Vaker vernieling in Pijlsweerd

UTRECHT, 10 AUG. Het vernielen van een huis aan de Zilvergeldstraat in de Utrechtse wijk Pijlsweerd, vrijdag 2 augustus, staat niet op zichzelf. Uit gegevens van de verhuurder, het Utrechts Woningbedrijf, blijkt dat sinds 1992 alleen al in de Zilvergeldstraat twee keer een huis in brand gestoken is. Beide panden brandden volledig uit. Totale schade, inclusief het incident van vorige week: 191.000 gulden, de schade van kleine vernielingen niet meegerekend.

In geen van de gevallen heeft de politie arrestaties verricht. “Het zal me niet verbazen als de buurtterreur doorgaat”, zegt directeur W. Duijster van het Utrechtse Woningbedrijf. “De vraag is natuurlijk wat je daaraan moet doen. Daarop moet ik het antwoord schuldig blijven.”

De buurt wilde met de sloop van het huis aan de Zilvergeldstraat protesteren tegen de komst van een zigeuner en zijn vriendin. Het Woningbedrijf besloot om de man een nieuw huis aan te bieden, in dezelfde wijk. Het wil niet toegeven aan de buurt.

Slechts in uitzonderlijke gevallen wijkt het Woningbedrijf af van de normale regels die gelden voor het toewijzen van een huis. “De buurt wil niet dat er in hun wijk meer buitenlanders komen wonen dan gemiddeld in de rest van Nederland”, zegt Duijster. Aan die wens kan hij niet tegemoet komen. “We kunnen niet veel anders doen dan de buurtbewoners de spelregels uitleggen”, zegt Duijster.

Het Woningbedrijf streeft ernaar ook mensen van buiten de wijk in de wijk te plaatsen. M. Eykman, die vorige maand nog op de Zilvergeldstraat 66 woonde, heeft het gevoel dat hij slachtoffer geworden is van dat beleid. “Ik ben weggepest. De kinderen uit de buurt kwamen gelijk op ons af. Ze zeiden: 'het zal ons benieuwen hoe lang je het volhoudt'.” Eén geval van vandalisme is terug te vinden in de computer van het Woningbedrijf: de dakpannen werden in april van Eykmans schuur getrokken.

Eykman: “We wisten wel dat we in een volksbuurt terecht waren gekomen, maar dit hadden we natuurlijk niet verwacht. Later hoorden we dat de vorige bewoners ook weggepest waren.”“Als mensen bij het bekijken van de woning voelen wat er in de buurt aan de hand is, moet je het er met hen over hebben.” zegt Duijster. Hij waarschuwt niet structureel tegen intimidatie door bewoners, want “waarom zou je iets wat je niet zeker weet zo nadrukkelijk ventileren?”