Mostar

DE KROATEN VAN Mostar hebben ten langen leste ingebonden. Onder Amerikaanse en Europese druk hebben zij ingestemd met het functioneren van het onlangs gekozen pluriforme gemeentebestuur. Daarin hebben zij tegen hun berekeningen in geen meerderheid. Met allerlei chicanes hebben zij dan ook geprobeerd de verkiezingsuitslag te diskwalificeren en het stadsbestuur onwerkbaar te maken.

De Europese Unie, die twee jaar geleden, na de oorlog tussen Kroaten en moslims in Bosnië en Herzegovina, het gespleten en halfverwoeste Mostar onder haar hoede had genomen, heeft de afgelopen dagen regelmatig gewaarschuwd haar handen van de stad af te zullen trekken als de Kroaten bleven weigeren mee te werken. De goodwill van Europa is voor de Kroaten belangrijk genoeg gebleken om dat op het oog merkwaardige dreigement betekenis te geven.

De ruzie over Mostar is karakteristiek voor het gevaar dat Bosnië-Herzegovina nog steeds loopt. De overeenkomst van Dayton heeft de toestand min of meer bevroren, maar de drijfveren voor Kroaten en Serviërs om hun oude plannen nog eens ten uitvoer te brengen en Bosnië-Herzegovina ten koste van de moslimbevolking te verdelen zijn niet weggenomen. Het verzet in Mostar mocht voor een deel voor rekening zijn gekomen van plaatselijke mafiosi die geen belang hebben bij een geregeld bestuur, de stuwende krachten op de achtergrond bevonden zich in Zagreb. Voor hen is de door de Amerikanen afgedwongen federatie van Kroaten en moslims niet meer dan een maskerade waaraan een eind moet worden gemaakt zodra het internationale toezicht wegvalt.

DE EERSTE CONCLUSIE uit de gebeurtenissen in Mostar kan zijn dat de kansen voor de aanstaande landelijke verkiezingen zijn verbeterd. Waarschijnlijk zullen zij langs etnische lijnen worden afgewikkeld. Slechts de partijen die in de verschillende delen van Bosnië-Herzegovina het etnische alleenvertoningsrecht hebben, worden in staat geacht resultaat te boeken. Maar de oplossing die voor Mostar is gevonden, kan als voorbeeld dienen voor het land als geheel. Uiteindelijk zullen de verschillende volksvertegenwoordigers en bestuurders ook op landelijk niveau moeten samenwerken om de wederopbouw daadwerkelijk ter hand te nemen.

De tweede conclusie moet helaas zijn dat zelfs als die verkiezingen tot een min of meer functionerend landsbestuur leiden, de kans op een latere terugval niet is uitgebannen. De Amerikaanse aanpak is vooral gericht op een militaire versterking van moslims en Kroaten zodat zij zich de Serviërs van het lijf kunnen houden zodra IFOR zal zijn vertrokken. Het risico daarvan is dat beide groepen die wapens opnieuw tegen elkaar zullen inzetten. Europa beschikt niet over de machtsmiddelen waarmee het militaire evenwicht tussen de verschillende volksdelen in stand kan worden gehouden. Maar het heeft een andere troef: zijn welvaart waarvan het anderen kan laten meedelen. Goed gedrag wordt beloond, misdragingen worden gestraft met uitsluiting.

DE GANG VAN ZAKEN in Mostar zou als een eerste voorzichtig teken kunnen worden uitgelegd dat Europa met succes een zeker overwicht laat gelden. Dat zou op zichzelf een nieuw verschijnsel zijn. Maar als dat teken niet bedriegt, zijn er mogelijkheden om Bosnië-Herzegovina op weg te helpen naar een betere toekomst. De krachten die op een permanente verdeling uit zijn, zijn nog lang niet overwonnen - zoals in Mostar is gebleken. Maar het is minder zeker geworden dat zij de langste adem hebben.