Frontvrouw

BETSY UDINK(samenstelling): Vrouwen aan het front. Ooggetuigenverslagen van oorlogen, opstanden en omwentelingen

196 blz., Bert Bakker 1996, ƒ 29,90

Vrouwen trekken steeds vaker als verslaggever naar oorlogsgebieden en revoluties. Daarop slaat dan ook de titel van de bundel Vrouwen aan het front. Ze doen hun werk daar goed, meent samenstelster Betsy Udink, zelf verslaggeefster van de oorlogen in Libanon en Koerdistan en bekend van haar snijdend relaas over het leven als vrouw in Saoedi-Arabië.

Vrouwen aan het front bevat twaalf fraaie artikelen van verschillende aard. Deels gaat het om wereldberoemde auteurs, zoals Oriana Fallaci, op

expeditie in Vietnam, en Doris Lessing, terug in het land dat eens Brits

Rhodesië was en nu Zimbabwe heet, en waar zelfs het landschap onherkenbaar is veranderd. Een aantal schrijfsters is direct betrokkene,

de Iraakse schilderes die tijdens de Golfoorlog een dagboek bijhoudt, of

Slavenka Drakulic, die in een klein stukje op schitterende wijze de arrogantie toont waarmee de Kroatische president Tudjman zijn aanhang bejegent. Sommige stukken zijn geëmotioneerd: Marlise Simons is een

geëngageerde ooggetuige van de val, in 1973, van de wettige Chileense president Allende, en van de berechting van de militaire junta's van Brazilië en Argentinië, maar NRC-HANDELSBLAD-redacteur Laura Starink ontleedt in 'Taal en mythologie'

juist zeer gedistantieerd het Sovjet-taalgebruik met zijn hoge gehalte aan achterdocht en oorlogssfeer: omsingeling, complot, sabotage, campagne - tot aan de jaarlijkse 'veldslag om de oogst' aan toe (mij lijkt die taal overigens meer algemeen-communistisch dan specifiek-Russisch).

Hilarisch is Tira Shubarts beschrijving van de bizarre omgang in het huidige Iran met de onder de Sjah geliefd geworden skisport. “De Islam kent geen plezier, verklaarde ooit de ayatollah Khomeiny, maar het skiën afschaffen stuitte toch op al te grote bezwaren.”

Het valt op hoe persoonlijk de toon van veel stukken is; met hoeveel oog

voor detail er wordt geschreven; hoezeer het dagelijks leven en kleine gebeurtenissen meer dan resoluties van internationale politieke organen de basis van het verhaal vormen; en vooral dat het nogal eens over angst

gaat. Niet de angst van de dames ter plekke - Fallaci was geamuseerd toen ze, voor ze een guerrillagebied mocht bezoeken, moest invullen waar

haar stoffelijk overschot afgeleverd diende te worden in het geval dat.... -, maar angst als drijfveer of als stemming aan het front.

In antwoord op de vragen van Fallaci veranderen de dappere verdedigers van het vrije westen in bibberende jongens: “Wat voelde u kapitein, toen u hem doodde?'. 'Angst'. 'Angst, ù?'. Hij ziet er zo heldhaftig, zo zelfverzekerd uit, de kapitein. 'Angst', herhaalt hij. En

hij glimlacht verbitterd. (...). Ik loop voorop, tegen mijn mannen schreeuwend dat ze niet bang moeten zijn, terwijl ik zelf vreselijk bang

ben. En weet u wat ik u zeg? Ik zeg u dat je op zo'n moment niet gedreven wordt door plichtsbesef of door moed: je wordt gedreven door angst...'.'

Dat het negeren van angstgevoelens fatale gevolgen kan hebben blijkt uit

het zelfportret 'De Rode Bloem van China'. Hierin analyseert een voormalig Rood-Gardiste stapje voor stapje het ontluisterende proces waarin zij zich als vijftienjarige revolutionaire gedwongen zag haar klasselerares aan de schandpaal te nagelen (omdat er nu eenmaal in het kader van een van Mao's vele campagnes iemand als revisionist ontmaskerd

diende te worden); ook voor fysieke mishandeling van 'contrarevolutionairen' deinst ze op den duur niet terug: “Ik liet als een robot mijn koppelriem zwaaien en sloeg zonder erbij na te denken. Eenmaal buiten veegde ik de gesp van mijn riem af en gordde hem rond mijn legerjasje alsof er niets was voorgevallen. De Culturele Revolutie had een duivelin van mij gemaakt.”

Vrouwen aan het front is een lezenswaardige bundel. Een zorgvuldiger verantwoording van de teksten zou geen overbodige luxe zijn geweest. Zelfs de summierste gegevens over de auteurs ontbreken. Wie bijvoorbeeld

is deze Rode Bloem? Hoe kwam het dat ze haar maoïstisch geloof verloor? En wat is er van haar geworden?

    • Jolande Withuis