Zal televisie 'Panorama-niveau' ontstijgen?

Wie naar de kiosk gaat, heeft een geweldig aanbod in alle genres en op allerlei niveaus van cultuur en intellectualisme. De Bildzeitung kun je kopen, een ordinair boulevard-blad met veel sensatie en plaatjes, maar ook de zeer serieuze Frankfurter Allgemeine Zeitung, vol loodzware beschouwingen en analyses.

De Panorama kun je kopen, een blad voor eenvoudigen van geest (en wie is eigenlijk niet met enige regelmaat graag eens eenvoudig van geest), maar ook de Groene Amsterdammer, waar men het cultureel diepgravend essay over twee bladzijden druk geenszins schuwt.

Het commercieel succes van deze uitgaven verschilt, maar ze hebben allen hun plaats. En aangezien kranten en tijdschriften overal ter wereld op commerciële basis worden uitgegeven, moet er bij al die publicaties toch ook van een zeker rendement sprake zijn. De Groene Amsterdammer moge dan slechts door ruim tienduizend lezers wekelijks genoten worden, de redactie zal dat - mag ik aannemen - een zorg zijn zolang de krant maar het hoofd boven water kan houden.

Het is trouwens geenszins gezegd dat cultureel hoogwaardige publicaties immer klein en commercieel marginaal zouden moeten zijn. De krant die u thans onder ogen heeft, is dat bijvoorbeeld niet, en zo kent Nederland nog meer kwalitatief hoogwaardige dagbladen. Dat de grootste kranten in Nederland, en ook in de rest van de wereld, van wat populairder snit zijn, kan men wellicht betreuren maar is voor de hoogwaardiger publicaties geen regelrechte bedreiging.

Eerder koesteren uitgevers hun hoogwaardige uitgaven: de meer populaire publicaties, zo wordt vaak gedacht, hebben in de toekomst vermoedelijk het meest te lijden van andere media als televisie. Als het geschreven woord nog een toekomst heeft, en daarvan gaan we uit, dan is het voor een hoger opgeleid of anderszins geïnteresseerd publiek. De bezoeker van de kiosk op zoek naar een hoogwaardige informatie, hoeft de komende jaren niet te vrezen niets meer van zijn gading te zullen vinden.

De geïnteresseerde televisiekijker daarentegen leeft eigenlijk bij voortduring op het niveau van de Panorama. Niet dat de programma's waarmee wordt geprobeerd grote massa's aan te lokken niet vaak met veel liefde, inventiviteit en originaliteit gemaakt worden, maar de inzet is bijna steeds het niveau van de Panorama, zelfs wanneer de programma's worden gemaakt door de omroepen van het publieke bestel, waar commercieel gewin toch in principe geen rol zou moeten spelen. Zelfs voor het televisie-equivalent van de Groene Amsterdammer, sommige uitzendingen van de VPRO of de NPS, is toegankelijkheid voor een groot publiek toch vaak een belangrijker zorg dan bij de serieuze geschreven pers. Bij andere omroepen zijn 'moeilijke' uitzendingen over het algemeen met een lantaarntje te zoeken.

Niemand schijnt zich daarover werkelijk te verbazen. Dat televisie massaal toegankelijk en begrijpelijk moet zijn, is een alom aanvaard dogma, en niet alleen in Nederland. Wie nooit iets anders zou zien dan de Nederlandse televisie, en wat er nog meer op de gemiddelde Nederlandse kabelaansluiting te zien is, zou haast gaan denken dat er op het gebied van bewegend beeld in deze wereld weinig wordt gefabriceerd, wat een beroep doet op de intellectuele vermogens. Dat is natuurlijk niet zo: elk jaar verdringen tienduizenden Nederlanders zich bijvoorbeeld op het Filmfestival Rotterdam of het festival voor documentaire films in Amsterdam, en zoeken en vinden intellectueel hoogwaardige produkten.

Die films zie je echter zelden of nooit op de televisie, waar een uitzending nog als volkomen mislukt geldt, als hij tien keer het aantal lezers van de Groene Amsterdammer behaalt.

Maar dat gaat veranderen: door de explosieve groei van het aantal zenders, de toename van het aantal thema-kanalen, de digitalisering en de grootscheepse invoering van pay per view zal iedere kijker die dat wil het Panorama-niveau over een paar jaar kunnen laten voor wat het is, en zijn eigen voorkeursprogramma samenstellen. En in die situatie zal een uitzending al als een groot succes gelden, als hij de helft haalt van het aantal lezers van de Groene Amsterdammer. Ik hoop het tenminste. Ik kan haast niet wachten.