Manager Gullit wacht bij Chelsea zware taak

Chelsea zonder Ruud Gullit is een bont gezelschap van dolende dravers, ondervond PSV gistermiddag. Terwijl de manager in Antwerpen herstelt van een knieoperatie, bleek de Eindhovense club in Londen veel sterker dan de 3-2 zege doet vermoeden.

LONDEN, 12 AUG. Zijn lichaam ligt aan de andere kant van Het Kanaal, zijn geest waart onverminderd rond op Stamford Bridge. Ruud Gullit is volop aanwezig in het stadion van Chelsea. Het publiek scandeert zijn naam, het clubblad staat vol met vraaggesprekken en de verkoper toont zijn T-shirt met de tekst: Ruud Boys on Tour.

Zelfs de spelers dragen hun held op handen. Scott Minto is een verdediger met realiteitszin. Hij herinnert zich nog de nerveuze toestanden in de kleedkamer, bij de entree van Gullit. “We wilden het niet toegeven, maar iedereen was onder de indruk toen hij hier binnenkwam. Gullit is toch een wereldster, voor wie je groot respect moet hebben. Als hij weer fit is, behoort hij nog steeds tot de beste spelers”, zegt Minto. De 33-jarige Gullit is de eerste zwarte manager in de hoogste Engelse afdeling. Dat hij binnen de lijnen actief blijft, is in het Britse voetbal geen uitzondering. De voormalige internationals Dalglish, Hoddle, Reid en Robson gingen hem voor als speler-manager. Gullit verklaarde vorige week, tijdens een oefentoernooi in Nottingham, dat het nog een zware dobber wordt om een basisplaats te veroveren. “Misschien blijf ik wel liever op de bank en jaag ik elke week de brand in een dikke sigaar.”

Wie zijn medespelers gistermiddag zag ploeteren tegen PSV, beseft dat Chelsea de voetbalkwaliteiten van Mr Cool nog aardig kan gebruiken. Het spel van de thuisclub hing als los zand aan elkaar. De PSV'ers waren veel sterker in de combinaties en verzuimden het veldoverwicht in meer doelpunten uit te drukken. Graham Rix, de assistent van Gullit, roemde het spel van PSV zonder zijn eigen spelers af te vallen. Hij sprak van een prachtige wedstrijd voor het publiek.

Gullit is een volksheld, hoewel Chelsea geen club van het volk is. De Blue Army heeft een artistieke achterban. Kunstenaars en galeriehouders winnen het van werklozen en arbeidsongeschikten. Tussen de Thames en Fulham Road zijn de volkskroegen op een hand te tellen. Daarom is het des te verwonderlijker dat het stadion een verpauperde indruk maakt.

Stamford Bridge dateert van 1905, toen de Football Club Chelsea werd opgericht. De zuidzijde wordt al enige jaren bepaald door een stenen muur en een houten schutting. “Die renovatie duurt nu al twintig jaar”, zegt een suppoost desgevraagd. “Ze zeggen dat het voor de eeuwwisseling klaar is, maar dan moeten de bouwvakkers niet weer gaan staken.”

Buiten het stadion staat supporter Ron Hockings te keuvelen met een paar lotgenoten. Op een stenen muurtje ligt zijn levenswerk uitgestald. Alle uitslagen en alle standen sinds de oprichting in 1905. De meeste belangstellenden deinzen terug voor de hoge vraagprijs. Dertig pond! Voor hetzelfde geld kopen ze een treinkaartje voor een uitwedstrijd. Hockings kan er niet mee zitten. Geld heeft nooit een rol gespeeld in het leven van de 62-jarige welzijnswerker.

“Ik verdien er geen cent aan, het is pure liefde. Ik doe alles voor deze club. Ik heb meer dan tweeduizend wedstrijden van Chelsea bezocht. Overal ter wereld. Mijn liefde voor Chelsea is groter dan mijn liefde voor de vrouwen. Als je daarmee ruzie krijgt, duurt het soms maanden voor je weer welkom bent. Chelsea is veel trouwer. Daar kun je de week na een nederlaag gewoon weer terecht.”

Sinds zijn elfde bezoekt de arbeiderszoon de thuiswedstrijden van de statige voetbalclub. Hockings woonde met zijn ouders aan de zuidoever van de Thames. Stamford Bridge lag destijds bijna om de hoek. “Ik heb niks met alle snobs die Chelsea bezoeken, maar ik laat me ook niet door hen afschrikken. Ik was hier al in 1948, toen de meeste kunstenaars nog niets met voetbal te maken wilden hebben.”

Engelse supporters onder elkaar, het levert altijd aardige discussies op. Wie was er beter, Peter Osgood of Ruud Gullit? De midvoor van de beginjaren zeventig, het gouden tijdperk? Of de middenvelder met de grote passen en de imposante borstpartij? Volgens Hockings verdient Gullit een pluim voor het aanvaarden van de managersfunctie. “Hij staat dit seizoen met de rug tegen de muur. Op de BBC heeft hij zijn mond vol van aantrekkelijk voetbal. Als manager kan hij niet achterblijven.”

Gullit heeft zich voor twee jaar verbonden aan de club die al negentien jaar wacht op een aansprekend succes. In 1955 won Chelsea de landstitel, in 1971 de Europa Cup voor bekerwinnaars en in 1977 de FA Cup. Drie hoofdprijzen in veertig jaar is een beetje weinig voor een club met ambitie. Met de komst van de inmiddels tot bondscoach benoemde Glenn Hoddle kwam er eindelijk een beetje lijn in het clubbeleid. Vorig jaar werd Gullit aan de selectie toegevoegd. Met een elfde plaats in de competitie en een halve-finaleplaats in de strijd om de FA Cup voldeed Chelsea slechts gedeeltelijk aan de hooggespannen verwachtingen.

Gullit ziet zichzelf nog een seizoen doorvoetballen. De chirurgische ingreep van dokter Martens, afgelopen vrijdag in Antwerpen, vormt naar verwachting geen beletsel. Hij verwacht over vier weken weer van de partij te zijn. Mocht hij volgend seizoen alleen als manager actief zijn, dan nog zal hij zich alleen met de bal bemoeien. In een Engels maandblad verklaart hij zijn eenzijdige belangstelling. “Dat geknoei met de papierwinkel, dat is niks voor mij.”

Voorzitter Ken Bates lacht minzaam als hij wordt geconfronteerd met de woorden van zijn manager. Hij praat liever over de nieuwe tribune, compleet met winkels en restaurants. De South Stand moet het paradepaardje worden van de club. Samen met het trainingscomplex Chelsea Village moet de nieuwe tribune het begin van een nieuw tijdperk inluiden. “We zijn te lang bestempeld als losers. Chelsea was de club die niet kon winnen. Daar moet verandering in komen.”

Bates onderstreept dat de prioriteit bij een goede spelersgroep ligt. Op voorspraak van Gullit heeft hij deze zomer flink in de buidel getast. De Fransman Leboeuf en de Italianen Vialli en Di Matteo werden voor een bedrag van dertig miljoen gulden aangetrokken. Naast de Schot Clarke, de Roemeen Petrescu, de Rus Kharine, de Noor Johnsen, de Welshman Hughes en de Deen Kjeldberg vormen zij een vreemdelingenlegioen op Engelse bodem.

Een brievenschrijver toont in het clubblad N-side zijn scepsis over het voetballende allegaartje. “De voorzitter beweert dat Chelsea de hele wereld gaat overnemen. Dat is helemaal niet nodig. De hele wereld speelt voor Chelsea.” Gullit voelt zich als veredelde kosmopoliet uitstekend thuis tussen alle buitenlanders. Of hij de complete renovatie van Stamford Bridge zal meemaken, is nog maar zeer de vraag. “Ik ga op reis en ik zie wel waar ik uitkom”, luidt zijn levensvisie.

    • Jaap Bloembergen