Verzet tegen korting op psychotherapie

Vrijgevestigde psychiaters en psychotherapeuten zijn mordicus tegen de plannen van minister Borst van volksgezondheid om nog maar een beperkt aantal behandelingen voor rekening van de AWBZ te laten komen.

DEN HAAG, 8 AUG. Minister Borst (volksgezondheid) wil flink het mes gaan zetten in het aantal behandelingen door zelfstandig gevestigde psychiaters dat door de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten wordt vergoed. Kwamen tot nu toe negentig zittingen voor AWBZ-rekening, in de toekomst zullen het er nog maar vijftien zijn.

Heeft iemand vanaf medio volgend jaar meer dan vijftien psychiatrische of psychotherapeutische zittingen nodig heeft, dan moet hij die vanaf 1 juli 1997 zelf gaan betalen of zich bijverzekeren. De maatregel moet jaarlijks een besparing van veertig miljoen gulden opleveren. Psychotherapie in poliklinieken en Riaggs blijft binnen de AWBZ. De Tweede Kamer bespreekt de plannen eind deze maand.

De vrijgevestigde psychiaters, aangesloten bij de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie, zijn verontwaardigd over het voornemen van de minister. Ze noemen de voorstellen een “maatschappelijke vergissing”. Als het aantal te vergoeden behandelingen naar vijftien wordt teruggebracht, is een tweedeling in de geestelijke gezondheidszorg het gevolg. Psychiater H.M. Noordzij uit het Zuid-Hollandse Warmond: “Een slimme elite zal zich bijverzekeren, maar de risicogroepen niet. Psychiatrie wordt nog vaak geassocieerd met gek en gevaarlijk voor de omgeving, dus denken veel mensen dat ze zich niet hoeven bij te verzekeren. Die vallen tussen wal en schip. Ze weten niet dat één op de twintig mensen in Nederland vroeg of laat te maken krijgt met een psychiatrische aandoening, meestal een depressie. Bovendien zijn veel psychiatrische aandoeningen familiair bepaald en is het de vraag of verzekeraars deze patiënten zullen accepteren.”

Minister Borst vindt de specifieke deskundigheid van psychiaters het best tot haar recht komen bij de behandeling van zware patiënten in instellingen. Lichtere gevallen kunnen door de zelfstandige gevestigde psychiaters behandeld worden of door psychotherapeuten. Vijftien behandelingen zijn in dat geval voldoende, aldus de minister.

De psychiaters stellen daar tegenover dat ook bij relatief lichte patiënten meer nodig is, medicatie bijvoorbeeld, dan alleen een psychotherapeutische interventie. Ook zullen volgens hen door de maatregel patiënten sneller dan nu in een psychiatrische afdeling van een ziekenhuis worden opgenomen, met alle arbeidsuitval en daarmee samenhangende economische kosten van dien. Ze verwachten bovendien nog langere wachtlijsten bij de nu al overbelaste Riaggs. Volgens de psychiaters behandelen zij een mengeling van zware en lichtere patiënten. De zelfstandige psychiaters hebben een belangrijke taak als het gaat om de patiënten ambulant te houden. Zenuwarts P.B.L. Attema uit het Noord-Hollandse Middelie: “Er is tegenwoordig veel mogelijk met medicatie. Zolang depressieve mensen niet ernstig suïcidaal zijn, kun je ze met praten en pillen thuishouden.”

Volgens psychiaters en psychotherapeuten zijn gemiddeld ten minste ruim dertig zittingen nodig. De Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie verwacht tevens dat de maatregel langdurige psychoanalyse in de vrije praktijk onmogelijk maakt en alleen nog in instellingen zal kunnen plaatsvinden.

De zelfstandige psychiaters zijn het volslagen oneens met de opvatting dat psychiatrie vooral in instellingen het meeste effect zal hebben. Het voordeel van een zelfstandig gevestigde psychiater is dat hij 'mean and lean' kan opereren. Ze omschrijven zich als een kosteneffectieve instelling voor een grote grope mensen onder wie veel relatief zware patiënten. Noordzij: “We hebben een kleine organisatie, zonder veel overhead, we zitten als hoogopgeleide artsen vroeg in de lijn, we hebben snelle contacten met de huisarts, en wij zijn goedkoper.”

Attema: “Alle specialisten zijn de afgelopen decennia de ziekenhuizen in gelokt. Wij psychiaters zijn buiten gebleven. Het nadeel daarvan is dat onze tarieven redelijk krap zijn. Het bruto uurloon voor individuele psychotherapie is de afgelopen jaren teruggebracht van ƒ 143,- naar ƒ 98,50 waarvan de patiënt ƒ 20,- zelf betaalt. We zijn kleine middenstanders. Wie in een ziekenhuis werkt, heeft gemakkelijk de kans om toch een redelijk hoog salaris te verdienen. Daar staat tegenover dat de meeste zelfstandige psychiaters juist uit ontevredenheid uit een instelling waar ze eerder werkten zijn vertrokken. Je hebt in een Riagg of ziekenhuis weinig invloed, je moet voortdurend overleggen. Wij zijn eigen baas.”

Minister Borst schrijft in haar brief aan de Tweede Kamer dat zelfstandig gevestigde psychiaters in West-Nederland en vooral in Amsterdam oververtegenwoordigd zijn. Ook is er volgens haar behoefte aan een 'kwaliteitsimpuls' bij deze categorie psychiaters. Verder doen de psychiaters volgens de minister te weinig aan kostenbeheersing en samenwerking met andere instellingen.

Gelegenheidsopmerkingen, vinden de psychiaters, niet gebaseerd op uitgebreid onderzoek en bedoeld als een stok om de hond mee te slaan. Ook het veelgehoorde verwijt dat zelfstandige psychiaters zich niet toetsbaar opstellen en zich in hun spreekkamer hebben opgesloten, snijdt geen hout, vinden de psychiaters. Er wordt hard gewerkt aan de zogeheten lokale initiatieven waaraan andere medisch specialisten al langer meedoen en die voor de psychiaters in oktober van start gaan. Als resultaat hiervan zijn er nu landelijke en regionale netwerken voor interne toetsing, waarneming en intensivering van de contacten met de huisartsen. Noordzij: “Wij komen onze kamertjes uit.”

Ook de vrijgevestigde psychotherapeuten zijn “mordicus tegen” de plannen van Borst. Voorzitter L. Marselis van de Nederlandse Vereniging van Vrijgevestigde Psychotherapeuten: “Vijftien behandelingen psychotherapie is te weinig.” Ook verwerpen de psychotherapeuten de gedachte dat zware patiënten vooral in de instellingen geholpen moeten worden en de lichtere door de vrijgevestigde psychiaters en psychotherapeuten.