Hoogovens staat sterker in zijn schoenen

IJMUIDEN, 8 AUG. De grote inspanningen die Hoogovens zich de afgelopen jaren heeft getroost om minder vatbaar te worden voor de grillen van de conjunctuur hebben duidelijk resultaat opgeleverd. De afgelopen periode stonden opnieuw alle indicatoren, zowel bij staal als aluminium, op rood.

Het prijspeil van staalproducten zakte zelfs tot nagenoeg het niveau van 1993, het dieptepunt in de vorige conjunctuurcyclus. Dat het concern desondanks in de staaldivisie - qua resultaat nog altijd veel belangrijker dan de aluminiumactiviteiten - een weliswaar lager maar toch positief resultaat behaalde, bewijst volgens bestuursvoorzitter ir. M.C. van Veen dat de gevoeligheid voor de cyclus enigszins is verminderd.

Dat is goed nieuws, want Hoogovens is in het verleden vaak een tamelijk willoze prooi geweest van de internationale conjunctuurontwikkelingen. De ingrijpende kostenbesparingen en effiency-verbeteringen die in het staalbedrijf in IJmuiden in de afgelopen jaren zijn gerealiseerd, werpen nu hun vruchten af. Vorig jaar was dat al te merken, toen profiteerde Hoogovens plotseling veel sterker dan menig buitenstaander had verwacht van een gunstige wending op de staal- en aluminiummarkten. En nu duikt het concern, dat enkele jaren geleden langs de rand van de afgrond balanceerde, niet bij het eerste zuchtje tegenwind in de verliezen.

Dat betekent nog niet dat Hoogovens nu op zijn lauweren kan rusten. De concurrentie zit niet stil, het proces van efficiency-verbetering gaat overal door. Het bedrijf wil dan ook proberen qua produktiekosten per ton staal en wat kwaliteit betreft tot de top van de staalindustrie te blijven behoren. Daarom wordt nu in IJmuiden al serieus gewerkt aan verdere reorganisatie in de staalfabricage. Dat betekent hoogstwaarschijnlijk - uitgewerkte plannen liggen nog niet op tafel - dat in het jaar 2002 zo'n 2000 mensen minder nodig zullen zijn dan thans. Hoogovens wil deze operatie liefst zonder schokken laten verlopen en de uitstoot van banen zo geleidelijk mogelijk over de komende zes jaar spreiden. Dat kan nu waarschijnlijk ook makkelijker omdat de ingrepen niet onder de immense druk van toenemende verliezen staan. En ook de situatie op de Europese staalmarkt heeft een metamorfose ondergaan, sinds eind 1993 de Europese Industrieraad besloot dat alle subsidies aan staalbedrijven moesten worden gestopt. Veel van de onrendabele overcapaciteit in een aantal Europese landen is daarna weggesaneerd en veel staatsbedrijven zijn geprivatiseerd.

Helemaal gerust dat de afspraken van destijds ook zullen worden nagekomen is de Hoogovens-leiding overigens nog niet. Topman Van Veen: “Wij maken ons zorgen over het voornemen van de Waalse overheid om het noodlijdende staalbedrijf Clabecq te voorzien van substantiële financiële steun.” Ook heeft Hoogovens het vermoeden dat de zaken in Italië niet helemaal volgens de afspraken verlopen. Het concern heeft daarover in Brussel al aan de bel getrokken. Nu de staalconjunctuur weer tegenzit, dient volgens hem het risico van overheidssteun aan onrendabele bedrijven snel en efficiënt de kop te worden ingedrukt.

Excelleren door een voortdurende prestatieverbetering is één van Hoogovens strategische doelen. Verder probeert de onderneming met redelijk succes zoveel mogelijk produkten te ontwikkelen met een hogere toegevoegde waarde voor de klant en een hogere opbrengst voor Hoogovens zelf. Een voorbeeld: de dompelverzinklijn die Hoogovens momenteel bouwt samen met het Belgische Sidmar zal zich richten op speciale produkten voor de bouwmarkt. Dezelfde lijn in IJmuiden zal zich specialiseren in hoogwaardig materiaal voor de auto-industrie. Veel zogenoemde dedicated-produkten worden samen met klanten ontwikkeld. Dat geldt bij voorbeeld ook voor drankenblikjes, van staal of aluminium.

De derde pijler waarop Hoogovens' strategie rust is het opbouwen van posities op nieuwe markten, zowel qua produkten als geografisch. Wat dat laatste betreft, ontplooit het concern de laatste tijd nogal wat activiteiten op de groeimarkten in Azië. Hoogovens voorziet dat de productiecapaciteit voor staal in Azië in de komende vier jaar met circa 50 miljoen ton zal toenemen. Toch denkt het bedrijf in die regio te kunnen profiteren door het leveren van hoogwaardige produkten die de nieuwe aanbieders, zeker de eerste tijd, nog niet kunnen leveren.