'Uitstel verkiezingen'; Zorgen blijven in Bosnië ook na successen

GENÈVE/MOSTAR, 15 AUG. De internationale gemeenschap heeft gisteren in Bosnië twee successen geboekt. Toch blijven er grote zorgen over de komende verkiezingen.

In Genève werden de presidenten van Bosnië en Kroatië het eens over de opheffing van de 'republiek' Herceg-Bosna; en de crisis rond Mostar werd formeel afgesloten met de verkiezing van een burgemeester en diens plaatsvervanger.

Onder bemiddeling van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Warren Christopher, werden de presidenten Tudjman van Kroatië en Izetbegovic van Bosnië het na lange en volgens bronnen in Genève “vaak verbitterde” besprekingen eens over de opheffing van Herceg-Bosna. Die opheffing verloopt geleidelijk en wordt op 31 augustus afgesloten. De bevoegdheden van de eenzijdig door de Bosnische Kroaten uitgeroepen 'republiek' worden overgedragen aan de moslim-Kroatische federatie. Parallel aan die overdracht moet de centrale Bosnische regering eveneens bevoegdheden overdragen aan de federatie, een proces dat eveneens op 31 augustus moet zijn afgesloten.

Tijdens zijn eendaagse overleg deed Christopher gisteren een dringend beroep op Tudjman en Izetbegovic en op hun Servische collega Milosevic om het uiterste te doen om de Bosnische verkiezingen van 14 september te laten slagen door de bewegingsvrijheid, de vrijheid van vluchtelingen om in hun oorspronkelijke woonplaats te stemmen en de vrijheid van optreden van de media te bevorderen. Vandaag brengt Christopher een kort bezoek aan Sarajevo, waar het vliegveld voor de burgerluchtvaart wordt opengesteld.

Een tweede succes voor de internationale gemeenschap was gisteren de eerste bijeenkomst van de gemeenteraad van Mostar, en de verkiezing van de Kroaat Ivan Prskalo tot burgemeester en de moslim Savet Orucevic tot loco-burgemeester. De zitting en de dubbele verkiezing van beide kandidaten vormden voor de Europese Unie de voorwaarde waaraan moest worden voldaan om het bestuur over Mostar voort te zetten.

Ondanks die successen is de bezorgdheid over de verkiezingen niet weggenomen. De Zwitserse minister Flavio Cotti, voorzitter van de Europese Veiligheidsorganisatie OVSE, luidde gisteren tegenover Warren Christopher in Genève de noodklok. “Met nog een maand te gaan is nog steeds geen sprake van bewegingsvrijheid, loopt de terugkeer van vluchtelingen nog steeds stuk op obstakels en gaan de pogingen om etnisch zuivere staten te vormen nog steeds door”, aldus Cotti.

De Internationale Crisisgroep (ICG), een onafhankelijke organisatie van waarnemers, drong gisteren zelfs aan op uitstel van de verkiezingen, omdat aan de minimum-voorwaarden voor eerlijke verkiezingen, zoals vervat in het akkoord van Dayton, niet wordt voldaan, en omdat de situatie zelfs verslechtert. “Als de verkiezingen toch worden doorgedrukt wordt het vredesakkoord van Dayton een handvest voor etnische zuiveraars”, aldus de ICG. “De verkiezingen moeten plaatsvinden wanneer de Bonsische facties naleving van de regels nastreven, en niet als ze zich daar steeds minder van aantrekken.” (Reuter, AP, AFP)