Saneringen drukken winst van Pakhoed

ROTTERDAM, 21 AUG. De netto winst van Pakhoed (opslag en distributie van oliën en chemicaliën) is in de eerste zes maanden van 1996 bijna volledig weggeëbd door reorganisatiekosten. De Rotterdamse onderneming zag het netto resultaat door de divers reserveringen die moesten worden getroffen teruglopen tot een schamele 4,6 miljoen gulden, tegenover 61,4 miljoen in de eerste helft van vorig jaar.

Pakhoed heeft bij diverse onderdelen in Nederland reorganisaties lopen of in voorbereiding. De kosten hiervan schat het concern in op 54,3 miljoen. Zij zijn volledig ten laste van het halfjaarresultaat gebracht. Pakhoed staat verder op het punt Furness (logistiek en handel) te verkopen aan Hollandia Industriële Maatschappij. De onderneming heeft verder beslag weten te leggen op het resterende belang van 72 procent in Univar, een Amerikaanse distributeur van chemicaliën met een omzet van 2,1 miljard dollar per jaar.

Hoeveel banen bij de reorganisaties verloren gaan is nog onduidelijk. De vakbonden houden rekening met een verlies van tweehonderd arbeidsplaatsen, maar financieel directeur P. Pellenaars wil op dit aantal geen commentaar geven. Pakhoed wil de reorganisaties, waarover nog onderhandelingen worden gevoerd met de bonden, wel zonder gedwongen ontslagen afronden. Pakhoed verwacht echter dat het resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening na belastingen in de tweede helft van dit jaar “duidelijk hoger” uit zal komen dan de 61,6 miljoen in de vergelijkbare periode vorig jaar. Anders dan mogelijk in het kader van de verkoop van Furness verwacht de onderneming geen verdere buitengewone lasten.

In de eerste zes maanden bedroeg de omzet van Pakhoed 1072,7 miljoen gulden, tegenover 1080,2 miljoen in hetzelfde tijdvak vorig jaar. Het bedrijfsresultaat daalde met 19 miljoen tot 91,3 miljoen. Verantwoordelijk hiervoor was vooral de afwaardering op de activa, waarmee een bedrag van 15 miljoen was gemoeid. De winstval had nog groter kunnen uitpakken, als de overheid de fiscale stimuleringsregeling voor de scheepvaart niet had doorgevoerd. De belastingdruk halveerde daardoor tot 12,8 miljoen.