Verplicht vaderschapsverlof in Noorwegen; Wedijver boven de wieg

In Noorwegen heeft elk ouderpaar bij een bevalling recht op 42 weken betaald verlof. Minstens vier weken daarvan moeten door de vader worden opgenomen. Niet alle jonge moeders zijn daar blij mee: 'De jaloezie ligt op de loer.' De Nederlandse overheid werkt nu aan een 'paars' gezinsbeleid. Wordt Noorwegen ons voorland in gezinszaken?

Helge D⊘nnum (35) woont met zijn vrouw Irène en zijn acht maanden oude zoon Oscar in Opsall, een landelijke buitenwijk in Oslo-oost. Een dorp in de stad. In zijn houten eensgezinswoning heeft hij een internetkamer ingericht. Er staat een bureau, een pc, een faxapparaat en een looptelefoon. Als Oscar 's morgens om tien uur de slaap heeft gevat, trekt Helge zich terug voor zijn communicatie-uur. Hij wisselt ideeën uit met collega's, informeert naar de voortgang van de reorganisatie in het openbaar vervoer of praat wat bij met een oude studievriend.

Helge D⊘nnum is economisch adviseur bij een consultancybureau en sinds drie weken zorgvader. Om twaalf uur haalt hij Oscar uit zijn ledikant, zet hem onder zijn activity center en bereidt intussen een lunchpap. Irène heeft na een zorgverlof van negen maanden haar baan als onderzoeker bij het Noorse Centraal Bureau voor de Statistiek weer opgepakt. Nu is het de beurt aan Helge om vier maanden lang voor zijn zoon te zorgen. Vanaf 1 november wordt Oscar ondergebracht bij een Oslose 'dagmamma', een gastoudergezin, omdat in de dichtstbijzijnde crèche de komende drie jaar geen plaats is.

Oscar is niet de enige Noorse baby die dagelijks van zijn vader afhankelijk is. Van de zestigduizend kinderen die jaarlijks in Noorwegen worden geboren, brengt de helft een maand of langer door in het gezelschap van hun vader. Hun moeder werkt buitenshuis, terwijl hun vader sinds 1993 wettelijk verplicht is vier weken betaald vaderschapsverlof op te nemen. Doet hij dit niet dan verliest hij 28 vakantiedagen. Zeventig procent van de vaders nam het verlof vorig jaar op.

De vrouwelijke Noorse minister van Kinder- en Gezinszaken Grete Berget introduceerde het vaderschapsverlof om vaders meer bij het gezinsleven te betrekken, maar vooral om vrouwen de kans te geven na hun zwangerschap weer aan het werk te gaan. “Als vrouwen moeten kiezen tussen hun kind en een baan, is dat altijd in het nadeel van de maatschappij”, vindt Berget. “Onze arbeidsmarkt heeft nu de moeders nodig en straks de kinderen.” Inmiddels ziet zelfs de aanvankelijk sceptische conservatieve partij het nut in van Bergets sociale gezinspolitiek. “Het vaderschapsverlof is het beste dat de vrouwenemancipatie is overkomen”, vertrouwde een parlementslid uit de oppositie haar onlangs toe.

Vorige maand nodigde de Nederlandse Gezinsraad minister Berget uit om de wet op het vaderschapsverlof te komen toelichten. Minister Melkert van Sociale Zaken was als 'impliciete minister van gezinszaken' aanwezig bij de bijeenkomst in Den Haag en toonde zich geïnteresseerd in het Noorse model. Hij sprak van een 'ideale gezinspolitiek' waarvan de Nederlandse overheid volgens hem iets kon leren. “De overheid moet niet binnentreden in het private domein”, zei Melkert bij die gelegenheid, “maar er zijn condities waaraan zij kan bijdragen op het terrein van arbeid en inkomen.” Het kabinet is bezig een 'paars gezinsbeleid' te formuleren, waarin bestaande regelingen voor kinderopvang, ouderschapsverlof, jeugdbeleid en emancipatie worden herzien. Dit najaar zal blijken in hoeverre wij Noorwegen als ons voorland in gezinszaken kunnen beschouwen.

Spanningen

Op het ministerie van Kinder- en Gezinszaken aan de Akersgata in Oslo wordt voorzichtig gesproken over een huisvaderhausse. “De meeste jonge mannen die in de publieke sector werken, nemen na de geboorte van hun kind drie maanden of meer op”, is beleidsambtenaar Hanne Koll Larssen opgevallen. “Elk ouderpaar heeft in totaal recht op 42 weken betaald ouderschapsverlof. Vijf jaar geleden permitteerden alleen de moeders zich die luxe, maar nu willen hun echtgenoten ook wel thuisblijven. Dat leidt nogal eens tot spanningen, want wie mag zich het langst over het kind ontfermen?”

Het vaderschapsverlof leidt niet altijd tot een versterking van de gezinsband. Moeders blijken ondanks hun ambities het huishouden niet zo makkelijk te kunnen prijsgeven, constateert Koll Larssen. De jaloezie ligt op de loer. Die indruk wordt bevestigd door twee jonge moeders die op donderdagmiddag achter hun wandelwagen door het Oslose Vigelandspark flaneren. Ze klagen over de plotselinge overmatige belangstelling van hun echtgenoten voor het gezinsleven. “Sinds Tor twee maanden voor dat kind heeft gezorgd, bemoeit hij zich overal mee”, zegt de ene openhartig. “We hadden gisteren zelfs onenigheid over het aantal scheppen poedermelk dat in een flesje babyvoeding moet.”

Haar vriendin geeft toe dat haar huwelijk er niet beter op is geworden sinds de geboorte van dochter Berit. “Eerst eiste mijn man een half jaar van mijn ouderschapsverlof op en nu wil hij ook nog een dag korter werken. Om financieel niet in problemen te komen, moet ik wekelijks acht uur extra achter de balie 'geldzaken' van het postkantoor zitten. Je kunt tegenwoordig niet eens meer het moederschap naar behoren vervullen.”

Een eindje verderop bij de fontein koestert zorgvader Lars zich in de namiddagzon. Met zijn rechterhand wiegt hij zijn zoon, terwijl hij uit zijn linker een appel eet. Als hij het klokhuis heeft weggegooid, demonstreert hij uitvoerig de mogelijkheden van de wendbare combiwagen - Noors fabrikaat - waarin hij Jan vervoert. “De draaicirkel is klein en bovendien is deze wagen op mannenmaat gemaakt. Speciaal om de vaderrug te sparen is hij twintig centimeter hoger dan de standaard kinderwagen.”

Lars zit in zijn derde verlofmaand en kent inmiddels alle grillen en gewoonten van zijn zoon. “Mijn vrouw was als de dood dat Jan tijdens mijn verlofperiode zou leren kruipen, terwijl zij achter haar bureau zat. Maar met haar deeltijdbaan houdt ze genoeg moedertijd over.” Inmiddels heeft Lars gezelschap gekregen van twee collega-huisvaders. Het is luiertijd. De baby's worden uit de wagens getild en op een nabijgelegen picknicktafel verschoond. Dan haalt Lars drie blikjes bier uit zijn tas. De dagelijkse traktatie voor de drie huisvaders.

Niet alleen het Vigelandspark, heel Oslo lijkt vergeven van de zorgvaders. Maar volgens Arnlaug Leira, hoogleraar sociologie aan de universiteit van Oslo, is het vaderschapsverlof nog lang niet in alle lagen van de arbeidsmarkt doorgedrongen. “De stereotype zorgvader blijft een goed opgeleide dertiger die in een gezinsvriendelijk bedrijf werkt waar met name de vrouwen het verlof ondersteunen. Je komt hem niet tegen in de door mannen gedomineerde zware industrie. Een leraar kan rustig drie maanden vaderen, een staalarbeider waarschijnlijk niet.”

Toch is het beeld van de goede vader de afgelopen tien jaar revolutionair veranderd in Noorwegen, vindt Leira. “Het traditionele idee van de man als kostwinner heeft eerst plaats gemaakt voor dat van de vrouw als kostwinner, en nu ook voor dat van de man als gezinsverzorger. De goede vader nieuwe stijl heeft ontdekt dat je niet vroeg genoeg kunt beginnen met het opbouwen van een hechte relatie met je kind. In zijn ogen zijn de behoeften van zijn kind en van de hele volgende generatie belangrijker dan die van onze economie.”

In de Noorse landelijke dagbladen betuigen gepensioneerde fabrikanten en ambtenaren de laatste maanden regelmatig hun spijt over hun verwaarloosde gezinsleven. Nu ze al hun vrije tijd aan hun kleinkinderen kunnen spenderen, beseffen ze wat ze zijn misgelopen. Hadden ze de kans om het leven over te doen, dan zou hun carrière, zo getuigen ze eensgezind, op de tweede plaats komen. Het vaderschapsverlof is niet in de eerste plaats een recht van de vader, maar van het kind.''

Twee kinderen

Terwijl het geboortecijfer sinds het begin van de jaren zeventig in nagenoeg alle Europese landen gestaag daalt, neemt het in Noorwegen juist weer toe. De Noorse vrouw baart gemiddeld twee kinderen, de Nederlandse vrouw anderhalf en de Duitse 1,3. Volgens Hanne Koll Larssen van het ministerie van Gezinszaken heeft de stijging van het geboortecijfer direct te maken met de door de overheid geschapen voorwaarden om werk en zorg te combineren. Want ook al staat het fraaie sociale zekerheidsstelsel - de gemiddelde Noor draagt dertien procent van zijn inkomen af aan sociale premies - onder zware politieke druk, de overheid investeert meer dan ooit in gezinsvriendelijke maatregelen. De helft van alle kinderen tussen de nul en de zes jaar maakt gebruik van de gesubsidieerde kinderopvang en de overheid streeft ernaar alle kinderen uit die leeftijdscategorie in het jaar 2000 in openbare crèches onder te brengen. Bovendien kunnen Noorse vaders en moeders sinds 1986 42 weken volledig betaald ouderschapsverlof opnemen of 52 weken tegen een vergoeding van tachtig procent van hun inkomen. Veel werkgevers nemen het resterende deel voor hun rekening.

Annette Justad (37) is ingenieur op de landbouwafdeling van de multinational Norsk Hydro en moeder van vier kinderen. Samen met haar man John, die directeur is van een grafisch bedrijf, verdient ze jaarlijks 250 duizend gulden. Voldoende om een vrijstaand huis in de Oslose villawijk Vinderen te bekostigen en om Lars, Annette, Magnus en Andreas van de beste crèches en au pairs te voorzien. Het vaderschapsverlof vindt ze een lachertje. “Een maandje gezinsvakantie”, zegt ze, “meer is het niet, wat zijn nu vier weken op een kinderleven?”

Annette's bezwaar tegen het verplichte verlof is het inflexibele karakter ervan. Toen haar zoon Andreas twee jaar geleden werd geboren, nam ze 38 weken moederschapsverlof op. In aansluiting daarop kreeg Annette het aanbod om een half jaar aan het Massachusetts Institute for Technology te studeren. Een buitenkans. John nam onbetaald verlof om zich over de kinderen en het huishouden te ontfermen, zodat het hele gezin Justad zich tijdelijk in Boston kon vestigen. Hij hoopte een deel van zijn gederfde salaris met het vaderschapsverlof te compenseren, maar hij bleek het verplichte verlof alleen in Noorwegen te kunnen opnemen en in aansluiting op de 38 zorgweken van Annette. En dus verloor John een maand vakantie.

Annette ziet veel collega's worstelen met het verlof. Werkgevers kampen volgens haar met roosterproblemen en jonge moeders zijn doodongelukkig als ze voortijdig weer aan het werk moeten. “Het is in Noorwegen gebruikelijk dat vrouwen na de bevalling een jaar lang bij hun baby blijven. Ze laten het wel uit hun hoofd om dat voorrecht met hun echtgenoten te delen. Als vaders hun kind willen leren kennen, moeten ze dat verlof onmiddellijk na de geboorte opnemen. Dan kunnen ze tenminste hun vrouw bijstaan en het huishouden waarnemen.”

Annette Justad voelt meer voor de maandelijkse gezinstoeslag uit het partijprogramma van de christelijke liberalen. Daarmee zou iedere ouder zelf kunnen kiezen tussen het betaalde verlof, een gesubsidieerde dagmamma of het kinderdagverblijf. Maar tegelijk vraagt ze zich af of ook die maatregel economisch wel verantwoord is. “Moeten we iedereen die thuis wil blijven maar een inkomen verschaffen? Je bent nu eenmaal financieel minder voordelig uit als je je niet op de markt van vraag en aanbod begeeft. Dat is de consequentie van je eigen keuze. Wie het zich kan veroorloven om thuis te blijven, moet dat vooral doen, maar niet ten koste van de schatkist.”

Zelf laat Annette het huishouden over aan een werkster, al durft ze dat nauwelijks te bekennen. “Er rust in Noorwegen een taboe op het hebben van personeel, omdat het niet strookt met het sociaal-democratische ideeëngoed. Je hoort je huis zelf schoon te houden, want schoonmaakwerk is inferieur. Wie een werkster of een au pair in dienst neemt, maakt zich schuldig aan uitbuiting. Maar hoe kun je als vrouw een topbaan met een intiem gezinsleven combineren zonder helpende hand?”

Mantelpakmanagers

Niemand heeft zoveel aanzien in Noorwegen als de vrouwelijke ingenieur of econoom. Grote Noorse bedrijven als Statt Oil en het farmaceutische concern Nycomed stropen met behulp van headhunters de arbeidsmarkt af op zoek naar geschikte mantelpakmanagers met kwaliteiten als intuïtie, goede smaak en een analytische blik. Een Noors topmanagement kan tegenwoordig onmogelijk meer uitsluitend uit heren bestaan.

Volgens directeur Marit Wiig van de overkoepelende werkgeversorganisatie NHO heerst er sinds enige tijd een neiging tot politieke correctheid in de hogere regionen van het Noorse bedrijfsleven. Regelmatig bezoeken captains of industry Wiigs spreekuur met de wanhopige vraag: 'In ons managementteam zetelen alleen mannen. We slaan een flater. Hoe komen we op korte termijn aan capabele vrouwen?'

In alle kaders van de publieke sector is de afgelopen tien jaar door stelselmatige positieve discriminatie een evenredige werkverdeling tussen mannen en vrouwen tot stand gebracht. Het tienjarige bewind van premier Gro Harlem Brundtland heeft de emancipatie geen windeieren gelegd. Maar in de particuliere sector is het aantal vrouwen aan de top nog klein. Slechts vijf procent van de banen in het hoger kader wordt door vrouwen bekleed. Marit Wiig: “Toch hoef ik er niet op uit te trekken om ondernemers de emancipatiegedachte bij te brengen. Tijdens hun besprekingen met de ministeries van Financiën en Economische Zaken ontmoeten bedrijfsmanagers voortdurend vrouwen. Niet alleen schieten hun eigen communicatievaardigheden tekort in het contact met die goed opgeleide dames, ze zien ook dat de diversiteit binnen de ambtenarendelegaties in het voordeel werkt van hun onderhandelingspositie. Ineens hebben ondernemers de vrouwelijke kandidaat ontdekt. Sterker, de Noorse economie, de olie- en gaswinning en de visserij kunnen niet meer draaien zonder vrouwen.”

Als specialist in gezinszaken vervult Marit Wiig ook de taak van bedrijfspsycholoog. Op haar spreekuur ontvangt zij wekelijks jonge vaders die haar vertwijfeld om raad vragen. Deze dertigers durven hun carrière niet op te geven in ruil voor huishoudelijke beslommeringen. “Het zijn meestal young executives die worden verscheurd tussen twee uitersten: de werkman en de family man. Ze zijn niet in staat een succesvolle combinatie te maken. Hun echtgenotes weigeren om nog langer thuis te blijven zitten bij de kinderen en stellen een ultimatum: 'Als je niet in je gezin investeert dan donder je maar op!'

Wiig vertelt de beginners over de talloze oude mannen die zich bij haar beklagen over hun verloren gezinsleven. Over hun stukgelopen huwelijken en de tijd die door hun vingers is geglipt. “Er is nog redding voor de jonge vaders, maar daarmee is het dilemma van de dubbele agenda niet opgelost. Ondanks het veelbelovende vaderschapsverlof signaleer ik steeds meer stress in het jonge gezin. Vrije tijd lijkt niet meer te bestaan. Zowel ouders als kinderen kampen met volgebouwde agenda's en verplichtingen. Ze zijn voortdurend onderweg en hebben altijd iets aan hun hoofd. Als de Noren voorlopers willen blijven in gezinszaken, dan moeten we een arbeidsklimaat scheppen waarin werknemers loopbaan en thuiszorg kunnen afwisselen. Ik pleit voor de introductie van het zogenaamde mammie- en pappietraject in het bedrijfsleven: op je twintigste bestijg je de carrièreladder, dan houd je even stil, om na je 35-ste weer verder te klimmen.”

Helge D⊘nnum is halverwege zijn pappietraject. Asplan, het consultancy-bureau waar hij in dienst is, beschikt over een uitgebreid sociaal fonds en er heerst een progressieve arbeidsmoraal. Zijn baas was tien jaar geleden de eerste Noor die zes maanden vrijwillig vaderschapsverlof opnam en sindsdien is hij een groot pleitbezorger van deze voorziening. Maar ondanks alle ondersteuning heeft Helge nog steeds moeite met zijn nieuwe vaderrol. “Normaal ben ik dagelijks in de weer om mezelf en mijn kennis te verkopen. Ik bedien zowel een externe markt van opdrachtgevers als een interne markt van directe collega's die om advies verlegen zitten. Ik moet voortdurend van me laten horen en dat maakt het vaderen er niet makkelijker op.”

Op zijn vijftiende besloot Helge D⊘nnum dat hij huisman wilde worden, terwijl zijn vrienden de advocatuur ambieerden of een hoge functie in het bedrijfsleven. Telkens als hij aan zijn roeping twijfelt, repeteert Helge: 'Ik ben geen carrièreman. Vanaf deze week speelt Oscar de belangrijkste rol in mijn leven.'