kermis thuis. De overname van handelshuis Ceteco bleek een miskleun. Van Ommeren-Ceteco (VOC) bleek niet de Verenigde Oostindische Compagnie van de 21ste eeuw te zijn zoals de zich van tevoren rijk rekenende bestuurders dat hadden verwacht.

Onder Van den Driest begon Van Ommeren begin jaren negentig met de vrijwel totale afbouw van bedrijven en bezigheden die niet bij de tankopslag en tankvaart pasten. Een proces dat met de verkoop van Ceteco enkele jaren geleden, maar ook door desinvesteringen in de droge ladingvaart en door het afstoten van een meerderheidsbelang in het distributiebedrijf Intexo pas dit jaar volledig is afgerond. In de tankopslag heeft het bedrijf alleen in Azië dit halfjaar al 100 miljoen gulden nieuwe investeringen gedaan.

Waar Van Ommeren het soms pijnlijke proces van niet tot de kernactiviteit behorende desinvesteringen heeft afgerond, zit Pakhoed nog middenin dat reorganisatieproces dat de netto winst in de eerste zes maanden van 1996 tot bijna nul heeft gereduceerd.

De grootste klus is de verkoop van Furness, een bonte verzameling van zo'n vijftig werkmaatschappijen verdeeld over drie business-units: dealers (DAF bedrijfswagens, Fiat en Hyundai bestelwagens, Volvo personenauto's), havens (onder meer Seaport Terminals) en logistiek (opslag- en distributiebedrijven voor levensmiddelen en papier en luchtvrachtbedrijf Avio Presto). Door de overname van Furness door de Hollandia Industriële Maatschappij kan Pakhoed eindelijk concreet een nieuwe start maken, waarbij opslag en distributie van oliën en chemicaliën centraal staat.

Conform het principe om bij majeure reorganisatievoorzieningen ook maar direct zoveel mogelijk reserveringen ten laste van het resultaat te treffen, brengt Pakhoed 54 miljoen gulden netto voor herstructureringen in rekening. Daar bovenop komt nog een afwaardering van activa ten bedrage van 15 miljoen gulden (10 miljoen na aftrek van belastingen). Deze afwaardering wordt overigens niet apart opgenomen in de reorganisatievoorziening, maar als element in de overige kosten. “Een grijs gebied”, beaamt financieel directeur drs. P. Pellenaars van Pakhoed. Maar ook een principezaak: als activa geheel buiten gebruik worden gesteld neemt Pakhoed het verlies als een reorganisatievoorziening, als opslagterminals deels wel in bedrijf blijven, is de afwaardering een gewone kostenpost.

De bulk van de voorziening treft reorganisaties waarover met de vakbonden nog wordt onderhandeld. Pellenaars weigert commentaar op de getallen die de ronde doen - verlies van 200 banen. Dat het met al deze reorganisatiekosten in het eerste halfjaar wel gemakkelijk wordt om in het tweede halfjaar duidelijk winstherstel te voorspellen, bestrijdt Pellenaars. Daar zit het verwachte herstel niet zozeer in. De echte besparingen verwacht hij pas volgend jaar. De groei komt van de nieuwe aanwinst Univar (chemicaliëntransport), die vanaf 1 juli in de cijfers is verwerkt. Deze overname (prijskaartje: 521 miljoen gulden) levert, na aftrek van de financieringslasten voor de aankoop, een positieve bijdrage aan de netto winst.

In het tweede halfjaar verwacht Pakhoed, afgezien van de verkoop van de Furness-bedrijven aan Hollandia, geen nieuwe bijzondere lasten. Pakhoed nam de netto winst van Furness in het eerste haljaar (3 miljoen gulden) in het eigen resultaat, maar de afspraak met Hollandia is dat zij Furness met terugwerkende kracht tot 1 januari koopt. Dat betekent dat de 3 miljoen winst in het eerste halfjaar in het tweede halfjaar bij Pakhoed weer als bijzondere last van de winst wordt afgetrokken. Daarnaast heeft Pakhoed Hollandia nog een bijdrage in de exploitatiekosten van Furness van maximaal 10 miljoen gulden beloofd. Deze uitkering is koppeld aan de situatie bij Furness. Als het bedrag volledig wordt uitbetaald wordt dat ook een extra last van 10 miljoen gulden.

In verband met de overname van Univar bereidt Pakhoed een zware financiële operatie voor. De overname is met bankkrediet gefinancierd, dat straks wordt afgelost. Het concern zal preferente aandelen uitgeven (effecten met een hoog, vast dividend) en waarschijnlijk ook een achtergestelde lening.