Inspecteur Saybolt in het Wilde Oosten

VLAARDINGEN, 16 AUG. Voor het Vlaardingse Saybolt International moeten het bijzondere tijden zijn geweest toen het bedrijf enkele jaren geleden in de pas onafhankelijke republieken Armenië en Georgië moest toezien op de levering van Russische brandstof aan de elektriciteitscentrales in beide landen.

“Hele wagons met stookolie verdwenen. Ze raakten zoek en werden later soms leeg of halfleeg terug gevonden”, vertelt Jan Heinsbroek, vice-president van Saybolt international. “Het was in de tijd van Gamsachoerdia (de afgezette en inmiddels overleden president van Georgië, GVA). De controle was moeilijk. We zijn geregeld op de treinen meegereden, dan liep het transport zonder problemen.”

Georgië en Armenië hadden zich net onafhankelijk van Rusland verklaard. Moskou had als vergeldingsmaatregel de gratis energievoorziening gestaakt en verlangde voortaan in harde valuta voor zijn brandstof-export te worden betaald. Georgië en Armenië vonden steun bij de Europese Gemeenschap die diep in de buidel taste om hun stroomvoorziening aan de gang te houden. Met geld uit Brussel werden de centrales alsnog gevoed met brandstof uit Rusland.

En Saybolt International werd belast met het toezicht. Als onafhankelijke observant met lange en wereldwijde ervaring als inspecteur van olie-leveranties, moest Saybolt nauwlettend in de gaten houden of de Russen wel de juiste kwaliteit brandstof leverden en of de leveranties wel op de juiste bestemming terecht kwamen. Een enerverende klus, zo blijkt uit de woorden van vice-president Heinsbroek. De technici van Saybolt waanden zich in het Wilde Oosten.

Saybolt International heeft sindsdien nog een aantal andere spannende opdrachten binnengehaald. Zo is het sinds vorige maand in Rusland betrokken bij het toezicht op olie die het land uitgaat, onderdeel van het streven van de autoriteiten in Moskou om een einde te maken aan de kapitaalvlucht, aan het fenomeen veel van de inkomsten van de Russische olie-export op privé rekeningen in het buitenland blijven hangen.

En zo zal Saybolt binnenkort betrokken zijn bij het toezicht op de naleving van het olie-voor-hulp akkoord in Irak, dat de regering van Saddam Houssein toestaat het komende halfjaar voor 2 miljard dollar olie te exporteren. (Met het akkoord maken de VN een uitzondering op het embargo tegen Irak, dat is ingesteld na de Iraakse inval in Koeweit in 1990.) Zèlf is Saybolt International terughoudend met informatie over dergelijke opdrachten. Het bedrijf opereert het liefst in de schaduw. Als niet de Verenigde Naties vorige week in een persbericht bekend hadden gemaakt dat Saybolt betrokken wordt bij de naleving van het olie-voor-voedsel akkoord in Irak, was de buitenwereld verder onkundig gebleven van de gevoelige missies die het Vlaardingse bedrijf af en toe uitvoert.

Over de opdracht van de Verenigde Naties in Irak mag Heinsbroek helemaal niets zeggen. Hij wil slechts bevestigen wat de Verenigde Naties vorige week zelf openbaar hebben gemaakt: dat Saybolt 14 experts naar Irak stuurt om de kwaliteit en kwantiteit van olie te controleren. Heinsbroek kan zèlfs niet bevestigen dat Saybolt een laboratorium in Irak gaat neerzetten om de inspectie goed en efficiënt ter hand te kunnen nemen.

Binnen in het hoofdkantoor van Saybolt International op een industrieterrein aan de Nieuwe Waterweg in Vlaardingen, waant de bezoeker zich in een schip, compleet met brug en patrijspoorten. In de centrale langwerpige vergaderzaal, met uitzicht op de haven, staat een kleine replica van een zilverkleurige driemaster uit de gouden eeuw, La Santa Maria. Op de vestibule onder het statige portret van één van de oprichters van het Nederlandse Saybolt ligt antiek laboratorium apparatuur gerangschikt: koperen buizen en kommen, een enkele weegschaal onder een glazen stolp.

Saybolt International is in 1898 opgericht door de Amerikaan Edward Saybolt, afkomstig van de oliemaatschappij Sun Oil. Het was de tijd dat olie nog in houten vaten werd opgeslagen en vervoerd waardoor de brandstof regelmatig weglekte. Saybolt specialiseerde zich als onafhankelijke deskundige in het meten van de kwaliteit en kwantiteit van olie voor en na transport. Het werd als arbiter zowel door de koper als verkoper ingeschakeld.

Onderdeel van de buitenlandse expansie vormde de joint venture die Saybolt in de jaren vijftig aanging met de Rotterdamse chemicus Van Duijn, echtgenoot van de schrijfster Annie M.G. Schmidt. De Rotterdamse onderneming verliep dusdanig voorspoedig dat de Nederlandse activiteiten die van het Amerikaanse moederbedrijf dreigden te overschaduwen. Zes jaar geleden deed het Nederlandse management een buy-out. Jan Heinsbroek en zijn mede-directeuren verwierven een derde van de aandelen, institutionele beleggers de rest.

De essentie van het werk van Saybolt is de afgelopen eeuw niet veranderd: het bedrijf blijft onafhankelijke inspecteur, observant - te vergelijken met een accountant. Alleen heeft de meettechniek een enorme vlucht genomen en specialiseert Saybolt zich ook in de inspectie van andere produkten dan alleen olie en aanverwant matertiaal (chemie) - zoals granen en veevoeders. Het bedrijf controleert bijvoorbeeld de kwaliteit en kwantiteit van voedselhulp van de Amerikaanse hulporganisatie USaid aan landen in Oost Europa.

Heinsbroek benadrukt dat de onderneming meer doet dan onafhankelijke inspectie. Zo profileert Saybolt zich in toenemende mate als leverancier van meetapparatuur en turn key-laboratoria en als kundig bedrijf dat in haar laboratoria onderzoeksopdrachten uitvoert voor het midden- en kleinbedrijf. Saybolt heeft inmiddels meer dan 130 vestigingen (waaronder 70 laboratoria), telt zo'n 1.600 werknemers en een jaaromzet van meer dan 150 miljoen gulden.

De laboratoria ziet Heinsbroek als een duidelijke groeimarkt. In Rusland gingen ze de afgelopen jaren als zoete broodjes over de toonbank. “Elk kwartaal wel één. We hebben nu laboratoria staan bij vrijwel elke belangrijke outlet (punt waar olie naar het buitenland wordt geëxporteerd - red.).” Dat zal een van de redenen zijn waarom het bedrijf uit Vlaardingen onlangs door de autoriteiten in Moskou is aangezocht om de kwaliteit en de kwantiteit vast te stellen van de olie die het land wordt uitgevoerd. Een opdracht die het bedrijf naar het zich laat aanzien voorlopig wel even bezig zal houden. Want zo gemakkelijk valt de vlucht van olie-inkomsten naar het buitenland waarschijnlijk niet te stoppen.