Bijna failliete Eurotunnel beleeft topmaand

PARIJS, 6 AUG. Eurotunnel heeft de beste maand in zijn bestaan achter de rug. Het auto-, vracht- en treinverkeer is bijna verdubbeld ten opzichte van vorig jaar juli. Het bedrijf zou dit jaar voor het eerst winst maken, ware het niet dat het probleem van de schuldenlast een faillissement gestaag dichterbij brengt.

De Kanaaltunnel vervoerde in juli 234.400 auto's en 5.700 bussen. Dat was het dubbele van juli '95 en 31 procent meer dan in juni '96. Het vrachtverkeer steeg in een jaar 35 procent tot 214.000 ton. De opvallende groei wordt verklaard uit de nieuwe commerciële aanpak die sinds mei een waaier van (soms gehalveerde) tarieven te zien geeft.

Ook het verkeer met de Eurostar, de passagierstrein door de tunnel die wordt geëxploiteerd door de Franse en Belgische Spoorwegen en de private EPS in Engeland, is tot nog toe met 72 procent gegroeid in een jaar. In '95 namen 3 miljoen mensen de Eurostar, een marktaandeel van enige tientallen procenten op de Kanaalroute, maar ver beneden de ruim 10 miljoen passagiers per jaar waar de directie van Eurotunnel voor 1995 op had gemikt.

Het succes van Eurotunnel laat zich ook aflezen aan de moeite die de veerboten Dover-Calais en de luchtvaart op de route Londen-Parijs ondervinden. Op de vliegverbinding is een daling van het reizigersaanbod van bijna 20 procent genoteerd, terwijl de Kanaalveerboten een zodanige klap hebben gekregen dat zij aan de Britse regering toestemming hebben gevraagd gedeeltelijk samen te gaan. De winstgevendheid voor alle concurrenten krijgt verder te lijden als in 1998 de tax free-verkopen binnen Europa vervallen.

Terwijl Eurotunnel in twee jaar aardig op weg is zijn doelstelling (de helft van de Kanaalvervoersmarkt) te halen, stevent het Frans-Britse bedrijf gestaag op een faillissement af. Sinds september '95 betaalt het geen aflossing en rente meer op de schuldenlast van 25 miljard gulden. Na nieuw uitstel hebben de bemiddelaars Robert Badinter en Lord Wakeham tot eind september om een compromis tussen het syndicaat van 225 banken en Eurotunnel te vinden. Lukt dat niet, dan lijkt een faillissement onafwendbaar. De kleine geldschieters betalen voor premier Thatchers ideologisch bepaalde eis dat de tunnel voor 100 procent met privaat geld gefinancierd zou worden, terwijl de overheden zich met alles bleven bemoeien.