Plastic

STEPHEN FENICHELL: Plastic: The Making Of A Century

356 blz., geïll., Harper Business 1996, ƒ 52,50

In Chicago is een nachtclub die zich Vinyl noemt, in New York kan men een bar genaamd Poly Esther's binnenlopen en in diezelfde stad kan in de boetiek Smylonnylon synthetische kleding uit de jaren zestig worden gekocht. Christo verpakt complete gebouwen in plastic.

Dat plastics zijn gaan behoren tot alle verschijningsvormen van de hedendaagse cultuur is niet zo vreemd. Al vijftien jaar wordt in de wereld meer plastic dan staal geproduceerd. Reden voor de Amerikaanse freelance journalist Stephen Fenichell uitvoerig stil te staan bij de geschiedenis van deze kunststof. Hij laat die geschiedenis beginnen bij de Britse uitvinder Alexander Parkes, die eind vorige eeuw zijn eerste van cellulose-nitraat gemaakte objecten demonstreert op de wereldtentoonstelling in Londen. Niet veel later vinden de gebroeders Hyatt een substituut voor het ivoor waarvan op dat moment vrijwel alle biljartballen worden gemaakt. Door schietkatoen te 'temmen' in een mengsel van kamfer en alcohol ontwikkelen zij celluloid, een materiaal dat even doorzichtig is als glas en taaier dan leer. Celluloid krijgt pas werkelijk betekenis als werkmateriaal van de foto- en filmindustrie,

maar de grote brandbaarheid blijft een groot bezwaar.

Het is de Gentenaar L.H. Baekeland die achttien jaar na zijn emigratie naar de Verenigde Staten beroemd wordt met zijn fenolformaldehyde kunststof bakeliet. Er worden zoveel gebruiksvoorwerpen van gemaakt, van

telefoontoestellen tot de klapcamera's van Eastman Kodak, dat het zakenblad Fortune bakeliet uitroept tot 'koning der plastics'. Na bakeliet trekt cellofaan, een folie vervaardigd uit geregenereerde cellulose, wereldwijd de aandacht. De Zwitserse uitvinder Jacques Brandenberger ziet in cellofaan een beschermlaagje voor het tafelkleed, dat nooit meer gewassen zou hoeven te worden, maar al gauw vindt het een

meer reële bestemming, als verpakkingsmateriaal voor levensmiddelen.

Niet alle plastics vinden hun weg naar de consument: plexiglas slaat als

vervanging van echt glas niet aan. De uit nitrocellulose vervaardige kunstzijde van de Fransman Chardonnet raakt in ongenade als op een bal in Parijs een jurk van dit materiaal vlam vat en de draagster om het leven komt. Beter vergaat het nylon, een duurzaam en elastisch wonder van de kunstzijde-industrie.

De populariteit van plastics na de Tweede Wereldoorlog is vooral toe te schrijven aan de grote schaarste aan grondstoffen. Daardoor worden veel produkten in plastic nagemaakt: emaille pannensets, zinken emmers, afwasteiltjes van zink, stalen keukenhulpjes en wc-brillen van hout maken plaats voor melamine serviesgoed en talloze hulpjes in fleurige pasteltinten. Het is het begin van de wegwerpcultuur en van de kortstondige rages: uit Australië verovert de hoelahoep de wereld, uit Californië komen plastic frisbees, surfplanken en boothutten opzetten. Daar ook wordt de eerste Chevrolette Corvette met een polyester carrosserie gedemonstreerd. Het bedrijf Tupperware wordt een begrip in de huishoudplastics dank zij goed sluitende schalen en deksels.

Als in de jaren tachtig blijkt dat plastics een nadelige invloed hebben op het leefmilieu verliezen zij hun reputatie als supermateriaal. Verkeerd gebruik leidt tot vorming van gevaarlijke gassen en onder milieu-activisten groeit het verzet tegen de PET-fles omdat die in het milieu moeilijk afbreekbaar is. Nieuw zijn milieuvriendelijke plastics die zonder schadelijke chemicaliën worden gemaakt. Het meest wonderlijke verhaal in dit bij vlagen fascinerende, maar nogal opsommerige boek is de reddingsactie die Robert Molloy van de Universiteit van Massachusetts en John Linehan, curator van de Franklin Park & Stone Zoo, voor de met uitsterven bedreigde zwarte neushoorn hebben bedacht. Zij hebben een plastic substituut ontwikkeld voor de hoorns van deze dieren: de echte worden afgezaagd en vervangen door namaak. De kunsthoorns kosten rond 1500 dollar, weinig vergeleken bij de

100.000 dollar die jagers voor echte hoorn vangen. En zo is de cirkel, die ooit begon bij de vervanging van ivoor voor biljartballen, rond: de mens ontwikkelt plastics om de natuurlijke stof te behouden.