Vlaanderen

SERGE SIMONART: Belgen op zondag

162 blz., Nijgh & Van Ditmar/Dedalus 1996, ƒ 29,90

Een beklemmend gevoel bekruipt de lezer van Belgen op zondag. Trieste personages, aan de zelfkant van de samenleving, bevolken de zeven reportages van journalist Serge Simonart. Contactarme bejaarden, bijvoorbeeld, wier enige vertier bestaat uit georganiseerde busreizen met als traktatie tien gratis onderbroeken bij de crisiswinkel en tussen de middag vette kip en appelmoes. Of Antwerpse cafébezoekers, die God heeft uitgevonden “opdat mensen die nooit zuipen toch weten wat ne kater is” en die zichzelf manen “niet bleiten, jongen”, want als ze gaan huilen krijgen ze geen bier meer van de bazin.

Toppunt van triestheid is het lokale Antwerpse radioprogramma Nachtwacht, met vaste luisteraars/bellers die tegen elkaar opbieden met waslijsten 'groetekes' om hun nachtelijke eenzaamheid te verdrijven. Zo belt regelmatig ene Josefientje, die doof is en antwoordt op niet gestelde vragen, Gilbertje die nog maar veertig kilo weegt, Blanchke die praat tegen de foto's van haar 'kleine mannen' maar ja, die zeggen niets terug of een huilende Wiske die naar een bejaardentehuis moet en daar tot overmaat van ramp misschien niet meer naar de Nachtwacht mag bellen.

Presentatrice Tantje Marjetje probeert haar eenzame luisteraars op te vrolijken door op Kerstavond 'Everybody has somebody' te draaien en met oudjaarsnacht Udo Jürgens' 'Eine grosse Einsamkeit ist die Welt für mich'.

Zelfs de door Serge Simonart beschreven Belgian Goodlooking Men Contest loopt uit op een armzalige teleurstelling. Niet alleen blijken bij het zwembroekdefilé vele deelnemers ontsierd door buikje, babyschouders of zelfs een soort 'zwangerschapsstriemen', ook de goodlooking winnaar komt er bekaaid van af. De gewonnen auto moet hij na twee maanden inleveren, zijn lief verlaat hem uit jaloezie, zijn modellen-carrière komt niet echt van de grond en van de beloofde doorzending naar de Mister World-wedstrijd blijkt geen sprake.

Verdienste van de auteur van Belgen op zondag is dat zijn participerende journalistiek een levendig beeld geeft van een aantal marginale aspecten van de Belgische samenleving. Of eigenlijk, van de Vlaamse samenleving: alleen de Mister World-reportage gaat over Vlamingen èn Walen. De meeste verhalen spelen zich af in Antwerpen. Nadeel van het boek is dat het afluisteren en letterlijk optekenen van wat mensen zeggen aan de bar of op de radio, wel erg gemakkelijk is en af en toe ook langdradig.

Een paar dovemans-uitspraken als 'iedere mens is gelijk een museum dat in de fik gaat' of 'ik heb deze week mijnen horoscoop nie gezien, en dan is het juist alsof da'k geen toekomst hem', dragen wel bij aan de sfeertekening van de laatste Antwerpse volkscafés, waar 'de wereld ophoudt aan de deur'. Maar alinea's lang dronkemanswijsheden wordt saai en remt het verhaal. Hetzelfde geldt voor het opsommen van talloze 'pissijn'-teksten als 'ik ben het eens met u, dus ge zult wel gelijk hebben'. Tja...

Titel en achterflap van Belgen op zondag doen vermoeden dat dit boek gaat over het tijdverdrijf van de Belgen, nu zij 's zondags niet langer massaal ter kerke gaan. Maar de reportages van undercover-journalist Simonart behandelen juist zeer doordeweekse Vlamingen, in vaak meelijwekkende omstandigheden. Een andere titel had daarom beter gepast. 'Het verdriet van Vlaanderen', bijvoorbeeld?

    • Birgit Donker