Conflict over politie in Wijk bij Duurstede

ROTTERDAM, 9 AUG. In het politiekorps van Wijk bij Duurstede zijn grote problemen gerezen na een ingreep van de regionale korpsleiding uit Utrecht. Volgens de Algemene Nederlandse Politievereniging (ANPV) is vijf leden van het uit zeventien personen bestaande korps een gedwongen overplaatsing in het vooruitzicht gesteld en zullen er nog meer volgen.

“Het korps ligt op zijn gat, daar komt het gewoon op neer”, zegt een woordvoerder van de ANPV. De bond heeft zowel bij de korpschef als bij korpsbeheerder I. Opstelten, burgemeester van Utrecht, schriftelijk geprotesteerd. De korpsleiding in Utrecht weigert commentaar.

Burgemeester A. Houtsma van Wijk bij Duurstede beschouwt de ingreep als een interne aangelegenheid van de politie. “Zolang vanuit Utrecht voor goede vervanging wordt gezorgd zullen wij geen actie ondernemen. Voor ons gaat het om voldoende surveillance in onze gemeente”, zegt zijn woordvoerder. De burgemeester van Wijk bij Duurstede heeft enkele weken geleden wel de fractievoorzitters in de gemeenteraad op de hoogte gesteld van de maatregel.

De politiebonden ACP (christelijk) en ANPV zeggen dat de oorzaak ligt in een botsing van culturen die zich voordeed na de landelijke reorganisatie van de politie. Rijks- en gemeentepolitie werden toen samengevoegd. “Wijk bij Duurstede is een oud rijkspolitiekorps met eigen opvattingen over uitvoering van bepaalde diensten. In deze zaak pakt de gemeentepolitie de collega's van de rijkspolitie aan”, aldus de bonden.

Door het samenvoegen van die verschillende culturen waren er al eerder grote spanningen ontstaan tussen de korpschef B. Klappe en zijn districtschef in Utrecht. Toen Klappe op 31 december 1995 zijn oudejaarsdienst niet precies verrichtte volgens de regels, barstte de bom. Twee brigadiers deden hun beklag bij de korpsleiding in Utrecht: Klappe had die oudejaarsavond gewoon thuis gezeten en niet op het bureau. “Daar was ook geen enkele reden voor”, verklaart de woordvoerder van de ANPV, “er heeft zich die nacht geen incident voorgedaan dat de aanwezigheid van de korpschef noodzakelijk maakte. Bij de rijkspolitie golden deze diensten als grijze of 'potlood'-uren. Tijdens de reguliere diensten werk je wel eens wat langer door, bijvoorbeeld wanneer er een ongeval is gebeurd. Dat kan niet allemaal geregistreerd worden. Deze uren werden dan gecompenseerd tijdens rustiger diensten.” Hij veronderstelt dat de brigadiers bij de districtchef “in een goed blaadje wilden komen”.

De regiokorpsleiding in Utrecht nam de klagende brigadiers echter serieus en stelde een onderzoek in. De conclusie was dat Klappe diende te worden gestraft. Hij moest de oudejaarsuren terugbetalen, extra diensten draaien en zou worden overgeplaatst naar een ander district.

“Dat was absurd en een groot deel van het korps, onze leden voorop, protesteerde. Zij hebben nu te horen gekregen dat ze ook worden overgeplaatst”, zegt de woordvoerder van de bond. Het heeft volgens hem nogal verbazing gewekt dat korpschef Wiarda achter de vergaande maatregel staat. Op Wijk bij Duursteedse chef Klappe na heeft nog niemand een schriftelijke aanzegging ontvangen van deze gedwongen overplaatsingen. “Het is door de burgemeester in de raad meegedeeld en wij wensen nu opheldering. Wat ons betreft gaat het feest niet door”, aldus de ANPV-woordvoerder .