De grote kracht van Don Leo is zijn peptalk

Omzwervingen over de hele wereld hebben van de Rotterdamse volksjongen Leo Beenhakker een gerespecteerde wereldburger gemaakt. Komend seizoen is hij trainer van Vitesse, een club met ambities.

ARNHEM, 8 AUG. Hij is het prototype van een voetbaltrainer. Wie Leo Beenhakker een paar uur langs de kant van het veld ziet staan, aanschouwt een man die ooit zijn tijd ver vooruit was. Toen het begrip 'uitstraling' nog niet bestond, beschikte Beenhakker al over het charisma van de ideale coach. Lange regenjas, sigaret losjes tussen de vingertoppen, blinkende versieringen om het lijf. En praten kan de nieuwe trainer van Vitesse als geen ander.

Na afloop van het oefentoernooi in Arnhem met het Spaanse Sevilla en het Engelse Blackburn Rovers brengt Beenhakker zijn talenkennis in de praktijk. Omzwervingen over de halve voetbalwereld hebben van de Rotterdamse volksjongen een gerespecteerde wereldburger gemaakt. Hij omhelst zijn oude vriend José Antonio Camacho, ooit een vermaarde schopper bij Real Madrid, dit seizoen als trainer werkzaam bij Sevilla. Beenhakker probeert het povere spel van Vitesse nader te verklaren.

“In z'n algemeenheid moeten we nog veel beter kunnen. De balcirculatie verloopt te traag. Als dat ding steeds maar achterin blijft, kom je er natuurlijk nooit. We spelen nog met de handrem erop. Mijn inbreng moet nog worden bijgesteld. In de intentie zijn we op de goede weg, maar dat geldt natuurlijk voor de meeste clubs. Je weet in deze fase van de voorbereiding dat het lek boven water komt, alleen kieper je af en toe weer even naar beneden. Dit toernooi is een aardige tussenbalans, maar meer ook niet.”

De woorden rollen als vanzelfsprekend uit de mond van de vlotte babbelaar. Vergeleken met de meeste collega's formuleert Beenhakker nagenoeg foutloos. Het jargon mag doorspekt zijn van clichés, blijkbaar is er nog genoeg belangstelling voor de man die volgens veel topvoetballers over opvallend weinig speltechnische kwaliteiten beschikt. Nico van Zoghel, zijn huidige keeperstrainer bij Vitesse, beklaagde zich als doelman van Go Ahead Eagles over de onbruikbare ballen die zijn toenmalige coach op hem afvuurde. De kracht van Beenhakker zit hem in de pep-talk. “Niet lullen maar poetsen”, luidt zijn credo.

Bij Vitesse is men afgelopen zomer gezwicht voor de man die in de loop der jaren een paar hoogtepunten en veel dieptepunten heeft gekend. Na omzwervingen in binnen- en buitenland is de 54-jarige trainer inmiddels toe aan zijn twintigste werkgever. Sinds zijn vertrek bij Ajax, vlak na het begin van het seizoen 1991-'92, is het in sportief opzicht minder goed verlopen. Hij trainde clubs in de marge en werd bovendien een paar keer vroegtijdig aan de kant gezet. “Een verschil in cultuur”, verklaarde Beenhakker zijn ontslag in zowel Saoedi-Arabië als Turkije. “Ik hunker naar Nederland”, verklaarde hij zijn snelle terugkeer uit Mexico.

Vitesse wil een nationale topclub worden, voorzitter Karel Aalbers heeft zijn hoop gevestigd op een nieuw stadion en veel nieuwe supporters. Het gemiddelde van ongeveer zesduizend bezoekers per thuiswedstrijd moet de komende jaren danig worden opgeschroefd. Het knusse Monnikenhuizen maakt in de zomer van het volgend jaar plaats voor een multifunctionele accommodatie, Gelredôme. En bij een modern stadion hoort een moderne trainer, zo luidt de filosofie van Aalbers.

De ambities van de Arnhemse club reiken verder dan een gewaardeerde hulptrainer als Frans Thijssen kan verwezenlijken. De ietwat verlegen oud-international maakte afgelopen voorjaar indruk op de spelersgroep. Thijssen is een man van de praktijk, zijn kap-en draaitechniek wordt in menig handboek zorgvuldig uitgelegd. Na het ontslag van Ronald Spelbos werd Thijssen naar voren geschoven als de nieuwe trainer, maar de wens van het publiek kwam niet overeen met de beslissing van voorzitter Aalbers.

In de schaduw van zijn nieuwe baas toont Thijssen zich een waardige assistent. Naast het maatkostuum van Beenhakker valt zijn vrijetijdskleding een beetje uit de toon. Ook het eenvoudig geknipte kapsel van Thijssen steekt schril af bij de golvende haardos van Don Leo. Bij wedstrijden zit de assistent bijna onzichtbaar in een tuinstoel langs de kant, de hoofdcoach verandert daarentegen veelvuldig van pose. De handen in de zakken, de handen door het haar, de handen druk gebarend. En elke klaarstaande wisselspeler wordt uitvoerig ingelicht over de taken die hij binnen de lijnen moet uitvoeren.

“Eén van mijn kwaliteiten is dat ik mijn spelers prettig gestoord het veld kan inpraten”, heeft Beenhakker in het verleden ooit gezegd. De vraag lijkt gerechtvaardigd of zijn werkwijze zo langzamerhand niet is uitgewerkt. Uitstraling alleen is niet genoeg in de wereld van triootjes, rondootjes en dode spelmomenten. Vraag de mening van de meeste Ajacieden en zij zullen het vertrek van Beenhakker uit de Amsterdamse Meer met terugwerkende kracht toejuichen.

De voetballers van Vitesse zijn voorlopig nog zoekende naar een nieuwe huisstijl, zoals de trainer de speelwijze omschrijft. Na de 1-1 tegen Blackburn Rovers volgde gisteravond de 1-0 nederlaag tegen Sevilla. Vitesse speelde saai en voorspelbaar. Vooral in de achterhoede maakte de ploeg een slordige indruk. Beenhakker blijft een geboren optimist.

“Trainen en praten, meer wapens heb ik niet. Ik gok de komende dagen op een dialoog. Ik leg de problemen altijd eerst bij de spelers neer. Het zou natuurlijk niet gezond zijn als het hele spul nu al op de rails stond. Dan zou ik hier al overbodig zijn. Terwijl ik het hier in Arnhem bij Vitesse juist zo fantastisch naar mijn zin heb.”