Nagele, een leeg dorpje uitgehakt in hout

Tentoonstelling: De kleine Utopie. Nagele, het ontwerp. Tot eind oktober in Museum Schokland, Middelbuurt 3 Ens/Noordoostpolder. Dag 11-17u. Na 1 sept op maandag gesloten. Na 1 nov alleen in het weekeinde geopend.

Is Nagele het beroemdste dorp van Nederland? Gemeten naar het aantal publikaties in architectuurtijdschriften wel. Het kleine dorp in de Noordoostpolder heeft in architectuurkringen een bijna mythische status gekregen. Met Nagele kregen de aanhangers van het Nieuwe Bouwen, de voorvechters van licht, lucht en ruimte in de architectuur, een kans om te laten zien hoe een nieuw dorp op nieuwe poldergrond moest worden. Dit maakt het dorp uniek: nergens anders in Nederland werd een nederzetting gebouwd die alleen door overtuigde modernisten is vormgegeven.

Liefst drieënderig architecten waren op een of andere manier bij het ontwerp betrokken en de meeste van hun namen behoeven nog steeds geen introductie: Mart Stam, Lotte Stam-Beese, Gerrit Rietveld, B. Merkelbach, C. van Eesteren, A. van Eyck, P. Elling. A. Bodon, M. Ruys enzovoort, enzovoort. Bovendien namen ze ruim de tijd voor het ontwerpen van het dorpje. Nadat in 1947 'de 8', de Amsterdamse vereniging van Nieuwe Bouwers, het verzoek en de kans kregen Nagele te ontwerpen, duurde het tien jaar voor de tekeningen helemaal klaar waren.

De bewoners van Nagele zijn zich zeer bewust van de reputatie van hun dorp. Ze hebben dan ook plannen om in een van de drie kerken van hun nederzetting een permanent informatiecentrum over het ontstaan ervan te maken. Een klein voorproefje van zo'n informatiecentrum is nu te zien in het Museum Schokland. Daar wordt in een bijgebouw van het oude Schoklandse kerkje de wordingsgeschiedenis van het beroemde dorp belicht.

Voor de bezoeker hier arriveert, moet hij een tocht maken door aaneengeschakelde houten huisjes waar een overzicht wordt gegeven van de geschiedenis van Schokland, het eiland in de Zuiderzee dat in 1859 op last van koning Willem III wegens onstuitbare afkalving werd ontruimd maar nooit verdween en zich nu nog steeds zichtbaar als eiland verheft boven de grote akkerzee. Het eilandje is trouwens door de UNESCO als eerste Nederlands monument geplaatst op de Werelderfgoedlijst, waar het staat tussen wereldberoemde bouwwerken als de piramides van Gizeh, de Chinese muur en de gotische kathedraal van Reims.

Het sprekendste onderdeel van de Nagele-tentoonstelling zijn de negen stoelen, die zijn ontworpen door evenzovele Nagele-architecten. Ze zijn zoals je van aanhangers van het Nieuwe Bouwen kunt verwachten: eenvoudige meubels van stalen buizen of houten planken, al kon Merkelbach zich duidelijk niet inhouden getuige zijn krullerige stalen-buizen-fauteuil.

Voor de rest bestaat de expositie uit een aantal maquettes en vooral uit stedebouwkundige plannen in al dan niet gereproduceerde vorm. Een volledig overzicht van de lange wordingsgeschiedenis van Nagele geven ze niet, mede doordat ontwerpen voor afzonderlijke gebouwen als woningen en kerken geheel ontbreken.

Toch maken de stedebouwkundige ontwerpen wel iets duidelijk over de debatten die de wording van Nagele begeleidden. Zo kwam Rietveld al in 1948 met tekeningen waarin alles - de grote leegte in het midden, de stroken woningen enzovoort - als in een Mondriaanschilderij strikt rechthoekig is geordend. De dan nog jonge Aldo van Eyck wil juist een dorpje met een ronde vorm, ongeveer zoals een Afrikaanse nederzetting.

Het is verleidelijk om in de strijd tussen rond en vierkant een voorafschaduwing te zien van de latere kritiek van Van Eyck en andere Forumarchitecten op de modernistische, technocratische, onmenselijke stedebouw. Maar volgens Zef Hemel en Vincent van Rossem, schrijvers van het twaalf jaar oude boekje Nagele, een collectief ontwerp, dat nog in het museum te koop is, gaat het hier om een schijntegenstelling. Het is alsof de auteurs zeggen dat je net zo goed met een kubus kunt voetballen als met een bal, maar ze hebben wel gelijk wanneer ze beweren dat de ontwerpen van Van Eyck in wezen niet zoveel verschilden van die van Rietveld en Kamerling.

Alle architecten vonden al snel dat het dorp van de lege Noordoostpolder moest worden afgescheiden door een bos. “Een dorp uitgehold in hakhout”, zo valt te lezen bij een van de ontwerpen van Van Eyck. Bovendien raakte de groep ontwerpers er al snel van overtuigd dat het centrum van Nagele niet vol maar juist leeg moet zijn. “Het gemeenschapsleven verschijnt hier niet als architectonische massa, als toren, maar juist als de afwezigheid hiervan: open ruimte”, schreef Rietveld.

Rietvelds woorden klinken heel revolutionair, maar als de tentoonstelling in Schokland iets laat zien is dat een leegte als centrum al een lange traditie kent. Naast de ontwerpen van de Nagele-architecten zijn luchtfoto's gehangen van oude Hollandse en Zeeuwse dorpen en stadjes met een groot rond of vierkant plein als centrum - een plein is natuurlijk niets anders dan een leegte.

Toch is Nagele zeker geen traditioneel dorp geworden. Het mooie van de tentoonstelling in Schokland is dat het eindresultaat van al die ontwerpen op een minuut of vijf autorijden van het museum is te zien. Nagele is vaak 'een naoorlogse buitenwijk als dorp' genoemd. Wie Nagele binnenrijdt, waant zich inderdaad even in Amsterdam-West of een andere woonwijk uit de jaren vijftig. Maar wie vervolgens verder kijkt, moet toch vaststellen dat dergelijke wijken niet zo'n immense leegte kennen: het grote grasveld waarop alleen wat bomen en en drie kerken staan, moet minstens een kwart van het vierkante dorpje innemen.

De leegte vertakt zich tussen de lage rijtjes sobere woningen die consequent een plat dak hebben. Het is frappant om vast te stellen hoe dicht het Nagele uiteindelijk is gebleven bij de schets uit de losse pols die Gerrit Rietveld al in april 1948 maakte en die het affiche van de tentoonstelling siert. De tekening is een soort hand met uitgestrekte vingers waarbij de individuele huizen in de ruimten tussen de vingers waren voorzien. “Hierbij een schets voor Nagele”, schreef hij erbij. “Een poging om een dorp te maken uit één stuk. Geen z.g. centrum met een soort buitenwijken. Dit is een dorp dat niet groeit maar in een keer bepaald wordt en dan ook niet het karakter moet hebben van een gegroeid dorp. Het toevallige element vervalt hier.”

Inderdaad, toeval is ver te zoeken in Nagele en het is precies dit en de grote leegtes die het dorp maken tot een superbuitenwijk met meer dan de normale dosis deerniswekkende desolaatheid en steriliteit.