Opstand in Friesland tegen tweetalige akten

DEN HAAG, 16 AUG. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en een aantal Friese gemeenten zijn tegen de verplichte tweetalige opstelling van akten bij de burgerlijke stand in Friesland. De gemeenten hebben de verantwoordelijke ministers Dijkstal (Binnenlandse Zaken) en Sorgdrager (Justitie) gevraagd de wet te wijzigen en de Friestalige akte “optioneel” te maken.

In Friesland leven vooral principiële bezwaren in gemeenten waar niet of nauwelijks Fries wordt gesproken, zoals op de Waddeneilanden. De gemeenten vinden het bovendien onverkwikkelijk dat zij pas deze zomer zijn ingelicht over de veranderingen. Zij moeten hun software tegen hoge kosten aanpassen en zullen meer papier in omloop moeten brengen.

Per 1 oktober moeten in de provincie alle akten bij de burgerlijke stand in het Nederlands en het Fries worden opgesteld. Deze wetswijziging werd vorig jaar door het parlement geloodst en dient om de positie van de Friese taal te versterken.

Burgemeester en wethouders van Ameland lieten eergisteren in een brief aan minister Sorgdrager weten dat “er op Ameland geen Fries wordt gesproken en wij daarom geen binding met of kennis van de Friese taal hebben”. Het gemeentebestuur wil daarom van de verplichting af, maar dringt in elk geval aan op uitstel tot 1 januari omdat de computers niet op tijd zijn aangepast.

“Het lijkt erop alsof Den Haag en Leeuwarden het bewust stil hebben gehouden”, zegt A. de Vries van de afdeling burgerzaken op Ameland. “Er is ooit een afspraak gemaakt tussen de provincie en Binnenlandse Zaken over deze wetswijziging. De gemeenten, die over de burgelijke stand gaan, hebben nooit kunnen reageren.”

Niet alleen de VNG en de gemeente Ameland, maar ook gemeenten als Oost- en West-Stellingwerf en Het Bildt - waar weinig of geen Fries wordt gesproken - zijn tegen. Volgens de Nederlandse Vereniging voor Burgerzaken (NVVB), die de invoering tegen haar wil begeleidt, is slechts vijftien procent van de Friese gemeenten voorstander van de tweetalige akte.

Amelands ambtenaar De Vries, vindt het allemaal maar “onzin”. “Ja, het is een principiële zaak”, zegt hij. “Er wordt op het eiland geen Fries gesproken. Het Amelander dialect is anders dan het Fries. Wij voelen ons niet betrokken bij Friesland.” De Vries is er voor zichzelf nog niet uit of hij zal weigeren de wet uit te voeren als die over anderhalve maand van kracht is. “Ik heb de neiging om niet mee te werken, maar ik wil afwachten wat het gemeentebestuur ervan vindt. Je weet nooit wat het openbaar ministerie gaat doen als een echte Fries hier op het eiland stampei komt maken over onze opstelling.”

Ook in Leeuwarden en Sneek leven bezwaren omdat de wet nogal wat extra werk met zich meebrengt. Wegens de gevoeligheid van het onderwerp zal de Friese hoofdstad er echter geen punt van maken, zegt NVVB-bestuurder B. Bos, tevens medewerker op de afdeling burgerzaken in Leeuwarden. Bos spreekt geen Fries. Hij verwacht dat hij problemen zal krijgen met de nieuwe Friese akteformulieren. “Maar ik kom er wel uit. Wat ik niet begrijp is dat men niet gewoon de burger zelf laat kiezen of hij zijn geboorte- of huwelijksakte ook in het Fries wil laten opstellen. Waarom wordt dit verplicht voor iemand die de taal niet eens spreekt?”

De VNG liet kortgeleden aan minister Dijkstal weten zich gepasseerd te voelen omdat de gemeenten niet op de hoogte zijn gesteld. De tekst van de wetswijziging van 14 september 1995 was vrijwel geheel gewijd aan het gebruik van de Friese taal tijdens rechtszittingen, schrijft de VNG aan de minister. “Slechts in één bepaling komen de akten van de burgerlijke stand aan de orde.” Die bepaling is er ongemerkt doorheen geslipt, meent de VNG. “Bij de rechtszittingen wordt slechts uitgegaan van de mogelijkheid tot het gebruik van het Fries, terwijl bij de akten wordt bepaald zij zowel in het Nederlands als in het Fries moeten worden opgemaakt.” Dat verschil wordt in de wet ten onrechte niet toegelicht, menen de gemeenten.

Het ministerie van Justitie wijst erop dat het initiatief tot de wetswijziging vier jaar geleden is gekomen vanuit Friesland zelf, door de commissie Friese taal. “Dat is overgenomen door Justitie”, zegt een woordvoerder van minister Sorgdrager. “De wet is aangenomen door de beide Kamers. Er is nooit enig gekrakeel uit Friesland gekomen. Het is een beetje vreemd dat er nu kritiek komt. We zullen kijken wat de mogelijkheden zijn, maar ze zijn wel laat.”