Botbreuken van ouderen nabehandelen in verpleeghuis

ROTTERDAM, 20 AUG. Behandeling van botbreuken bij mensen die lijden aan botontkalking (osteoporose) kost de Nederlandse gezondheidszorg jaarlijks 420 miljoen gulden. Ruim driehonderd miljoen daarvan zijn ziekenhuiskosten. Een derde van de kosten wordt gemaakt voor heupfracturen bij ouderen boven de 85 jaar. Bezuinigingen zijn mogelijk door in ziekenhuizen opgenomen patiënten eerder te ontslaan en verder te verzorgen in verpleeghuizen.

Dit schrijven onderzoekers van het Instituut Epidemiologie en Biostatistiek en van het Instituut voor Medische Technology Assessment van de Rotterdamse Erasmusuniversiteit in het laatste nummer van het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde.

Onduidelijk is of door preventie, met leefregels of medicatie, de kosten die gepaard gaan met osteoporose ooit zullen dalen. Dit komt doordat leefregels gedurende het hele leven en medicatie bij vrouwen in de jaren na de menopauze moeten worden toegepast, terwijl het merendeel van de botbreuken jaren later op hoge leeftijd optreedt.

Lichaamsbeweging, voldoende calcium en vitamine D in de voeding op jongere leeftijd en afzien van tabak en alcoholmisbruik hebben een nog onduidelijk effect. Hetzelfde geldt voor medicamenteuze preventie. Daarbij moeten medicijnen, zoals hormonen na de menopauze, gebruikt tegen overgangsklachten, jaren worden gebruikt om op hogere leeftijd nog een effect te hebben op de botdichtheid.

Volgens de onderzoekers zijn de meeste onderzoeken naar osteoporosepreventie met medicijnen uitgevoerd bij jonge vrouwen in de menopauze en is daarbij vooral het effect op ruggewervelfracturen bekeken. De meeste breuken komen echter voor bij ouderen en betreffen heupfracturen. Het verband tussen medicatie na de menopauze rond het vijftigste levensjaar en heupfracturen op hoge leeftijd is nog onduidelijk. De kosteneffectiviteit valt ook slecht uit doordat veel vrouwen die na de menopauze hormonen slikken nooit tot de groep met een hoog risico op heupfracturen zullen behoren. Slechts de helft van de vrouwen van 55 jaar bereikt de leeftijd van 80 jaar, waarboven de kans op een heupfractuur boven de één procent per jaar stijgt.

In 1993 registreerden de Nederlandse ziekenhuizen 15.107 opnamen voor heupfracturen. 96 Procent daarvan betrof mensen boven de 50. Het aantal opnamen stijgt exponentieel met de leeftijd.

Vrouwen breken veel vaker hun heup dan mannen. Gemiddeld verblijven vrouwen met een heupfractuur 27 dagen en mannen 25 dagen in het ziekenhuis. Bij een heupfractuur zonder complicaties is een opname van negen dagen voldoende.

Patiënten die na de ziekenhuisopname naar een verpleeghuis gingen verbleven gemiddeld acht dagen langer in een te duur en daarom 'verkeerd' ziekenhuisbed. Oplossen van deze verkeerde-beddenproblematiek biedt op korte termijn de grootste bezuinigingen volgens de Rotterdamse onderzoekers.