De Klerk biedt excuses aan

KAAPSTAD, 21 AUG. De voormalige Zuidafrikaanse president De Klerk heeft vanmorgen zijn excuses aangeboden voor de schendingen van de rechten van de mens die onder verantwoordelijkheid van zijn Nationale Partij ten tijde van de apartheid zijn begaan. Hij maakte zijn opmerkingen tijdens zijn getuigenis voor de waarheidscommissie.

Deze commissie, die wordt geleid door Desmond Tutu, heeft tot taak een nationale verzoening tot stand te brengen door de misdaden van de apartheid in de openbaarheid te brengen en daardoor het verwerkingsproces te stimuleren.

“De Nationale Partij is bereid haar vele fouten uit het verleden toe te geven en heeft oprecht berouw. We liggen op onze knieën voor de Almachtige God om te bidden voor vergeving”, aldus de voormalige president. Volgens De Klerk was het uitroepen van de noodtoestand door zijn voorganger, P.W. Botha, een belangrijke katalysator voor schendingen van de rechten van de mens. “Deze schiep de omstandigheden en de atmosfeer die tot veel van de misstanden hebben geleid.”

De Klerk onderstreepte dat de meeste gezagsdragers ten tijde van de apartheid te goeder trouw hun taak uitoefenden omdat ze dachten hun land tegen het 'communisme' te moeten beschermen. “Ze waren ervan overtuigd dat hun zaak rechtvaardig, noodzakelijk en legitiem was”, aldus de voormalige president. De Klerk ontkende ooit zelf opdracht te hebben gegeven tot schendingen van de rechten van de mens of een opdracht daartoe van anderen te hebben bekrachtigd.

Volgens De Klerk is het van belang dat alle partijen in het apartheidsconflict beseffen dat niemand een “monopolie op rechtvaardigheid” heeft en geen enkele partij “de verantwoordelijkheid voor alle misstanden” kan dragen.

Gisteren nog zei de leider van het radicale Panafrikaanse Congres, Clarence Makwetu, in zijn getuigenis voor de commissie dat zijn beweging ten tijde van de apartheid blanke burgers had vermoord maar hij weigerde daarvoor zijn excuses aan te bieden. (Reuter)