Excelsior niet langer de club van oud papier

Het oud papier gaat sinds kort naar een goed doel. Excelsior is dank zij de samenwerking met Feyenoord en de inkomsten aan tv-geld niet armlastig meer. De club denkt zelfs aan een nieuw stadion. De tweede aflevering in een drieluik over voetbalclubs met ambitie.

ROTTERDAM, 14 AUG. De tijd dat Excelsior doorging voor het lachertje van het Nederlandse voetbal is voorbij. De derde club van Rotterdam wil binnen drie jaar terug naar de eredivisie en daarbij past een eigentijdse accommodatie. Lange tijd geloofde het bestuur van Excelsior in de mogelijkheid om met Sparta, dat Spangen wil verlaten, in het bedrijfspark Rivium in Capelle aan den IJssel een multifunctionele voetbaltempel te bouwen. Maar de 'kasteelheren' wensen een stadion met een capaciteit voor minimaal twaalfduizend bezoekers.

Excelsior, dat afgelopen seizoen een toeschouwersgemiddelde had van nog geen duizend, wil niet participeren in zo'n royale accommodatie. Vandaar dat de afgelopen weken het principebesluit werd genomen om Woudestein niet te verlaten. Het eigen stadion aan de Maasoever wordt voor 6,5 miljoen gulden gerenoveerd. De Riviumplannen gaan wat Excelsior betreft de prullenbak in. Het bestuur heeft dat in een brief aan B en W van Rotterdam meegedeeld. Het is wel bereid om met Sparta over het gezamenlijk bespelen van Woudestein te praten, maar daar voelt de bekerfinalist van vorig seizoen weinig voor.

Sparta-voorzitter Peter Van der Burg: “Het standpunt van Excelsior verandert niets aan onze plannen. We praten over een gedeelte van de Randstad waar tien procent van de Nederlandse bevolking woont. Daar moet plaats zijn voor drie profclubs. B en W ontvangen van ons ook een brief, maar dan met het onderzoeksrapport van KPNG. Het nieuwe stadion gaat dertig miljoen gulden kosten. We verwachten binnen tien dagen antwoord. Eerder zijn onze plannen al positief ontvangen door B en W. De grond op Rivium is echter duurder uitgevallen, waardoor ons werd verzocht de capaciteit te beperken tot twaalfduizend toeschouwers in plaats van vijftienduizend.”

Maar ook dit vindt Excelsior, dat bij een verhuizing zijn complex moet inleveren, onbespreekbaar. Voorzitter Martin de Jager: “Op termijn zullen de financiële lasten onbetaalbaar zijn. Zelfs voor Sparta. En stel dat één van beide clubs failliet gaat. Dan zou de ander moeten opdraaien voor alle kosten.” Excelsior wil de ontstane patstelling doorbreken door Woudestein op te knappen. Desnoods op eigen kracht. Zonder subsidie van de gemeente, maar met steun van de KNVB die uit de tv-pot zeven jaar lang zeven ton per seizoen voor accommodatiedoeleinden garandeert. De Jager: “Er blijft nog een gat over van ongeveer een miljoen. Als we dat zelf moeten ophoesten, doen we dat met dubbeltjes en kwartjes. Maar ik zou het erg betreuren als de gemeente Rotterdam ons in de kou liet staan. B en W willen twee clubs in een stadion. Als wij daar niet aan meewerken kan men ons dwars zitten met vergunningen, want de gemeente is als grondeigenaar min of meer onze huurbaas. Ik vind dat er bestaansrecht is voor een club van bijna honderd jaar. Woudestein en Excelsior kun je niet zomaar van de kaart vegen. En in de huidige behuizing is het onverantwoord betaald voetbal te spelen.”

De komende weken is het woord aan de gemeente Rotterdam. Die wil uiterlijk in september een beslissing nemen. Excelsior had redenen om aan te nemen dat de betrokken wethouders van ruimtelijke ordening en sportzaken vooral rekening houden met de belangen van Sparta omdat de urgentie bij die club groter zou zijn. Vandaar dat de Woudestein-bewoners zelf het heft in handen hebben genomen. Een gemeente-woordvoerder ontkent de voorkeurspositie van Sparta: “Sparta en Excelsior zijn zelf bij ons gekomen met de plannen voor Rivium. Maar B en W vonden vanaf het begin Woudestein een betere locatie voor een nieuw stadion. Sparta zou in Kralingen echter problemen krijgen met de achterban. Ik denk niet dat B en W erg positief zullen reageren als Sparta alleen op Rivium wil spelen. Je moet je afvragen of dat realistisch is. Een accommodatie met 7.500 tot 10.000 stoeltjes lijkt ons groot genoeg. Die drie wedstrijden in het jaar dat Sparta meer kaarten kan verkopen, kan het uitwijken naar De Kuip.”

Voor Excelsior is plaatsgebrek geen dringend probleem. De club was afgelopen seizoen op sterven na dood. Sponsor Rob Albers besefte als geen ander dat er iets moest gebeuren. Hij is als importeur van Akai al 22 jaar verbonden aan Excelsior. Albers stapte op een goede dag naar Feyenoord-voorzitter Jorien van den Herik om een vorm van samenwerking te bespreken. De romance tussen de clubs bloeide snel op en eindigde in een verstandshuwelijk. Vanaf dat moment is Excelsior een satelliet van Feyenoord. Maar niet meer dan dat. “We zijn geen filiaal van Feyenoord”, stelt Albers. “Excelsior blijft Excelsior met een eigen beleid, een eigen identitieit en een eigen begroting. We werken alleen samen met de buur uit Zuid.”

Ook Feyenoord heeft belang bij de samenwerking. Talentvolle voetballers, die worden uitgeleend aan Excelsior, hoeven niet meer in het tweede te voetballen. Zij ontmoeten nu meer tegenstand in de eerste divisie. Om de liaison een kans te geven, heeft Feyenoord een bijdrage geleverd aan de begroting van Excelsior die mede door Sport7 is opgetrokken van 2,9 miljoen naar 4,5 miljoen gulden. De Jager: “De club is onder een gelukkig gesternte terecht gekomen. We hebben nu een professionele technische staf. En twee personen zijn in vaste dienst gekomen voor het management. De afschaffing van het transfersysteem was normaal gesproken een dodelijke affaire voor ons geweest. We hielden de exploitatie altijd draaiende door een of twee spelers te verkopen. Nu vult Feyenoord een behoorlijk bedrag aan om de spelerssalarissen te betalen.”

Volgens De Jager zijn er weinig cultuurverschillen tussen Excelsior en Feyenoord. De door Feyenoord bij Excelsior gestalde spelers staan officieel bij de eerste-divisieclub op de loonlijst. John Metgod, die als hoofd opleidingen in De Kuip is vervangen door Chris Dekker, werd namens Feyenoord als assistent aangesteld van hoofdtrainer Hans van der Pluijm. De Jager: “Geen probleem. De technische staf zien wij als een autonome zaak. Ik heb nog geen wanklank gehoord. Het klikt goed tussen Van der Pluijm en Metgod.”

Excelsior versterkte zich met Miroslav Stefanovic van Volendam, Jimmy Simons van RBC, Ali Fattouchi van Haarlem en een aantal amateurs die Feyenoord op Woudestein stalde. Zoals Ferry de Haan en Raymond de Waard van de sportclub Feyenoord, de zondag-amateurkampioen. Beiden twijfelden niet toen het professionele Feyenoord ze benaderde voor Excelsior. De Haan is een verdediger van origine, maar werd in de voorbereding uitgeprobeerd als spits. Dat werd een succes, hij scoorde in zeven oefenwedstrijden vijftien doelpunten. De Haan: “Ik heb voor Excelsior gekozen omdat ze hier een mooi plaatje voor ogen hebben. Er zijn veel talenten aangetrokken. Straks zullen er ook scouts van andere clubs dan Feyenoord op Woudestein komen kijken. Bij Sparta kon ik semi-prof worden in het tweede team. Dan liever fullprof bij Excelsior.”

En De Waard, een typische linksbuiten met bij vlagen onberekenbare acties en veel snelheid: “Ik heb mezelf twee, drie jaar gegeven om te slagen in het betaalde voetbal. Anders zal ik met m'n MEAO-diploma in de maatschappij aan de slag moeten.”

De Waard speelde afgelopen zaterdag tegen RKC (1-2) voor het eerst tegen een profclub. Er mislukte nog veel. De Haan bleef wegens een liesblessure aan de kant. Excelsior speelde geheel volgens de afspraak met Feyenoord in een 4-3-3-systeem. Rechtsback Mohammed Allach (ex-Alphense Boys) maakte regelmatig een inschattingsfout, waardoor zijn tegenstander vrij kon opkomen. Fattouchi bleek een aanwinst achter de spitsen. Sjaak Polak (ex-Scheveningen) was in de tweede helft sterk op links en ook Guillermo van Berkum (linksback, ex-Lisse) onderscheidde zich. Excelsior miste ook Van Bremen, Polley en Stefanovic wegens blessures. Trainer Hans van der Pluijm blijft voorzichtig. “Je kunt van amateurs niet verwachten dat ze zo meedraaien in het profvoetbal. Dat duurt nog even. In aanvallend opzicht ben ik wel gecharmeerd van dit team.”