Echtpaar verwijt AZL geboorte van hun dochter

LEIDEN, 7 AUG. De ouders van de tweejarige Kelly uit Leiden hebben het Academisch Ziekenhuis Leiden (AZL) voor de rechter gedaagd omdat zij het ziekenhuis de geboorte van hun dochter verwijten. Het meisje is geestelijk en lichamelijk gehandicapt ter wereld gekomen. Dit had volgens de ouders voorkomen kunnen worden als tijdens de zwangerschap bij de vrouw een vruchtwaterpunctie of vlokkentest was uitgevoerd.

Deze zou hebben uitgewezen dat het kind een zeldzame genetisch afwijking had, en dat had de ouders doen besluiten het kind te laten aborteren.

De moeder zegt tot twee keer toe de verloskundige gevraagd te hebben nader genetisch onderzoek te doen. Volgens de advocaat van het echtpaar, F.B. Kloppenburg, heeft de behandelend verloskundige het verzoek om nader onderzoek “weggewuifd”. Het verzoek werd gedaan nadat de vrouw twee keer een miskraam had gehad en omdat een neef van de vader van het kind een genetische afwijking heeft waardoor hij een vegeterend bestaan leidt.

De verloskundige zou volgens de moeder van Kelly niet op het verzoek zijn ingegaan omdat de kans op erfelijke afwijkingen te verwaarlozen was; de vrouw was immers jonger dan 36 jaar, zij dronk en rookte niet en bovendien was er geen reden tot ongerustheid over de erfelijke afwijking bij de neef omdat die heel zeldzaam was. De verloskundige meende dat nader onderzoek of verwijzing naar de gynaecoloog op basis van de gegevens die zij toen had, niet nodig was.

Daarbij, zo stelt de raadsman van het ziekenhuis R. Overeem in zijn antwoord op de dagvaarding, was er in 1988 na twee miskramen ook een gezond kind geboren. Bij de eerdere miskramen en bij de geboorte van de oudste dochter is door de ouders geen melding gemaakt van een chromosale afwijking binnen de familie. Volgens Kloppenburg zijn de ouders pas later door weer een ander familielid op de samenhang van de miskramen en de genetische afwijking van de neef geattendeerd.

In januari 1994 werd Kelly geboren. Zij bleek dezelfde zeldzame afwijking te hebben als het verre familielid. Zij is meervoudig lichamelijk en geestelijk gehandicapt als gevolg van een translocatie van chromosomen 4 en 18. Ook heeft zij een ernstige hartafwijking. Hoe haar ziektebeeld zich zal ontwikkelen, is volgens de artsen niet te zeggen. De ouders weten slechts dat het meisje huilt, pijn heeft en meer in dan buiten het ziekenhuis gelegen heeft.

Gisteren heeft de rechtbank in Den Haag besloten dat er schriftelijk verder wordt geprocedeerd. Een uitspraak kan nog jaren op zich laten wachten. De ouders blijven het ziekenhuis en de verloskundige onzorgvuldigheid verwijten. Kloppenburg: “Zij vinden dat het ziekenhuis hun de mogelijkheid heeft ontnomen de zwangerschap af te breken. De moeder voelt zich schuldig dat haar dochter geboren is en zij lijdt daar psychisch onder.”

De ouders hopen dat de rechter vaststelt dat er sprake is van een medische fout en dat hij daar een schadebedrag tegenover stelt. Het ziekenhuis heeft als uitgangspunt dat van een “duidelijke fout” niet gesproken kan worden. Het ondersteunt deze stelling met het feit dat er voor verloskundigen in zo'n situatie geen richtlijnen voor verwijzing zijn vastgelegd.

Kloppenburg vordert tevens een schadebedrag voor zowel de moeder, de vader als de dochter zelf. Dit laatste is volgens de advocaat een 'juridisch novum'. De eis tot schadevergoeding namens het kind is gebaseerd op een zogenaamde 'wrongful-life actie'. Men spreekt van zo'n 'vordering wegens onrechtvaardig bestaan' als de ouders haar namens het kind instellen. De moeder zegt eigenlijk namens het kind: “Ik had ook niet geboren kunnen worden, dan had ik nu geen ellendig leven.”

Er zijn totnutoe wel claims ingediend voor afwijkingen ontstaan door een medische fout bij de geboorte. In zo'n geval kan men de gevolgen van de medische fout afzetten tegen het bestaan dat een gezond kind leidt. Op grond daarvan kan men de hoogte van een schadeclaim berekenen. In het geval van Kelly kunnen de aansprakelijkheid en een eventueel schadebedrag niet op die manier vastgesteld worden omdat er tijdens de geboorte geen medisch fout gemaakt is maar, volgens de advocaat, al vóór de geboorte. Kloppenburg: “Het is dus niet relevant het leven van Kelly te vergelijken met een ongehandicapt kind. In alle redelijkheid hebben we de grens bereikt dat we kunnen zeggen 'dit kind had er beter niet kunnen zijn'.”

Het ziekenhuis wijst de schadevergoeding op grond van de 'wrongful-life actie' van de hand. In Nederland en daarbuiten wordt aan een door een medische fout gehandicapt ter wereld gekomen kind geen zelfstandig vorderingsrecht toegekend, aldus de advocaat van het ziekenhuis.

Het AZL wil verder niet inhoudelijk op de zaak in gaan. Woordvoerder D. Ketting van het ziekenhuis beroept zich op de wet op de privacy die hem verbiedt mededelingen te doen over patiënten of over ex-patiënten. In het algemeen zegt hij dat een vruchtwaterpunctie of vlokkentest alleen op medische indicatie toegepast wordt.

Bij het opsporen van ernstige afwijkingen bij het ongeboren kind (prenatale diagnostiek) wordt gebruik gemaakt van twee methoden: de vruchtwaterpunctie of de vlokkentest. Deze testen zijn niet geheel ongevaarlijk. In sommige gevallen leidt het onderzoek tot een miskraam (vlokkentest bij 2,5 procent van de zwangeren, vruchtwaterpunctie bij 1 procent van de zwangeren). Een nadeel van de vruchtwaterpunctie is dat die pas kan gebeuren als er voldoende vruchtwater is (rond de 16e week). Dat heeft als consequentie dat er dan voor de ouders nog maar weinig bedenktijd is, want een eventuele abortus moet dan al snel plaats vinden.

Bij een vruchtwaterpunctie wordt met een holle naald door de buikwand vruchtwater opgezogen dat onderzocht wordt. In vijf procent van de gevallen wordt naar aanleiding van dit onderzoek tot een abortus besloten.

Op 5 november wordt de civiele procedure schriftelijk voortgezet.