Normbesef wordt in politieke leven Israel verscherpt

TEL AVIV, 9 AUG. Israel werd gisteren meer beroerd door de manier waarop een doofstom echtpaar en hun vier kinderen op last van een bank uit hun flat in Beersheba werden gegooid dan door het plotselinge aftreden van de minister van Justitie, Yacov Ne'eman. Onmiddellijk na de dramatische televisiereportage over het ongelukkige gezin kwamen president Weizman en anderen in het geweer om deze schandvlek op de Israelische samenleving uit te wissen.

De bank trad zo hard tegen de familie Turgeman op omdat deze niet in staat bleek aan de voorwaarden van een bankgarantie te voldoen. Ze hadden deze getekend om een familielid te helpen een woning te huren. Vanmorgen zong de directeur van de bank door de storm van verontwaardiging een toontje lager. De toekomst voor deze familie ziet er, nadat zij de nacht op kosten van president Weizman in een hotel had doorgebracht, wat zonniger uit.

Ook de afgetreden minister van Justitie, Ne'eman, heeft de hoop nog niet opgegeven. Binnen enkele weken hoopt hij zijn ministerschap weer te hervatten. Premier Benjamin Netanyahu wil hem graag terug omdat hij het volste vertrouwen heeft in deze advocaat, die buiten de gebruikelijke politieke kanalen om minister van Justitie werd. Het aftreden van Ne'eman, onder druk van Michael Ben-Yaïr, de juridische adviseur van de regering, heeft geen gevolgen voor de regeringscoalitie.

De escalerende ruzie tussen Netanyahu en zijn minister van Buitenlandse Zaken, David Levy, over de vraag wie Israels buitenlandse politiek bepaalt, kan wel tot een regeringscrisis leiden. Vanmorgen liet de zwaar beledigde Levy weer verstek gaan bij de wekelijkse kabinetszitting. Zijn eigen partij heeft hem al gemachtigd af te treden. Indien Ariel Sharon, die door Netanyahu tijdens de kabinetsformatie tot in het diepst van zijn ziel is beledigd, Levy volgt als deze de regering verlaat is de val van Netanyahu nabij. Sharon heeft al verschillende keren gesproken met de socialistische oppositieleider, Peres, over de vorming van een regering van nationale eenheid. Deze machtsstrijd in de regering-Netanyahu heeft een louter persoonlijk karakter en heeft niets te maken met het vastlopende vredesproces in het Midden-Oosten.

De aftredende minister van Justitie heeft de juridische adviseur van de regering er in het openbaar van beschuldigd een heksenjacht tegen hem te zijn begonnen. Daar is geen sprake van, zegt deze. Volgens de adviseur gaven de feiten hem geen andere keuze dan de politie te gelasten een onderzoek te beginnen naar Ne'emans optreden in de rechtszaak tegen de vorige minister van Binnenlandse Zaken, Arye De'eri, thans parlementslid voor de Shas-partij. Ne'eman zou als verdediger van De'eri in dit nationale schandaal, waar corruptie, diefstal en zelfs moord aan de orde zijn, een getuige onder druk hebben gezet om niet met de politie samen te werken.

Ne'eman heeft voor zijn dapper geachte besluit af te treden nogal wat complimenten uit de academisch wereld gekregen. “Dat komt zelden voor in de Israelische politieke cultuur”, merkte prof. Mordechai Kremnitzer van de universiteit van Jeruzalem op.

Israelische juristen en commentatoren wijzen er op dat het handelen van het Hooggerechtshof en veranderingen in de maatschappij zelf de afgelopen jaren het normenbesef hebben aangescherpt. Verschillende politici die zich in rechtszaken hebben verstrikt, hebben hun weg naar de regering versperd gezien of hebben belangrijke ministeriële posities aan hun neus voorbij zien gaan.

Zo had ex-opperbevelhebber Raful Eitan graag minister van Binnenlandse Veiligheid willen worden, maar hij kwam daarvoor niet in aanmerking omdat hij een uiterst geheim militair dossier van een partijlid had laten lichten om hem uit zijn Tsomet-partij te kunnen zetten. Ehud Olmert, burgemeester van Jeruzalem, kwam eveneens wegens juridische verwikkelingen, niet in aanmerking voor een post in de regering van Netanyahu.

Een andere aanwijzing voor een scherper normbesef is de unieke oproep van de Israelische mensenrechtenorganisatie B'tselem deze week aan de internationale gemeenschap om Ehud Yatom, een voormalig topfunctionaris in de veiligheidsdienst Shin-Beth, te arresteren. Yatom gaf onlangs in een vraaggesprek met de krant Yedioth Achronoth toe de schedels van twee levend gevangengenomen Palestijnse terroristen met een steen te hebben verbrijzeld.

n een verklaring van 7 augustus spreekt B'stelem er schande van dat alle bij die affaire betrokken personen gratie hebben gekregen. De Israelische mensenrechtenorganisatie hekelt de verdediging van Yatom dat hij met toestemming van de autoriteiten handelde. “Dat doet denken aan de laagste regimes die verschrikkelijke misdaden rechtvaardigden op grond van het argument dat orders werden uitgevoerd”, staat er in de verklaring van B'stelem, die ook in de Israelische pers enige aandacht heeft gekregen.