Wie is de baas?

Minister Voorhoeve wilde overste Karremans deskundig laten voorbereiden op zijn getuigenis voor het Joegoslavië-tribunaal. De legerleiding was daar tegen en dat betekende dat een onvoorbereide Karremans een getuigenis aflegde die Nederland geneerde en de bewindsman onthutste.

Een bewindspersoon kan wel eens moeite hebben iets door te drukken bij een grote overheidsinstantie. Zo vond staatssecretaris Vermeend (Financiën) het precies een jaar geleden nodig zijn belastingambtenaren er nadrukkelijk op te wijzen dat hij en niemand anders het beleid bepaalt. In diezelfde dienstaanwijzing liet Vermeend weten dat er een studie naar het 'beroeps- en cassatiegedrag' van zijn inspecteurs plaatsvindt. Daar is overigens sindsdien niets meer van vernomen.

Dat heeft het liberale Kamerlid Bibi de Vries er niet van weerhouden zelf het procesgedrag van belastinginspecteurs kritisch te volgen. Bijna een jaar geleden wees zij Vermeend op een aantal gevallen waarbij inspecteurs niet waren komen opdagen op de rechtszitting om opgelegde aanslagen te verdedigen. Vond de bewindsman dat ook onaanvaardbaar? De routinier Vermeend was te slim om in zijn antwoord de kwalificatie 'onaanvaardbaar' over te nemen. Dat zou zeker gedonder geven als het 'onaanvaardbare' gedrag zich zou herhalen. Vermeend vond het 'belangrijk' dat inspecteurs hun aanslagen tegenover een rechter verdedigen. Overigens zou het slechts incidenten betreffen; fouten die zeker niet meer zouden voorkomen. In oktober bond de staatssecretaris zijn inspecteurs nog eens uitdrukkelijk op het hart altijd aan de oproep van een belastingrechter gehoor te geven. Mevrouw De Vries was tevreden tot ze dit jaar opnieuw signalen kreeg dat er inspecteurs op rechtszittingen wegbleven. Daar kwamen twee gevallen bij die de Staatscourant haalden. Beide laatste rechtszaken werden door de Belastingdienst nodeloos verloren. In één geval verweet de Haagse belastingrechter mr. Ilsink de betrokken inspecteur onprofessioneel gedrag. Deze belastingambtenaar had wel een hoge aanslag opgelegd maar die tegenover de rechter schriftelijk noch mondeling verdedigd. Het VVD-Kamerlid vraagt zich nu af in hoeverre Vermeend zijn dienst helemaal in de hand heeft.

Natuurlijk kan het zo zijn dat het opnieuw om een incident gaat. De fiscus voert duizenden procedures en dan kan er wel eens wat mis gaan. Je zou zeggen dat mevrouw De Vries er zelf de uitspraken van de belastingrechters op na kan slaan om te zien in hoeverre het om incidenten gaat. Maar daar zit het vreemde: volksvertegenwoordigers noch gewone mensen kunnen de verzamelde uitspraken van belastingrechters inzien. De belastingrechtspraak vindt achter gesloten deuren plaats. De rechters zelf bepalen welke zaken (geanonimiseerd) bekend mogen worden en welke zaken geheim blijven.

In Amerika is eens onderzoek gedaan naar de selectie die rechters in een vergelijkbare situatie toepasten. Daar bleek dat de rechters de neiging hadden uitspraken waar ze eigenlijk niet zo gelukkig mee waren, maar niet te publiceren. Van andere zaken maakten ze een miscalculatie van het politieke, juridische of maatschappelijke belang. Misschien zijn zulke menselijk trekjes aan de Nederlandse rechters vreemd. Maar daar is twijfel over. Zo diende de PPR ooit een initiatiefwetsvoorstel in voor een speciale positie van de weigeraars van zogenaamde defensiebelasting. De Tweede Kamer schortte de behandeling daarvan op in afwachting van een aangekondigde uitspraak van de Hoge Raad over zo'n belastingweigeraar. Daar wacht de Kamer nu nóg op, terwijl de Raad de zaak al jaren geleden afhandelde. De Hoge Raad vond het allemaal juridisch zo onbenullig dat de uitspraak nooit openbaar is gemaakt. Andere zaken die niet naar buiten kwamen omdat de rechters op het juridische gehalte ervan neerkeken, bleken maatschappelijk interessant genoeg om de krant te halen toe ze langs een omweg toch naar buiten kwamen.

Er is er overigens één die alle zaken wel kent en dat is de Belastingdienst. Van de opmerkelijke informatievoorsprong die de rechters de fiscus gunnen, maakt de goed georganiseerde dienst uiteraard dankbaar gebruik. Omdat alleen de Belastingdienst weet hoe vaak een inspecteur ter zitting verstek laat gaan, wil mevrouw De Vries dat Vermeend daar bij zijn onderzoek naar het procesgedrag op ingaat.

Om haar controlerende taak als volksvertegenwoordiger waar te kunnen maken, wil Bibi de Vries toegang tot de (geanonimiseerde) belastingrechtspraak. Dat lukt tot op heden niet. Ook de D66-fractie heeft er ooit vergeefs moeite voor gedaan en lijkt nu moegestreden. Het is een vreemde situatie dat de rechterlijke macht tot op het niveau van de Hoge Raad zelf uitmaakt welk deel van zijn rechtspraak aan de wetgevende macht bekend mag worden. Ook al is het een selectie met de beste bedoelingen, het principe is fout. Als parlementariërs inzicht willen hebben in de rechtspraak, dan moeten de Hoge Raad en de andere belastingrechters zich niet achter hun onafhankelijkheid verschuilen om tegen die wens in een selectie toe te passen. Dat dit toch gebeurt, is een feit waar de Kamer niet omheen kan. Maar staatssecretaris Vermeend valt wel onder parlementair toezicht. Nu zijn belastingdienst ook over de fiscale rechtspraak beschikt, is het begrijpelijk dat de VVD zich tot de bewindsman richt. Als die voor de nodige openheid zorgt, kan de Kamer zich onafhankelijk van het eigen onderzoek van de staatssecretaris een beeld vormen van het procesbeleid van de Belastingdienst.