Bedrijven ruziën over uitzendwerk in de bouw

Instellingen die de sociale verzekeringen uitvoeren en een commerciële tak hebben gecreëerd mogen daarvoor geen gegevens gebruiken die ze aan hun publieke taak te danken hebben. De SFB Groep doet dat toch, zegt een aanstaande concurrent.

DEN HAAG, 19 AUG. Concurrentievervalsing. Zo noemt N.J. van Batenburg, aanbieder van technisch uitzendpersoneel voor de bouw en de installatiebranche, het optreden van zijn nieuwe tegenstander, de SFB Groep. Deze groep, het voormalig Sociaal Fonds Bouwnijverheid, wordt binnenkort ook actief als uitzendbureau. En bij de jacht op klanten daarvoor, zo luidt de kritiek, gebruikt de SFB Groep gegevens die zijn verworven in de tijd dat het nog louter een door publieke regelgeving gestuurde bedrijfsvereniging was, uitvoerder van de werknemersverzekeringen in de bouw. Die met gemeenschapsgelden opgebouwde gegevensbestanden aanwenden voor een nieuwe commerciële activiteit is oneigenlijk, vindt Van Batenburg.

Bestuursvoorzitter J. Schouten van de SFB Groep kan die kritiek maar moeilijk plaatsen. Hij is er trots op dat zijn organisatie in drie jaar veranderde van een publieke 'regelgestuurde' organisatie in een private, door de markt gestuurde onderneming. Schoutens filosofie: laat de bouwondernemingen - de klanten van de SFB Groep - bouwen en laat de arbeidszaken aan het SFB over.

Volgens Schouten is het opvangen van verliezen door vertraging in de bouw één ding, veel belangrijker is dat het werk op tijd af is. En dat kan door het aanbieden van uitzendkrachten. Daarom begint de SFB Groep begin september in samenwerking met Content Beheer een uitzendbureau speciaal voor de bouw, Constructief.

De nieuwe activiteit wordt toegevoegd aan de verzekeringen, pensioenen en arbodienst die ook op de bouw zijn gericht. Dat is makkelijk voor de klant vindt Schouten; als bij de werkmaatschappij Verzekeringen wordt geconstateerd dat enkele arbeidskrachten zijn uitgevallen, kan Constructief tijdelijk nieuwe aanbieden. “Als u een stropdas koopt, wilt u er toch ook een overhemd bij?”

En dat klopt dus niet, vindt N.J. van Batenburg van het gelijknamige bureau voor technische dienstverlening. Want Constructief benadert zijn klanten op grond van illegaal verkregen gegevens.

Van Batenburg heeft een bestand van ruim zeshonderd technische uitzendkrachten en zestig 'techneuten' in vaste dienst, onder meer voor detachering. Voor technisch en administratief personeel in de bouw, voor wie Van Batenburg bemiddelt, geldt geen uitzendverbod. Op 1 januari 1998 wordt het verbod opgeheven voor het overige personeel op de bouwplaats, degenen die het ruige en ambachtelijke werk doen. Vanuit zes vestigingen zal Constructief vanaf die datum bemiddelen voor de gehele bouw.

“Het SFB put uit bestanden die met publieke middelen zijn opgetuigd voor een heel ander doel: de uitvoering van sociale verzekeringen”, meent Van Batenburg. De stropdas-overhemd vergelijking van Schouten gaat volgens hem dan ook niet op. “Schouten is door de overheid veroordeeld tot het verkopen van stropdassen en gaat de overhemden er nu met geld van de minister bijdoen.”

Het voormalig bestuur van het College van Toezicht Sociale Verzekeringen had volgens Van Batenburg gelijk toen het waarschuwde voor “het organiseren van private activiteiten met gemeenschapsgeld”. Hij stuurde daarom een verontruste brief naar het interim-bestuur van het CTSV met het verzoek de handelwijze van de SFB Groep te onderzoeken. Het College van Toezicht meldt dat dit onderzoek gaande is en onthoudt zich van verder commentaar.

De voorzitter van de raad van bestuur van de SFB Groep erkent dat informatie kan worden uitgewisseld tussen de verschillende onderdelen van het SFB. “Maar alleen met uitdrukkelijke toestemming van de opdrachtgever. En gegevens die specifiek voor de uitvoering van de sociale verzekering nodig zijn worden niet doorgegeven.” Het gaat om het gemak voor de klant, vindt Schouten. Hij streeft naar één loket, waar de klant idealiter met één telefoontje de gaten in zijn arbeidsbestand kan opvullen.

De voorbereidingen om op 1 januari 1998 klaar te zijn voor de verwachte grote vraag naar uitzendkrachten zijn niet alleen bij de SFB Groep en Van Batenburg in volle gang. Zo heeft TOP-groep Nederland, gespecialiseerd in detachering van timmerlieden, zich op de tijdelijke personeelsvoorziening in de pluimveesector moeten storten om ervaring met uitzendwerk op te doen. Directeur Van Heijningen mag immers nog geen timmerlui uitzenden. Pluimveeslachterijen die tijdelijk wat mensen konden gebruiken boden uitkomst.

Ook de uitzendbureaus Randstad, Start en Ecco maken zich op voor de nieuwe markt door gespecialiseerde kantoren in te richten voor de bouw. “Het is een stoelendans van twintig deelnemers om zes stoelen”, vindt Van Batenburg. Vermoedelijk is het opheffen van het uitzendverbod voor de bouw, in combinatie met een aanrollende golf van grote bouwprojecten - zoals de Betuwe- en HSL-lijn - debet aan de grote animo onder de uitzendreuzen.

Alle deskundigheid op uitzendgebied ten spijt, geen enkele nieuwe marktpartij heeft zulke complete en specifieke gegevens over aanstaande opdrachtgevers bij de hand als de SFB Groep. Mits op de juiste manier geraadpleegd, is er volgens Schouten niets verkeerd aan gebruik ervan. Dat moet het CTSV maar uitmaken, vindt Van Batenburg.

De politiek had de grenzen tussen publieke en private activiteiten van uitvoeringsinstellingen beter moeten definiëren, meent Van Batenburg. Het is volgens hem al eens fout gegaan met het uitzendbureau Start, dat toegang had tot de kaartenbakken van de arbeidsbureaus. De oprichting van Constructief biedt volgens Van Batenburg een tweede en laatste kans om een eind te maken aan de concurrentievervalsing door voormalige publieke instellingen.

Zijn kruistocht “om het principe” voert hem behalve langs het CTSV ook naar de Eerste en Tweede Kamer. Dat Van Batenburg in geval van succes een ongewenste nieuwe concurrent weert is slechts van secundair belang, zegt hij.

    • Robert Giebels